|
12 okt 2000
Onderdeel:
Wageningen-UR
Nummer:
0030_2
Onder ecologen is grote onenigheid ontstaan over het belang van biodiversiteit - de rijkdom aan planten- en dierensoorten - voor de gezondheid van ecosystemen. De Wageningse hoogleraar natuurbeheer prof. dr. Frank Berendse is een van de hoofdrolspelers in het debat: ,,Dat soortenrijkdom goed is voor de stabiliteit van ecosystemen is nooit aangetoond''.De strijdende partijen bekritiseren elkaars onderzoek en 'wetenschappelijke objectiviteit' op felle wijze op bijeenkomsten, in tijdschriften en op het internet. De gemoederen zijn verhit naar aanleiding van het uitbrengen van een voorlichtingsbrochure over biodiversiteit door de Ecological Society of America (ESA). Het behoort tot de serie 'Issues in Ecology' die een grote impact heeft omdat het gelezen wordt door een breed publiek waaronder politici. De auteurs stellen hierin dat een verder verlies aan planten- en diersoorten desastreus is omdat hierdoor de ecosystemen op aarde sneller zullen aftakelen.'Een eenzijdige voorstelling van zaken' en onterecht voorgesteld als de mening van alle 7700 ESA leden, stellen critici waaronder hoogleraar Natuurbeheer en Plantenecologie Berendse van Wageningen Universiteit. Samen met zeven andere vooraanstaande ecologen heeft hij de aanval ingezet in het Bulletin van de ESA en op de internetsite van het tijdschrift Science (www.sciencemag.org). Zij beschuldigen de auteurs van de ESA folder ervan hun 'meningen voor te stellen als feiten' en alleen te verwijzen naar onderzoeksresultaten die milieuactivisten willen horen en 'politiek correct' zijn. Bovendien zou niet al het geciteerde onderzoek betrouwbaar zijn. Berendse: ,,Dat soortenrijkdom goed is voor de stabiliteit van ecosystemen is nooit aangetoond. De auteurs van het stuk verwijzen naar eigen onderzoek, maar de vele kritieken hierop vermelden ze niet.'' Berendse wijst bijvoorbeeld op de 'Biodepth'-experimenten in Europa. De onderzoekers vonden in experimentele grasveldjes dat de productiviteit toenam naarmate er meer grassoorten in stonden. Ze concluderen dat een grotere soortenrijkdom leidt tot een hogere productiviteit door een betere benutting van water en voedingsstoffen. Dit zou leiden tot een grotere stabiliteit van het ecosysteem. Een andere verklaring is volgens Berendse echter dat als er meer plantensoorten in een veld staan, de kans ook groter is dat er een snelgroeiende soort bij zit en dat daardoor de totale productiviteit hoger is. Een soortenrijk veld hoeft dus niets beter te zijn dan monocultures van snelgroeiende soorten. Berendse stelt ook dat in de natuur de productiviteit meestal hoger is als er juist weinig soorten voorkomen. Wel benadrukt hij dat het uitsterven van planten en dieren moet worden voorkomen omdat ze allemaal nuttige functies in ecosystemen vervullen.| H.B.
|