<rss version="2.0"><channel><title>Wageningen UR Nieuws en Agenda</title><link>http://www.wur.nl</link><copyright>Alle content © 2010 Wageningen UR. Alle rechten voorbehouden.</copyright><description>gezond voedsel in een leefbare wereld</description><managingEditor>kristel.klein@wur.nl</managingEditor><webMaster>kristel.klein@wur.nl</webMaster><generator>wever internet</generator><image><title>Wageningen UR</title><link>http://www.wur.nl</link><url>http://www.wur.nl/wever.internet/images/wur_logo.gif</url><width>250</width><height>43</height><description>Wageningen UR</description></image><item><title>Speklap milieuvriendelijker dan biefstuk</title><link>http://www.wur.nl/NL/nieuwsagenda/nieuws/Rc100318.htm</link><pubDate>Thu, 18 Mar 2010 15:30:17 GMT</pubDate><guid>{CAFFB69E-6E33-4AD2-8CD9-1DBB354CA006}</guid><description><![CDATA[<P><STRONG>Melk, eieren, varkens- en kippenvlees zijn veel beter voor het milieu dan rundvlees. Dat blijkt na bestudering van zestien levenscyclusanalyses (LCA’s) van dierlijke producten. Niet eerder zijn de resultaten van wetenschappelijke LCA-studies van dierlijke producten onderling vergeleken op milieuvriendelijkheid.</STRONG><BR> <BR>Gemakkelijk is dat niet, want de LCA’s meten allemaal net iets anders. Bovendien is een kilo melk niet zomaar vergelijkbaar met een kilo vlees, aldus Imke de Boer van de leerstoelgroep Dierlijke productiesystemen van Wageningen University, onderdeel van Wageningen UR. Samen met Marion de Vries publiceerde ze de uitkomsten van de vergelijking begin deze maand in Livestock Science. Het broeikaspotentieel van een kilo varkensvlees varieerde van 3,9 tot 10 kilogram CO2-equivalenten, die van een kilo kip van 3,7 tot 6,9 kg. De impact van rundvlees op het milieu lag tussen de 14 en 32 kg CO2-equivalenten. Ook leidt de productie van een kilo rundvlees tot een groter landgebruik en een hoger fossiel-energieverbruik. Studies naar zowel kip als varkensvlees laten zien dat kip net iets beter scoort dan varken.</P>
<P>De verschillen in milieubelasting tussen kip, varken en rund worden veroorzaakt door verschillen in voerbenutting en reproductie. ‘Als een dier efficiënt met voer omgaat of veel nakomelingen per moederdier produceert, leidt dit tot een vermindering van de milieubelasting’, aldus De Boer.</P>
<P>Enkele maanden geleden meldde de Vleeswijzer al dat kippenvlees beter is voor het milieu dan varkensvlees en dat rundvlees het slechtst is voor het milieu. De vleeswijzer is gebaseerd op LCAwerk van Blonk Milieuadvies. De<BR>Boer en De Vries waarschuwen echter voor een rechtstreeks gebruik<BR>van LCA-resultaten in een instrument als de Vleeswijzer. Een<BR>LCA houdt geen rekening met het feit dat varkens en kippen producten<BR>eten die de mens ook zelf kan eten, zoals graan, maïs en soja.<BR>Grazende runderen doen dat niet. Als je de milieubelasting vergelijkt<BR>per kilogram eiwit, dan blijft  rundvlees het product met de hoogste milieubelasting. De verschillen tussen melk, kip, ei en varkensvlees blijken echter minder eenduidig. Er was maar één studie die de milieubelasting van kip en varkensvlees vergeleek met die van melk en eieren. Harde conclusies vereisen meer vergelijkingsstudies, menen de onderzoeksters. | Albert Sikkema<BR><FONT size="1"><BR>Bovenstaand bericht is geproduceerd door de redactie van Resource, het blad voor Wageningen UR (University & Research centre). Meer informatie bij Pers- en wetenschapsvoorlichting van Wageningen UR, e-mail: </FONT><A href="mailto:pers.communicatie@wur"><FONT color="#0000ff" size="1">pers.communicatie@wur</FONT></A><FONT size="1"> of bij de redactie van Resource, e-mail: </FONT><A href="mailto:resource@wur.nl"><FONT color="#0000ff" size="1">resource@wur.nl</FONT></A><FONT size="1">. Zie ook </FONT><A href="http://www.resource.wur.nl/"><FONT size="1">www.resource.wur.nl</FONT></A><FONT size="1">.