Giftige gele bermplantjes

  Wageningen University
  Contract research
  Wettelijke Onderzoekstaken
  Onderzoeksdomein
  Onderzoeksprojecten
  Rankings- / Citatie-indexen
  Expertzoeker
  Research Blog
  2011
  augustus
  juni
  mei
  april
  maart
  februari
  januari
  december
  november
  oktober
  september
  2010
  2012
  Internationale Projecten
  Samenwerking bedrijfsleven

  • 18-08-2011
  • Leo van Raamsdonk

Als ik deze zomer langs de Nederlandse wegen rijd, kan ik weer genieten van de geelgekleurde bermen. Natuurlijk zijn de geeltinten van boerenwormkruid, teunisbloem en late koolzaad te zien, maar de overheersende plant is toch wel jacobskruiskruid (Senecio jacobaea of Jacobaea vulgaris). Wat is er met deze plant dat het “genieten” een beetje een vieze bijsmaak heeft?

JacobskruidDie vieze bijsmaak klopt letterlijk. Alle soorten kruiskruid (in Nederland een stuk of tien) bevatten behoorlijke hoeveelheden van een groep toxische stoffen, pyrrolizidine alkaloïden (PA’s), die voor vee en dan vooral paarden giftig zijn. Gelukkig hebben deze planten ook een vieze smaak. Grazende dieren vermijden ze dus en lopen daardoor vrijwel geen risico.In gedroogde toestand is deze vieze smaak echter verdwenen, maar de giftige stoffen niet! Oppassen dus met voeren van hooi aan dieren, want er kan kruiskruid in zitten. Grote leveranciers van gedroogd gras controleren partijen op de aanwezigheid van jacobskruiskruid, en partijtjes hooi die via marktplaats worden aangeboden hebben soms de aanduiding “kruiskruidvrij”.

RIKILT, onderdeel van Wageningen UR, voert al enkele jaren onderzoek uit op verschillende terreinen. Invalshoek daarbij is dan de voedselveiligheid. Met speciale apparatuur kunnen we meer dan twintig verschillende PA’s meten, en dat gebeurt dan ook door instanties als de nVWA en RIKILT in allerlei producten, van groenvoer en hooi tot honing. Ja, honing. De giftige stoffen zitten ook in het stuifmeel van de planten en komen zo in de honing terecht. Overdracht van PA’s vanuit diervoeder via het dier naar dierlijke producten is eigenlijk wel beperkt. In een dierproef met melkgevende runderen heeft RIKILT samen met Wageningen UR Livestock Research aangetoond dat maar één type PA, namelijk jacoline, in redelijke hoeveelheid in melk wordt uitgescheiden. Door de giftigheid van PA’s kan echter zelfs een relatief kleine overdracht toch van belang zijn.

Een goede gedachte is om een probleem bij de bron aan te pakken. RIKILT heeft het kennissysteem Determinator ontwikkeld om kruiskruidsoorten te herkennen in vergelijking met een hele serie andere geelbloeiende planten. Met deze tool gewapend in het veld kan een partij gras of groenvoer met veel kruiskruid direct worden herkend. In droge vorm is de herkenning een stuk moeilijker, maar zeker wel mogelijk. Determinator wordt onder andere gebruikt door beheerders van natuurterreinen, bermbeheerders en handelaren.

Recent onderzoek van NIOO geeft aan dat het probleem zich zelf zou kunnen oplossen. Rond de wortels van Jacobskruiskruid groeien  bacteriën en schimmels die het nieuwe planten jaren na afsterven moeilijk maken om op dezelfde plaats weer te groeien. Op Jacobskruid zoals het in de duinen gevonden wordtmicroschaal kan dat kloppen, maar op macroschaal gedijt jacobskruiskruid als nooit tevoren. Ik ken wel plekken waar nu minder staat dan 2 jaar geleden, maar op andere plaatsen is de plant uitbundiger dan ooit. Anderen is dat ook al opgevallen, getuige reacties op blogs.

Overigens beperkt het probleem zich niet tot jacobskruiskruid en Nederland. Het geslacht kruiskruid omvat een aantal honderden soorten die over de hele wereld voorkomen, en ze bevatten allemaal giftige stoffen. Ik heb in alle ons omringende landen klein kruiskruid (Senecio vulgaris) van een halve meter hoog zien groeien op velden waar net de mais of luzerne was geoogst. Die wordt dus mogelijk wel mee gemaaid. Bezemkruiskruid (Senecio inaequidens), oorspronkelijk uit Zuid Afrika, heeft inmiddels uitgebreid bezit genomen van de Nederlandse bermen. 

Het zal lastig zijn om jacobskruiskruid duurzaam in te perken. De plant hoort van nature thuis in Nederland, en breidt uit. De opmars van jacobskruiskruid in Nederland boven de rivieren is de laatste decennia succesvol verlopen. Gevolg van klimaatverandering? Wat we niet moeten doen is planten en dieren uit andere delen van de wereld naar Europa meenemen voor allerlei doelen, of zomaar voor sierwaarde. Misschien hadden we dan het probleem niet nog groter gemaakt door introductie van bezemkruiskruid. Ook de onbegrensde wereldhandel is een bron van in principe vermijdbare risico’s. Het is aan te bevelen om deze relatie voor honing eens verder concreet te maken.

Wat we wél kunnen doen is het probleem hanteerbaar maken. Er zitten veel facetten aan het probleem. Misschien is een taskforce een goed idee om onderzoek naar teelt- of groei-omstandigheden, oecologie, dierenwelzijn en –gezondheid,  voedselveiligheid en goede voorlichting te bundelen.

Leo van Raamsdonk, onderzoeker bij RIKILT

Reageer: