Korter leven voor PET-fles

  Nieuws
  Vaknieuws
  Wagenings commentaar
  Dossiers
  Perskamer
  Archief
  RSS
  Agenda
  Open dagen
  Congressen en symposia
  Cursussen
  Promoties & Oraties

26 jan 2006
Onderdeel: Wageningen UR

Sinds 1 januari is het niet langer wettelijk verplicht om PET-flessen te hergebruiken. Reden voor Coca-Cola om volgende week over te schakelen op een nieuwe fles die slechts één keer gebruikt wordt. Milieuorganisaties maken zich zorgen. Maar is de angst terecht?

Dr. Ulphard Thoden van Velzen, verpakkingsdeskundige bij A&F:

‘Als ik het goed begrijp, zijn de verschillen met het huidige systeem niet zo groot. Wat er verandert is dat de flessen niet meer worden hergebruikt, maar worden afgevoerd en deels gerecycled. Coca-Cola gebruikt dus alleen nieuwe flessen, maar daar staat tegenover dat de flessen niet meer gewassen hoeven te worden. De flessen worden nog wel gewoon ingezameld via het statiegeldsysteem, dus voor de consument verandert er niets. En ook qua milieu-effect is dit verschil lood om oud ijzer.

Voor verpakkingen zijn er duizenden studies met levenscyclusanalyses gedaan en die laten allemaal een vergelijkbaar beeld zien. Het maakt nauwelijks verschil of je de verpakking hergebruikt of niet. Zo weegt bijvoorbeeld het waswater dat je nodig hebt bij glazen flessen op tegen de productie van plastic en karton. Wanneer Coca-Cola ook het transport van de lege flessen kan verminderen, kan het nieuwe systeem zelfs gunstiger uitkomen. Vrachtwagenbewegingen hebben namelijk een behoorlijke invloed op het totale milieueffect.

Een duidelijk voordeel van het nieuwe systeem is het lagere hygiënerisico. In het verleden zijn daar grote problemen mee geweest. Mensen doen namelijk van alles met die flessen. Zo worden er sporen aangetroffen van urine en motorolie. Nu Coca-Cola ze niet langer in kratten gaat vervoeren, maar in afsluitbare zakken voorkomt dat een boel hygiëneproblemen.

De discussie rondom verpakkingen is echter nog niet ten einde. Momenteel worden met de politiek nieuwe afspraken gemaakt over de verwerking van verpakkingsafval. Leidraad is daarbij dat de levensmiddelenproducent verantwoordelijk is voor de recycling van de verpakking. Bij producten als glas, metaal en papier gaat dat heel goed, maar kunststof is nog een probleem. Daarvan kan slechts een kwart hergebruikt worden.

Maar waarom zouden we al die moeite doen om het in te zamelen? Kunststof is een brandstof en kan dus gewoon in afvalverbrandingsovens verbrand worden. Natuurlijk is er het probleem van zwerfafval, maar dat is een maatschappelijk probleem. Daarvoor moet het gedrag van consumenten veranderd worden. Dat los je dus niet op door de producenten verantwoordelijk te stellen.

Wat ik als wetenschapper wrang vindt, is dat verpakkingen steeds naar de voorgrond getrokken worden. Maar het is een milieuprobleem dat een paar ordes kleiner is dan bijvoorbeeld uitlaatgassen. Bij de politieke discussie over verpakkingen gaat het niet om de inhoud, maar om het beeld dat er iets verbeterd wordt. Dat is symboolpolitiek. Het lijkt alsof hergebruik altijd beter is, maar dat is niet zo. Aan uitlaatgassen sterven jaarlijks vele mensen. Maar een keer een lege fles in de berm, daar gaat zelfs geen beest dood aan.’

Jasper Harms


Print nieuwsbericht