</FONT></P>]]></description><author>Persvoorlichting</author><category>news</category></item><item><title>GM banaan splijtzwam in Oeganda</title><link>http://www.wur.nl/NL/nieuwsagenda/nieuws/R100318.htm</link><pubDate>Thu, 18 Mar 2010 15:30:00 GMT</pubDate><guid>{F971A7B9-48DF-42B0-ACFA-882B3D33A998}</guid><description><![CDATA[<P><STRONG>Introductie van genetisch gemodificeerde bananen in Oeganda kan stuiten op hevig verzet van de stedelijke bevolking in dat land. Dat stelt milieueconoom Enoch Kikulwe, die deze week in Wageningen promoveert.</STRONG> </P>
<P>Belgische en Oegandese plantenveredelaars maakten in 2007 een banaan met resistentie tegen de schimmel Black Sigatoka met behulp van genetische modificatie (GM). Deze schimmelresistente banaan doorloopt op dit moment veiligheidsbeoordelingen en veldproeven. Kikulwe ging alvast na hoe de Oegandese bevolking deze GM banaan zal verwelkomen, mocht ie worden toegelaten.</P>
<P><STRONG>Opleiding</STRONG><BR>Kikluwe concludeert dat consumenten negatiever oordelen over GM technologie naarmate hun opleiding en inkomen hoger is. De Oegandese tegenstanders van GM technologie, 42 procent, wonen voornamelijk in steden. De voorstanders, de andere 58 procent, wonen in landelijke gebieden. De plattelandsbewoners, met een laag inkomen en een groot huishouden, verwachten dat de ziektevrije banaansoort voor extra inkomsten zal zorgen. De beter verdienende stadsmensen vrezen de risico’s voor gezondheid en milieu. Onderwijs heeft een negatief effect op de bereidheid te betalen voor GM bananen, stelt Kikulwe.</P>
<P><STRONG>Voorzichtig<BR></STRONG>Het onderzoek maakt duidelijk dat GM technologie vooral de arme mensen in Afrika ten goede komt, zegt Kikulwe. Ook concludeert hij dat de introductie van GM bananen gemiddeld voordelig zou zijn voor alle Oegandezen. Maar vanwege het verwachte verzet van stedelingen pleit hij voor voorzichtige introductie van de GM banaan na de veiligheidsbeoordeling.</P>
<P>Het onderzoek van Kikulwe is gefinancierd door de Rockefeller Foundation en de Belgische overheid. Hij promoveert op 19 maart bij milieueconoom Ekko van Ierland. Een dag eerder organiseert deze leerstoelgroep een symposium over de rol van GM technologie voor ontwikkeling. <BR>Albert Sikkema <BR><FONT size="1"><BR>Bovenstaand bericht is geproduceerd door de redactie van Resource, het blad voor Wageningen UR (University & Research centre). Meer informatie bij Pers- en wetenschapsvoorlichting van Wageningen UR, e-mail: </FONT><A href="mailto:pers.communicatie@wur"><FONT color="#0000ff" size="1">pers.communicatie@wur</FONT></A><FONT size="1"> of bij de redactie van Resource, e-mail: </FONT><A href="mailto:resource@wur.nl"><FONT color="#0000ff" size="1">resource@wur.nl</FONT></A><FONT size="1">. Zie ook </FONT><A href="http://www.resource.wur.nl/"><FONT color="#003366" size="1">www.resource.wur.nl</FONT></A><FONT size="1">.</FONT></P>
<P><BR> </P>]]></description><author>Persvoorlichting</author><category>news</category></item><item><title>1.200.000.000.000 basenparen vergelijken</title><link>http://www.wur.nl/NL/nieuwsagenda/nieuws/Rb100318.htm</link><pubDate>Thu, 18 Mar 2010 15:24:24 GMT</pubDate><guid>{9A20DFC0-2025-4772-BC0A-1D45213E9389}</guid><description><![CDATA[<P><STRONG>Martien Groenen, hoogleraar Fokkerij en Genetica, gaat met de European Research Grant de DNA-volgorde bepalen van twaalf verschillende varkensrassen. Het gaat om Europese en Chinese varkensrassen, het wild zwijn, andere varkenssoorten van Java en Sulawesi en zelfs archeologische DNA-monsters van varkens.</STRONG> </P>
