De Europese landbouw heeft toekomst, ook na afschaffing van deEU-landbouwsubsidies. Dit blijkt uit de studie EURURALIS naar de toekomstvan het Europese landelijke gebied van Wageningen Universiteit en Researchcentrumen het Milieu- en Natuurplanbureau van het RIVM. De studie werd uitgevoerdin opdracht van het ministerie van LNV in het kader van het NederlandseEU-voorzitterschap om de strategische discussie in Europa te stimuleren.
Vier scenario's voor de toekomst van het Europese landelijke gebied zijnverkend op hun gevolgen voor ‘people, planet and profit’. Eenopmerkelijke conclusie is dat in alle scenario's het aantal bewoners vanhet platteland sterk daalt; van circa 100 miljoen nu tot ongeveer 75 miljoenin 2030. Een van de oorzaken is de trek naar de stad, omdat daar meer werkgelegenheidis. Een andere oorzaak is de algemene vergrijzing van Europa, vooral inde zuidelijk en oostelijk gelegen landen.
Tussen de vier scenario's verschilt het veronderstelde GemeenschappelijkeLandbouwbeleid sterk, van handhaving van het bestaande beleid tot aan completeafschaffing ervan. De omvang van het landbouwareaal blijkt echter weinigte verschillen tussen de scenario's. Bij een vrije wereldmarkt bijvoorbeeldvindt de veronderstelde afschaffing van subsidies en importheffingen wereldwijdplaats, waardoor de welvaart mondiaal toeneemt. De dan sterk stijgendevraag naar voedselproducten uit Azië zorgt ervoor dat er nog steedstoekomst is voor Europese boeren is in deze scenario's. Wel zullen de boereninkomensonder druk blijven staan, evenals de werkgelegenheid. Veel bedrijven zullenintensiveren of hun omvang vergroten. Vooral in Oost-Europa met grote aantallenboeren op kleine bedrijven, zullen veel jongeren werk buiten de landbouwmoeten zoeken. Dit kan negatieve gevolgen hebben voor de leefbaarheid vanhet platteland.
Voor natuur en milieu zijn er in de vier scenario´s kansen en bedreigingen.De bedreigingen zijn onder andere uitdijende steden, meer wegen, intensiveringvan de landbouw en klimaatveranderingen. Kansen liggen er in sommige scenario'sonder andere op het gebied van biodiversiteit, doordat de landbouw daarjuist extensiveert of van bouwland grasland maakt. Ook de meest erosiegevoeligegebieden kunnen worden ontzien. Het braak laten liggen van landbouwgrondenheeft overigens lang niet altijd een positief effect op de natuur: juistdoor het boerenbeheer is de flora en fauna in sommige extensief beheerdegebieden rijker geworden. Ook de landschapskwaliteiten kunnen afnemen,zowel door intensiever gebruik als door het niet meer onderhouden van landbouwgrond.
De vier scenario's zijn voor wat betreft veranderend landgebruik ook inde vorm van kaartbeelden uitgewerkt, zodat ook te zien is waar wat gebeurt.De resultaten van de studie zijn samengevat op een interactieve CD, diede mogelijke toekomst van het Europese landelijke gebied laat zien in devorm van kaarten, grafieken en beschrijvingen.
NOOT VOOR DE REDACTIE
Nadere informatie bij dr. Jan Klijn (Alterra, Wageningen UR), tel. 0317474405 of e-mail jan.klijn@wur.nl. Recensie-exemplaren van de CD zijnbij Alterra verkrijgbaar. Zie ook http://www.alterra.wur.nl.
(Voor overige belangstellenden te bestellen voor 15 euro via 367054612t.n.v. Alterra, Wageningen o.v.v. EURURALIS 1.0 en uw naam en adres ofper email bij info.alterra@wur.nl.)