|
7 dec 2000
Onderdeel:
Wageningen-UR
Nummer:
0034_3
Minister Herfkens van ontwikkelingssamenwerking heeft drie miljoen gulden toegezegd voor het voortzetten van een onderzoeksprogramma naar resistente gewassen in het Andesgebergte. In het project gaan onderzoekers samen met boeren op zoek naar duurzame oplossingen voor ziekten en plagen die lokale gewassen zoals de pofboon en 'indianenrijst' belagen. Het project Preduza (Proyecto Resistencia Duradera en la Zona Andina) staat onder leiding van plantenveredelaar dr. Pim Lindhout, en ondersteunt lokale veredelingsinstituten bij het zoeken naar duurzame resistentie. Het programma loopt al sinds 1996. Tot de onderzochte gewassen horen lokale variteiten van bekende gewassen als mas, graan en aardappel, maar ook gewassen die buiten de Andes niet voorkomen, zoals quinoa (indianenrijst) en de pofboon. Die laatste wordt als een soort popcorn gepoft en als lekkernij gegeten. Voor de lokale bevolking vormt de boon een belangrijke bron van eiwit. De pofboon wordt echter bedreigd door de schimmelziekte Anthracnose. Die schimmel maakt de boon ongeschikt voor consumptie. Hij tast de bonen aan en vermindert de 'pofkwaliteit'. Onderzoekers zijn samen met boeren op zoek naar een oplossing van dit probleem. Zij brengen de genetische variatie van de bonen in kaart en voeren een veredelingsprogramma uit dat de bonen duurzaam resistent maakt tegen de schimmelziekte. In veel veredelingsprogramma's zoeken kwekers naar planten die geheel resistent zijn tegen een ziekteverwekker. De resistentie in zulke planten wordt vaak veroorzaakt door n gen. Die aanpak heeft het voordeel dat hij vaak snel resultaat oplevert, maar heeft ook zo zijn nadelen. Ziekteverwekkers passen zich soms snel aan en doorbreken de resistentie. Bij de aardappelziekte Phytophthora is het voorgekomen dat een resistentie al werd doorbroken tijdens de testperiode van een nieuwe 'resistente' variteit. Bij selectie op duurzame resistentie voor de Andesgewassen gebruiken de onderzoekers een andere tactiek. Zij gaan op zoek naar planten die slechts gedeeltelijk resistent zijn. Dergelijke resistenties houden vaak langer stand in de strijd met de ziekteverwekkers omdat hun weerstand gebaseerd is op meerdere genen. De plant zet dus meerdere wapens in tegen de ziekteverwekker. De kans dat een ziektekiem een weerwoord vindt op alle wapens is klein. Ziekteverwekkers zullen daarom minder snel de resistentie doorbreken. De basis voor deze methode voor duurzame veredeling werd overigens gelegd door de inmiddels gepensioneerde Wageningse hoogleraar prof. dr. Jan Parlevliet. Hij vond op deze manier een duurzame resistentie tegen dwergroest in gerst. | K.V.
|