<P>‘Ik wil de genetische veranderingen bij de soortvorming en domesticatie van het varken weten’, zegt Groenen van Wageningen University, onderdeel van Wageningen UR. Het DNA van 120 varkens gaat door een sequencer die de genenvolgorde bepaalt. ‘Dan krijgen we heel veel info. Het genoom van het varken is ongeveer 2,7 miljard basenparen groot en we willen elk basenpaar vier keer zien om de betrouwbaarheid te vergroten. Per dier bepalen we dus meer dan tien miljard basenparen. We gaan dus minstens honderdtwintig keer tien miljard basenparen vergelijken.’</P>
<P><STRONG>Selectieproces<BR></STRONG>Negenduizend jaar geleden werd het varken gedomesticeerd door de mens. Wat is er toen tijdens het selectieproces veranderd in het genoom van het varken? Via DNA-fragmenten van een varken uit een archeologische opgraving hoopt Groenen het antwoord te vinden. De vergelijking tussen varkenssoorten in allerlei delen van de wereld moet inzicht bieden in het genetische proces van soortvorming. Ook wil Groenen weten wat het effect van de fokkerij is op het genoom van het varken. Daartoe gaat hij het DNA vergelijken van een varkenspopulatie van nu met dieren van dezelfde populatie van tien generaties geleden.</P>
<P>De enorme berg data die dat oplevert, gaat Groenen met twee promovendi, twee postdocs en bioinformaticaprogramma’s uitpluizen. ‘We willen nagaan in welke gebieden van het genoom veranderingen zijn opgetreden en welke genen daar bij betrokken zijn.’</P>
<P><STRONG>Tweehonderd rassen<BR></STRONG>Wat helpt: de groep van Groenen weet al heel veel van het varkengenoom. In de afgelopen twee jaar heeft Fokkerij en Genetica al een deel van het DNA van ruim tweehonderd varkensrassen vergeleken. Met de kennis die dat opleverde kon Groenen een sterk onderzoeksvoorstel schrijven voor de European Research Council. Die honoreerde het voorstel in januari met een persoonsgebonden subsidie voor Groenen van 2,5 miljoen euro voor de komende vijf jaar. Zijn onderzoeksprogramma is op 1 maart gestart.</P>
<P><STRONG>Exponentieel<BR></STRONG>Later dit jaar publiceert een consortium van onderzoekers, waaronder Groenen, de volledige DNA-volgorde van het varken. Dat biedt een hele goede basis voor vervolgonderzoek, zegt Groenen. Groenen wil bijvoorbeeld meer inzicht in de genetische achtergrond van de groei, vruchtbaarheid en weerbaarheid tegen ziekten van varkens.</P>
<P>Zes jaar geleden was hij medeauteur van de DNA-volgorde van de kip. De hoeveelheid DNA-informatie groeit exponentieel. ‘Je kunt steeds meer en steeds sneller genetische informatie scannen, tegen steeds lagere kosten. Elke vijf maanden verdubbelt de kennis over basenparen in de wereld. De toename aan kennis gaat sneller dan de toename aan rekenkracht van de computers.’ Groenen doet de komende jaren een duit in de genenpool met 1,2 biljoen basenparen van het varken. ‘We gaan de genetische variatie opsporen. Daar zijn we echt goed in.’ | Albert Sikkema <BR><FONT size="1"><BR>Bovenstaand bericht is geproduceerd door de redactie van Resource, het blad voor Wageningen UR (University & Research centre). Meer informatie bij Pers- en wetenschapsvoorlichting van Wageningen UR, e-mail: </FONT><A href="mailto:pers.communicatie@wur"><FONT color="#0000ff" size="1">pers.communicatie@wur</FONT></A><FONT size="1"> of bij de redactie van Resource, e-mail: </FONT><A href="mailto:resource@wur.nl"><FONT color="#0000ff" size="1">resource@wur.nl</FONT></A><FONT size="1">. Zie ook </FONT><A href="http://www.resource.wur.nl/"><FONT size="1">www.resource.wur.nl</FONT></A><FONT size="1">.</FONT></P>]]></description><author>Persvoorlichting</author><category>news</category></item><item><title>Biologische beheersing van wortelknobbelaaltjes in biologische glastuinbouw blijft lastig</title><link>http://www.wur.nl/NL/nieuwsagenda/nieuws/wortelknobbelaaltjes180310.htm</link><pubDate>Thu, 18 Mar 2010 11:24:26 GMT</pubDate><guid>{2DD7C391-54BB-4D80-9B3A-2336068D0A6C}</guid><description><![CDATA[<P><STRONG>Voor de biologische glastuinbouw is nog geen eenvoudige, eenduidige techniek of methode beschikbaar voor de effectieve beheersing van problemen met wortelknobbelaaltjes. Dat blijkt uit een rapport over onderzoek van de Plant Sciences Group van Wageningen UR dat vandaag verschijnt.</STRONG></P>
