Het zal op termijn steeds lastiger worden om soja en maïs in de EU te importeren. Dat concludeert het LEI in een quick scan naar de economische gevolgen van het huidige EU-beleid voor genetisch gemodificeerde organismen (ggo’s). Wereldwijd worden steeds meer genetisch gemodificeerde gewassen geteeld. Gangbare gewassen worden daardoor schaarser en duurder. In vergelijking met landen die veel ggo’s exporteren, zoals de VS , laat de EU ggo’s relatief langzaam toe. Hierdoor ontstaat op termijn een probleem.
De laatste tien jaar is het areaal van de twee belangrijkste genetisch gemodificeerde gewassen, soja en maïs, enorm gegroeid. Zo’n tweederde van de soja die wereldwijd wordt verbouwd is genetisch gemodificeerd en voor maïs ligt het aandeel op een kwart. Deze aandelen nemen nog ieder jaar toe.
Soja en maïs zijn belangrijke grondstoffen voor de levensmiddelen- en veevoederindustrie. De Europese levensmiddelenindustrie gebruikt vooralsnog vrijwel uitsluitend conventionele, dat wil zeggen niet-genetisch gemodificeerde soja en maïs. De beschikbaarheid van conventionele sojabonen is niet direct een probleem, zij het dat de prijs daarvan vermoedelijk verder zal toenemen omdat genetisch gemodificeerde soja goedkoper is en makkelijker te telen. Momenteel is vooral de mogelijke vermenging van conventionele soja met sporen van niet in de EU toegestane ggo’s een probleem. De EU hanteert op dit gebied het principe van de nultolerantie, dat wil zeggen dat geen enkele vermenging is toegestaan. Hierdoor kan de lading de EU niet in wanneer er vermenging heeft plaatsgevonden. Dit zou kunnen leiden tot problemen met de grondstofvoorziening wanneer er geen alternatieven voorhanden zijn.
Wat veevoer betreft is de Europese Unie bij lange na niet zelfvoorzienend. Zo’n 77% van de eiwitten waar behoefte aan is, wordt geïmporteerd. Het merendeel hiervan is (in de EU toegelaten) genetisch gemodificeerde soja en maïs (-of maïsproducten). Deze soja en maïs worden binnen de EU tot veevoer verwerkt en de vlees- en zuivelproducten die zo geproduceerd worden, komen op de EU-markt. Ook bij de veevoerindustrie speelt de toename van (nog) niet in de EU toegelaten ggo’s een rol, in combinatie met de nultolerantie. Op korte termijn zal de aanvoer niet direct in gevaar komen maar op de langere termijn is de inschatting moeilijker te maken, al was het maar vanwege verschuivingen in handelsstromen, bijvoorbeeld richting Azië. De marktmacht van de EU neemt daardoor af. Problemen in de grondstofvoorziening zouden er dan toe kunnen leiden dat de EU vlees gaat importeren uit landen waar het vee is gevoerd met grondstoffen die in de EU niet zijn toegestaan.
Rapport 2008-070 EU policy on GMOs; A quick scan of the economic consequences