bijen en UMTS

Elektromagnetische velden (EMV) en bijen

Als één van de mogelijke oorzaken van bijensterfte worden de elektromagnetische velden voor mobiele telefonie en dataverkeer genoemd. Overal in het land staan antennes, en veel ‘onbestraalde’ lucht is er niet meer te doorkruisen voor bijen. Zelfs imkers bellen van onder hun kap. Al lijkt het niet een waarschijnlijke oorzaak, volledig uit te sluiten is het ook niet. Tenzij door onderzoek. Dat hebben de bijenonderzoekers van Wageningen University & Research gedaan en het onderzoek is gepubliceerd in het rapport 'Mobiele telefonie en de ontwikkeling van honingbijen'.

Om een beeld te krijgen van de mogelijke effecten van elektromagnetische velden op bijen is eerst de relevante literatuur in kaart gebracht. Bijen blijken gevoelig te zijn voor magnetische velden (ook het magnetisme van de aarde) en voor elektrische lading (een recente publicatie in Science laat zien dat hommels aan de elektrostatische lading van een bloem meten of die net bezocht is of nog vers). Het blijkt dat er wel wat bekend is over de effecten van hoogspanningskabels op bijenvolken, maar juist over de moderne toepassingen (mobieltjes, dataverkeer) heel weinig.

Effect blootstelling van bijenvolken aan de straling van een zendmast

mobiele_telefoon_en_honingbijen.jpg

In 2011 en 2012 is een onderzoek gedaan naar het effect van de blootstelling van bijenvolken aan de straling van een zendmast. Bijenvolken stonden op 200 m van een zendmast. Om ook ‘onbestraalde’ volken ter vergelijking te hebben, werden deze controlevolken in een ‘Faraday’ kooi opgesteld, gemaakt van twee lagen metaalgaas. In de kooi was het veld zo ver uitgedoofd dat er geen bereik was met een mobiele telefoon. Om de omstandigheden zo vergelijkbaar mogelijk te houden zijn ook de ‘bestraalde’ volken in een gelijke kooi geplaatst, maar dan één met plastic gaas, dat de straling ongehinderd door laat. Volwassen bijen vliegen vrij uit, dus die worden altijd blootgesteld, zowel uit de Faraday-kooi als uit de namaak (plastic) kooi. Daarom was de focus op de fases dat de bijen nog binnen waren: ei, larve, pop. Maar ook: in hoeverre werkt dit door in hun latere leven: kunnen ze wel even goed vliegen, leven ze wel even lang?  Het bleek dat de bijen zich van ei tot larve en van larve tot pop even goed ontwikkelden. Dat is waargenomen  door op dag 1 een stuk van de raat met net gelegde eitjes te fotograferen, en hetzelfde stuk raat een week later opnieuw te fotograferen. Als het goed gaat ligt in het celletje met eerder een ei dan een larve, en nog een week later een pop (onder een dekseltje). Als het niet goed is gegaan is het celletje leeggemaakt door de verzorgende bijen, die alle niet goede larven weghalen.

Elektromagnetische velden en jonge bijen

Op de dag dat jonge bijen uitkomen uit hun celletje waarin ze als pop zitten, zijn ze gemarkeerd met een stip acrylverf op hun rug, en daarna in een ‘gastvolk’ overgezet. In datzelfde gastvolk werden bijen uit de plastic en uit de metalen Faraday kooi gezet (met een verschillende kleur stip). Vervolgens is regelmatig in dat gastvolk gekeken hoeveel er van elke kleur nog was, hoeveel er nog leefden dus. Het bleek dat de bijen, opgegroeid met of zonder elektromagnetische velden, even lang leefden. Dat geeft ook aan dat deze bijen waarschijnlijk geen verminderd oriëntatievermogen hadden, want dan zouden ze sneller zijn ‘verdwenen’. Op dezelfde manier zijn gemarkeerde bijen in een gastvolk gezet en dat volk is naar Oostenrijk gebracht. Daar is, toen de bijen ongeveer 20 dagen waren, hun vliegvermogen getest in een carrousel, die draait op de vliegactiviteit van de bij. Er bleek geen verschil te zijn.

Tenslotte is ook gekeken hoeveel van de 10 volken in elke kooi het volgende voorjaar nog leefden: daar leek wel een verschil te bestaan (schijnbaar betere overleving zonder elektromagnetische velden). Alleen: kond dat in deze opzet niet getoetst worden, omdat er maar 1 kooi mét en 1 kooi zonder was en omdat het aantal volken voor dit doel veel te klein was. Om zeker te zijn zou dat nog een keer apart moeten worden getest.