<P><EM>Foto: Wortelknobbelaaltjes zorgen voor misvorming van de wortels. De planten kunnen daardoor geen water en voedingsstoffen meer opnemen, waardoor ze zelfs volledig dood kunnen gaan.</EM></P>
<UL>
<LI>Rapport: "<A href="http://documents.plant.wur.nl/wurglas/biokennisrapport-321.pdfhttp://documents.plant.wur.nl/wurglas/biokennisrapport-321.pdf" target="_blank">Biologische beheersing van wortelknobbelaaltjes in de biologische teelt van groenten en bloemen onder glas</A>"</LI></UL>
<P>Bij het onderzoek werden technieken en methoden zoals biofumigatie, afwijkende teeltsysteem en de inzet van biologische bestrijders naast elkaar gezet. Volgens de coördinator van het onderzoek, <A href="http://www.wewur.wur.nl/popups/vcard.aspx?id=WURFF001&lang=nl" target="_blank">André van der Wurff</A>, bestaat de oplossing voorlopig nog uit een pakket aan maatregelen, waarbij telers een aanpak kiezen op basis van het soort wortelknobbelaaltje, het geteelde gewas, het bedrijfstype en de bodemsamenstelling. </P>
<P>Van der Wurff, medewerker van Wageningen UR Glastuinbouw van de Plant Sciences Group: “Op dit moment wordt het stomen van de grond gezien als de meest effectieve manier om de wortelknobbelaaltjes (meloidogyne-soorten) te bestrijden. Maar die techniek heeft grote nadelen: ook het andere bodemleven wordt gedood en er is veel energie nodig. Het onderzoek richtte zich daarom op alternatieve technieken voor de beheersing van de schade die door de aaltjes wordt aangericht.”</P>
<P>De onderzoekers toetsten een groot aantal middelen voor de biologische bestrijding van wortelknobbelaaltjes. Alleen borium en enkele nog niet toegelaten plantenextracten waren in zekere mate effectief, maar geen enkel middel was in staat om de aaltjes volledig te bestrijden.</P>
<P>Het onderzoek naar biologische grondontsmetting liet zien dat het onttrekken van zuurstof aan de grond, door het onderwerken van vers organisch materiaal, de best voorspelbare resultaten leverde. Biofumigatie, door vrijkomend isothyonaat-gas na het onderwerken van bijvoorbeeld koolbladeren, leidt niet eenvoudig tot voorspelbare resultaten. Dat wordt veroorzaakt door de grote invloed van bijvoorbeeld de leeftijd van de bladeren en de gebruikte koolsoort.</P>
<P>De inzet van de biologische bestrijder <EM>Pasteuria penetrans</EM>, een uit Japan afkomstige bacterie, bleek effectief te zijn tegen verschillende soorten wortelknobbelaaltjes. Zo werden de aaltjessoorten <EM>Meloidogyne javanica </EM>en <EM>Meloidogyne incognita </EM>in het onderzoek goed bestreden. Maar de pasteuria-bacterie bestrijdt niet alle aaltjes goed genoeg. Daarnaast is het gebruik van de bacterie in Nederland nog niet toegestaan.</P>
<P>Ook het gebruik van speciale teeltsystemen kan bijdragen aan het beheersen van de problemen met wortelknobbelaaltjes. Het zogenoemde Baijens teeltsysteem bleek goede mogelijkheden te bieden voor het bestrijden van de aaltjes tijdens de teelt van komkommers. Bij dit teeltsysteem wordt het aantal komkommerplanten van twee rijen in één rij geplant, waarna de planten boven de grond uit elkaar worden geleid. Zo blijven er tussen de rijen veel bredere stroken grond over, die daardoor beter gebruikt kunnen worden voor maatregelen voor de beheersing van de problemen met de aaltjes, bijvoorbeeld door de teelt van aaltjesbestrijdende planten of door biologische grondontsmetting tijdens de teelt.</P>
