Net als hun eigenaren hebben katten en honden steeds vaker te kampen met overgewicht. Volgens een recent Brits onderzoek is een op de drie huisdieren te zwaar. En dat is - net als bij mensen - een risico voor de gezondheid. Huisdieren met obesitas hebben vaker last van hartklachten, diabetes en gewrichtproblemen. Wordt het tijd om onze gezelschapsdieren anders te voeden?
Prof. Wouter Hendriks, hoogleraar Diervoeding aan Wageningen Universiteit:
‘Het verbaast mij niet echt. De wereld van petfood ligt heel dicht bij die van humane voeding. Het is dus niet zo verwonderlijk dat ook de gevolgen voor de gezondheid veel lijken op die bij mensen. De vetzucht bij huisdieren is een directe afspiegeling van de samenleving. Het percentage dieren met overgewicht is in de Verenigde Staten bijvoorbeeld ook hoger dan in Nederland.
Het grootste probleem ligt bij de eigenaren, niet bij de dieren. Het voer wordt gekocht door het baasje en daardoor is het voer vooral een projectie van zijn wensen. Wat echt goed is voor de hond of kat is meer van secundair belang.
Je krijgt dan de wonderlijke situatie dat echte vleeseters als katten en honden steeds meer voer met veel plantaardige bestanddelen consumeren. Nat voer uit blik voor honden en katten is in principe veel beter geschikt, maar de eigenaars vinden het maar stinken. Daarom kopen eigenaars dit type voer steeds minder en krijgen honden en katten nu vooral veel brokjes voorgezet. In sommige gevallen zelfs in allerlei prachtige vormpjes en kleurtjes, terwijl katten vormen niet kunnen herkennen en vrijwel kleurenblind zijn.
Dat honden en katten het voer nog wel graag eten, komt omdat er wel veel aandacht wordt besteed aan de smaak van het voer. Dat gebeurt vooral om te voorkomen dat het baasje te maken krijgt met een huisdier dat niet wil eten als hij het voer voorgezet krijgt. Het moment dat de eigenaar zijn huisdier een maaltijd geeft, is een van de momenten dat hij een sterke band met zijn dier aangaat. Hij wil dan zien dat het dier op de bak afduikt en gulzig begint te eten. Als dat niet gebeurt, koopt hij de volgende keer een ander voer.
Overgewicht is een reëel probleem bij gezelschapsdieren. Uit recent onderzoek blijkt bijvoorbeeld dat een hond met obesitas een zo’n vijftien procent kortere levensverwachting heeft. De simpele oplossing is je hond minder te eten geven en meer met hem te bewegen, wat tevens goed is voor de eigenaar.
Het voedingsonderzoek dat wij aan gezelschapsdieren gaan doen, wil ik graag zo diergericht mogelijk houden. Gewoon kijken naar wat een dier gezien zijn natuur en evolutionaire achtergrond nodig heeft. Als je even nuchter nadenkt zie je dat we echt veel dingen fout doen. Als een hond of kat om aandacht vraagt, hebben veel mensen automatisch de neiging om voer te geven. We geven daar veel te makkelijk aan toe. Terwijl onderzoek heel duidelijk heeft aangetoond dat overvoeren leidt tot een vroegere dood van onze geliefde huisdieren.’
Gert van Maanen