Visser vangt exotische vis voor de Nederlandse kust

Nieuws

Visser vangt exotische vis voor de Nederlandse kust

Gepubliceerd op
14 september 2017

Onderzoekers van Wageningen Marine Research krijgen regelmatig zeldzame vissen onder ogen. Maar een vis die nog niet eerder in de Atlantische Oceaan is aangetroffen, is wel heel bijzonder. Het duurde dan ook even voordat men de soort had bepaald. Hoe komt een vis uit de Indische Oceaan in de zuidelijke Noordzee terecht?

Indian Driftfish Ariomma indicum
Indian Driftfish Ariomma indicum

Op 10 augustus liep Hans Tap van de viskotter IJM8 binnen bij Wageningen Marine Research met een voor hem onbekend visje. Het betreffende visje had hij in de 20 jaar dat hij vist, nog nooit gezien. Het visje werd gevangen op 8 augustus, vlak voor de kust, even ten zuiden van de Maasvlakte in een garnalennet. De afmeting van het visje was 15 cm en het zag er uit als een kruising tussen een horsmakreelachtige en een zeebrasem, met een opvallend kleine bek. Bij Wageningen Marine Research werden meteen alle beschikbare visgidsen geraadpleegd van het Noordoost Atlantische gebied. Toen dit geen resultaat opleverde werden de visgidsen van de Middellandse zee doorgespit. Toen ook dit vruchteloos bleek, werden foto’s opgestuurd naar het visserij-onderzoekingsinstituut in Woodshole in de VS, maar ook daar bleek de vis onbekend.

Speld in een hooiberg

“Tja, op dat moment realiseerden we ons dat dit dier echt van overal ter wereld vandaan zou kunnen komen”, vertelt onderzoeker Bram Couperus. “Aangezien het dier geen echt opvallende kenmerken heeft, was het zoeken naar een speld in een hooiberg. Uiteindelijk hebben we soort op naam gebracht door op Fishbase – een database informatie over alle vissoorten ter wereld -  systematisch afbeeldingen te bekijken van alle families van de baarsachtigen (Perciformes).”

De wetenschappelijke naam is Ariomma indicum van de familie van Ariommatidae. Er is geen Nederlandse naam, omdat de soorten van deze familie alleen in (sub)tropische wateren worden gevonden. De soort in kwestie leeft in kleine scholen in kustwateren met modderige bodem en is tot dusver alleen bekend van de Indische oceaan.

Ballastwater

Hoe dit exemplaar in Noordzee is terecht gekomen, is vooralsnog een raadsel. Als de soort – al dan niet als gevolg van klimaatverandering – zijn areaal heeft uitgebreid, dan zouden er al lang meldingen van de Afrikaanse westkust moeten zijn. Bij een areaaluitbreiding vanuit de Rode Zee, via het Suezkanaal, zou men meldingen verwachten uit de Middellandse Zee. Er zijn echter geen meldingen uit deze wateren. Op basis van de informatie die we op dit moment hebben is dit de eerste waarneming in het Atlantische gebied. Een andere mogelijke verklaring zou kunnen zijn dat het dier met ballastwater is meegekomen, als ei of vislarve. Maar hoe kan het dier, dat normaal gesproken in warm water leeft, dan opgegroeid zijn naar 15 cm? Aan de andere kant is het ook moeilijk voorstelbaar dat een volgroeide vis de vaartocht van meerdere weken overleeft in een ballastwatertank. 

De soort heeft een opvallend kleine bek
De soort heeft een opvallend kleine bek

DNA

Couperus vraagt zich af of er meer exemplaren in de Noordzee zitten en roept vissers op om eventuele vangsten te melden. Het 'Visje van de IJM8' is inmiddels geconserveerd voor de collectie van Naturalis. Er is een stukje van een borstvin verzameld voor DNA–analyse: hiermee kan de soortbepaling bevestigd worden en mogelijk kan het informatie geven over de herkomst van deze uitzonderlijke vangst.