,,De lichtvisserij op sardine, ansjovis en andere pelagische vissen in de Molukse kustwateren is een van de meest onzekere visserijen ter wereld. De vissers, die 's nachts met lampen vis proberen te lokken, hebben soms geluk maar komen ook geregeld met lege netten thuis.'' Ir Hans van Oostenbrugge onderzocht hun onzekere bestaan van nabij.,,De helft van de dagen vangen ze niks, en als ze wat opvissen, kan dat een paar ton vis zijn maar even zo makkelijk slechts tien kilo vis.'' Van Oostenbrugge voer mee met de vissers in hun kleine bootjes en liet hen logboeken bijhouden. ,,Het gaat hier om kleine pelagische vissen, die normaliter in relatief diepe, open kustwateren voorkomen. Het probleem voor de vissers is hier dat de grote scholen vis door de zee kruisen op schijnbaar willekeurige manier. Ze kunnen er geen pijl op trekken.''
De onderzoeker ging aan de hand van satellietbeelden en eigen metingen op zee na waar het plankton zich bevindt, het voedsel van pelagische vissen. Hij ontdekte zekere ruimtelijke patronen rond Ambon en de Lease-eilanden, maar die zijn van een te grote schaal en niet stabiel genoeg voor de vissers om er voordeel uit te trekken. Als ze hierop af willen gaan, zouden de vissers geregeld honderden kilometers moeten afleggen, en zelfs dan is de kans groot dat ze te laat zijn of net naast de grote scholen vissen.
,,Vergelijk het met de industrile visserij voor de Westkust van Afrika. Daar varen megaschepen die wel satellietbeelden gebruiken, maar die vissers kunnen het zich veroorloven om grote reizen te maken en tien dagen niets te vangen. Want als ze uiteindelijk de scholen vinden, hebben ze soms in een paar dagen het ruim vol met honderden ton vis.'' De vissers op Ambon hebben te kleine bootjes om op zo'n manier te vissen, en kunnen geen hoge brandstofkosten betalen. Om de grote onzekerheid het hoofd te bieden, vissen ze 's nachts en hebben ze allerlei andere baantjes nodig.
Gebruik van modernere instrumenten zoals een sonar zou wonderen kunnen verrichten, zegt Van Oostenbrugge, maar dit moet wel samengaan met een ander vispatroon. Nu blijven ze veelal dicht bij de havens. ,,Ik had een sonar bij me en de vissers waren zeer genteresseerd. Ze kunnen nu weliswaar scholen vis op honderd meter afstand zien, maar niet de vis onder hun boot in de diepere wateren. | Hugo BouterIr Hans van Oostenbrugge promoveert op 9 december bij prof. Bram Huisman, emeritus hoogleraar Visteelt en visserij.