Opiniebijdrage Martin Scholten over rol veehouderij in de circulaire economie in het FD

Nieuws

Opiniebijdrage Martin Scholten over rol veehouderij in de circulaire economie in het FD

Gepubliceerd op
28 januari 2017

Veehouders krijgen voortdurend te horen dat ze met hun vee mede debet zijn aan het klimaatprobleem en aan onze te grote ecologische footprint. De problemen in de veehouderij zijn serieus, maar helaas blijft door de grote nadruk op die problemen onderbelicht dat er zonder veehouderij nooit een circular and biobased society zal zijn.

Die circular and biobased society is een samenleving die draait op hernieuwbare grondstoffen voor al onze behoeften: voedsel, energie, materialen, noem maar op. Plantenbiomassa is dan de grondstof waarop de hele duurzame samenleving draait. Maar als experts praten over de beloften van de biobased society, hebben ze het alleen maar over lineaire productieketens. Over de nieuwe materialen die we kunnen maken uit biomassa, bijvoorbeeld rubberbanden uit paardenbloemen of nieuwe brandstoffen uit zeewieren.

Sluiten van biologische kringlopen

Zo geredeneerd moeten we nog veel meer plantenbiomassa gaan produceren dan we nu al doen. En dat kan niet, want die ruimte is er op aarde niet. We zullen dus veel slimmer om moeten gaan met de biomassa die we in de landbouw produceren. Dat kan alleen als we de biologische kringlopen daadwerkelijk sluiten.

En daarvoor heb je vee nodig. Dieren die de plantenresten kunnen verteren die anders verloren zouden gaan, en die mest produceren waarmee de bodem kan worden bijgetankt.

Koeien, schapen, kippen en varkens zijn door de mens ooit als landbouwhuisdieren geselecteerd, omdat zij biomassa kunnen verteren die wij niet verdragen. Gras bijvoorbeeld, of hooi en bierbostel. Of denk aan insecten. Ik verwacht niet dat wij mensen op grote schaal insecten gaan eten, maar ze zijn bijzonder geschikt als voer voor kippen – die immers van oorsprong insectivoor zijn. Met die reststromen voorzien dieren ons van kostbare en kostelijke producten als melk, eieren en vlees.

Mest als bodemverbeteraar

En dieren produceren mest. Nu nog kijken we naar mest als een afvalproduct, waar we te veel van hebben en vanaf moeten. Vanuit het perspectief van een circulaire voedselvoorziening verandert dat beeld radicaal. Daarin is mest een bodemverbeteraar, een bron van organisch materiaal waar de bodem ontzettend veel behoefte aan heeft. Zaak is om hoogwaardige organische stof uit de mest te halen en terug te brengen naar de bodem. Want die vruchtbare bodem hebben we hard nodig om de maximale hoeveelheid plantenbiomassa te kunnen produceren om de cirkel weer rond te maken en te laten draaien.

Alleen zo kan die ene aarde straks negen en een half miljard mensen voorzien van goed en gezond voedsel, van duurzame energie en van materialen uit een hernieuwbare grondstof. Alleen zo ontstaat er een echte kringloop: grond maakt planten, maakt dieren, maakt mest, maakt grond, planten, dieren, mest… Eigenlijk een manier om te voorzien in de behoeften van mensen, gebaseerd op een mechanisme dat in de natuur al lang bestaat: ecologische kringlopen.

Maar vee is toch mede de oorzaak van het klimaatprobleem? Door de methaanproductie die voortkomt uit het verteren van die plantaardige materialen door koeien, schapen en andere dieren? Dat is waar: 15% van de broeikasgassen komt uit de veehouderij. Het is deels het gevolg van een veehouderij die niet goed, efficiënt en zorgvuldig is ingericht. We kunnen die uitstoot van broeikasgassen uit de veehouderij met ruim 50% verminderen door slimmer met de dieren, hun voer en hun mest om te gaan. En bovenal: door nog beter voor hun gezondheid te zorgen.

Er is nóg een kant aan dit verhaal. Als we de kringloop goed sluiten en de bodem weer opladen met de organische stof uit de mest van dieren, brengen we koolstof, die nu nog in de lucht zit, terug naar de bodem. Zo levert de landbouw met veehouderij juist een bijdrage aan het vastleggen van CO2 uit de atmosfeer in de bodem en daarmee aan het tegengaan van de klimaatproblemen die we in de afgelopen eeuw met het gebruik van fossiele brandstoffen hebben veroorzaakt.

Vee op een voetstuk

Welbeschouwd hebben we het hier dus over een complete regiemshift. Over omdenken. Van een veehouderij die is verkokerd in lineaire voedselketens gaan we naar een veehouderij waarin biomassa optimaal wordt ontsloten en hoogproductieve voedselkringlopen duurzaam worden gesloten. En van een maatschappij die is gebaseerd op fossiele grondstoffen naar een maatschappij die draait op biobased grondstoffen.

In Leeuwarden staat Us mem, een bronzen standbeeld van een koe. Het wordt tijd dat we ons vee weer op een voetstuk zetten.

Martin Scholten is algemeen directeur Animal Sciences Group, Wageningen University & Research.