halsbandparkiet exoot amsterdam

Dossier

Exoten in Nederland

Exoten, ook wel uitheemse soorten genoemd, zijn dieren, planten, schimmels of micro-organismen die door menselijk handelen terechtkomen in een gebied waar ze van oorsprong niet voorkomen – en zich er ook handhaven. Soorten die vóór het jaar 1500 in ons land zijn geïntroduceerd, zoals konijn, fazant en knobbelzwaan, tellen niet mee. Die rekenen we tot de inheemse fauna.

Dat menselijk handelen is soms opzettelijk. Het veelkleurig Aziatisch lieveheersbeestje werd twintig jaar geleden in Europa losgelaten om bladluizen te bestrijden. Fazanten en damherten werden ooit uitgezet als jachtwild. En jaarlijks belanden honderden schildpadden en zonnebaarzen in Nederlandse sloten nadat hun baasjes op ze uitgekeken zijn.

Maar vaak gaat het om onopzettelijke introducties. Huis- of sierdieren ontsnappen uit gevangenschap, bijvoorbeeld de nijlgans, Pallas’ eekhoorn en Italiaanse kamsalamander. Zeedieren, zoals de Chinese wolhandkrab, komen mee met het ballastwater van schepen; de tijgermug reist mee met tropische planten. En door de aanleg van een kanaal tussen Rijn en Donau kunnen vissoorten uit het Donau-stroomgebied, zoals zwartbekgrondel en Pontische stroomgrondel, nu al twintig jaar zelf onze wateren bereiken.

Een andere categorie nieuwkomers tellen we niet als exoot: soorten zoals de grote zilverreiger, waarvan het leefgebied opschuift als gevolg van klimaatverandering. Die wordt gerekend tot dezelfde categorie als de lynx, wilde kat, wolf en misschien ook wel de goudjakhals: dieren die zich hier uit zichzelf vestigen.

Verder lezen

Publicaties