Het gaat nog steeds niet goed met de Nederlandse natuur. Uit de op maandag 15 september gepresenteerde Natuurbalans blijkt dat het natuurbeleid niet leidt tot verbetering van de natuur. En de klimaatverandering stelt beleidsmakers voor nieuwe vragen. Zo is het maar de vraag of we het Korhoen wel kunnen en moeten redden.De presentatie van de Natuurbalans wordt onderhand een jaarlijks terugkerend slechtnieuwsverhaal. ,,Het blijft het verhaal van de drie v's: verdroging, vermesting en versnippering'', geeft dr Joep Dirkx van het Natuurplanbureau toe. ,,En het kost veel moeite om het met natuurbeleid de goede kant op te duwen.'' Dirkx, projectleider van het Wageningse aandeel van het onderzoek, ziet echter ook pluspuntjes. ,,Wat betreft areaal is zelfs sprake van uitbreiding en het kwaliteitsverlies gaat minder hard dan het ging. Het verzuringsbeleid lijkt vruchten af te werpen. De achteruitgang van bepaalde soorten korstmossen gaat daardoor minder snel.''
Maar de realisatie van de Ecologische Hoofdstructuur (EHS) loopt nog steeds achter. Niet alleen vanwege de aankoopstop die minister Cees Veerman van LNV vorig jaar instelde, maar vooral omdat de inrichting van de al wel gekochte natuurgebieden achterloopt. Dat komt onder andere door de versnippering, legt Dirkx uit, als gevolg van de vrijwilligheid die ten grondslag ligt aan de verkoop van natuur. ,,In het natuurgebied De Brand in Noord-Brabant bijvoorbeeld zitten heel veel kleine boseigenaren. Die willen niet verkopen, en daardoor kan het Brabants Landschap het gebied niet inrichten en beheren.'' En grondeigenaar kan zo de inrichting van een deel van de EHS tegenhouden.
Waar de onderzoekers zich zorgen over maken is het plan van de regering om zo'n vijftigduizend hectare van de EHS te laten beheren door particuliere grondeigenaren. Tot nu toe wordt slechts vijfhonderd hectare natuur door particulieren beheerd. Volgens Dirkx komt dat door het woud aan regels en vergunningen waarmee zij te maken krijgen. ,,Wij adviseren dan ook om de particulieren te helpen met het hele circus. Je zult het beleid moeten verkopen.'' Hetzelfde geldt voor het agrarisch natuurbeheer.
De klimaatverandering stelt beleidsmakers voor nieuwe vragen. De soortensamenstellling van de Nederlandse natuur verandert door het steeds warmere weer. Het korhoen is daar een goed voorbeeld van. De weinig mobiele vogel zit als het ware opgesloten in zijn leefgebied op de Sallandse Heuvelrug. Het beleid is er op gericht veel te investeren in het behoud van een levensvatbare populatie, terwijl het warmere klimaat voor het op strenge winters ingestelde korhoen eigenlijk steeds minder geschikt wordt. Volgens Dirkx moeten we dan ook naar een flexibeler beleid. ,,Je moet de verandering faciliteren.'' Dat kan door naast de EHS een fijnmazig netwerk te realiseren dat natuurgebieden met elkaar verbindt, en door op Europees niveau te streven naar samenwerking en een minder rigide soortenbeleid. Zo kan het korhoen naar het koudere noorden migreren. | Martin Woestenburg