Klimaatverandering versterkt versnipperingeffect

  Nieuws
  Vaknieuws
  Wagenings commentaar
  Dossiers
  Perskamer
  Archief
  Agenda
  Nieuws
  2011
  2010
  2009
  2008
  2007
  2006
  2005
  2004
  2003
  2002
  2001
  2000
  RSS
  Agenda
  Open dagen
  Congressen en symposia
  Cursussen
  Promoties & Oraties

6 nov 2007
Onderdeel: WOT Natuur en Milieu

Er bestaat nog veel onduidelijkheid over de (ruimtelijke) consequenties van klimaatveranderingen voor soorten en levensgemeenschappen. Onderzoekers van Alterra, onderdeel van Wageningen UR, ontwikkelden kentallen voor de gevoeligheid van vaatplanten voor habitatversnippering en klimaatverandering. Deze kentallen blijken een deel van de waargenomen trends over de twintigste eeuw te kunnen verklaren. Binnen de groep soorten met een hoge gevoeligheid voor klimaatverandering nemen de soorten met hoge gevoeligheid voor versnippering het meest af. Dit resultaat ondersteunt de theorie dat effecten van klimaatverandering op biodiversiteit worden uitvergroot door fragmentatie.

Uit het onderzoek blijkt onder andere:
  • inheemse soorten gaan meer achteruit dan uitheemse soorten.
  • binnen de groep inheemse soorten gaan de noordelijke en montane soorten het meest achteruit.
  • ingeburgerde soorten die na 1500 in Nederland geïntroduceerd zijn laten een toename zien in voorkomen.
  • nieuwe plantensoorten kunnen economische en milieuproblemen veroorzaken. Sommige veroorzaken die al.
  • ook verstedelijking vormt een verklaring voor de waargenomen trends, al is de mate waarin verstedelijking een rol speelt nog niet duidelijk.

Om de gevoeligheid voor klimaatverandering te schatten, zijn twee methodes gebruikt: een bestaand regressiemodel voor 20% van de Europese vaatplanten (EuroMove) is aangevuld met een risico-inschatting op basis van karakteristieken van het geografisch areaal (grootte van het areaal en ligging van Nederland ten opzichte van de rest van het areaal).

Via de onderstaande bijlage-link kunt u het rapport downloaden.



Print nieuwsbericht

WOt-rapport 49. Sensitivity of Dutch vascular plants to climate change and habitat fragmentation