<P>Alle uitkomsten overziend, concluderen de onderzoekers dat er voor de biologische glastuinbouw geen kant-en-klare methode of techniek beschikbaar is voor de beheersing van de problemen met wortelknobbelaaltjes. Van de Wurff: “Biologische telers zullen hun eigen situatie goed moeten analyseren en kunnen dan veelal het beste een aanpak kiezen waarbij meer dan één techniek gebruikt wordt.” </P>
<HR>

<P></P>]]></description><author>Persvoorlichting</author><category>news</category></item><item><title>Wageningen UR bouwt onderzoeksfaciliteit voor algen</title><link>http://www.wur.nl/NL/nieuwsagenda/nieuws/Wageningen_UR_bouwt_onderzoeksfaciliteit_voor_algen.htm</link><pubDate>Thu, 18 Mar 2010 09:46:26 GMT</pubDate><guid>{CC542B34-391A-40CE-85E4-D8B4140F15A5}</guid><description><![CDATA[<FONT size="2">
<P><STRONG>Wageningen UR (University & Research centre) gaat starten met de bouw van AlgaePARC (Algae Production And Research Centre) op Wageningen Campus. AlgaePARC is een faciliteit voor onderzoek naar duurzame en economisch rendabele micro-algenteeltsystemen. Het onderzoekscentrum op pilotschaal slaat een gewenste brug tussen het fundamentele onderzoek op laboratoriumschaal en de industriële productie van algen. De biomassa uit algenteelt is de basis voor biobrandstoffen en is een bron van eiwitten voor voedsel en chemicaliën.</STRONG> </P>
<P><STRONG>AlgaePARC faciliteit<BR></STRONG>AlgaePARC start met vier verschillende systemen van 25 m<SUP>2</SUP>: open vijver, twee typen buizenreactoren en plasticfolie bioreactoren, en een aantal kleinere systemen om nieuwe technologieën te testen. AlgaePARC zal eind 2010 in gebruik worden genomen. Maria Barbosa, projectleider AlgaePARC van Food & Biobased Research: "Het unieke aan deze faciliteit is dat het de eerste in zijn soort in de wereld is. We kunnen de productiviteit van de verschillende systemen gedurende het jaar nauwkeurig vergelijken onder identieke omstandigheden. Tegelijkertijd doen we kennis op voor het ontwikkelen van nieuwe fotobioreactoren en het ontwerpen van systemen op productieschaal".<BR>Voor de bouw van AlgaePARC is 2,25 miljoen euro beschikbaar gesteld door het ministerie van LNV (1,5 miljoen) en de Provincie Gelderland (0,75 miljoen).</P>
<P><STRONG>Micro-algen<BR></STRONG>Micro-algen worden op dit moment gezien als een veelbelovende bron voor biodiesel en chemische bouwstoffen, die gebruikt kunnen worden in verf en plastics. Biomassa uit algen biedt een duurzaam alternatief voor producten en brandstoffen uit de petrochemische industrie. Dit draagt bij aan een biobased economy doordat algen helpen de koolstofdioxide-uitstoot (CO<SUB>2</SUB>) te verminderen en maken de economie minder afhankelijk van aardolie. René Wijffels, hoogleraar Bioprocestechnologie van Wageningen University: "De productiviteit van algen is veel hoger dan die van landbouwgewassen en bovendien kunnen algen op zeewater groeien. Wij doen onderzoek naar productie van algen. Met AlgaePARC kunnen we de sprong maken van laboratoriumonderzoek naar toepassing. Wij willen laten zien dat de beloftes waargemaakt kunnen worden". </P>
<P><STRONG>AlgaePARC onderzoek<BR></STRONG>Kosten van de biomassa uit algen voor biobrandstoffen zijn nog 10 keer te hoog om te concurreren met huidige brandstoffen. Bij het bedrijfsleven leeft de vraag hoe dit goedkoper kan zodat het economisch haalbaar wordt. Bedrijven uit de energie-, voedsel-, olie- en chemische industrie, ministerie van LNV, Provincie Gelderland, Oost NV en Wageningen UR werken samen in of dragen bij aan het unieke algenonderzoekscentrum AlgaePARC om antwoord te geven op die vraag.<BR></P></FONT>]]></description><author>Persvoorlichting</author><category>news</category></item><item><title>Wageningen UR draagt genenbank van tarwe-verwoestende schimmel over aan Global Rust Reference Centre</title><link>http://www.wur.nl/NL/nieuwsagenda/nieuws/tarwe170310.htm</link><pubDate>Wed, 17 Mar 2010 15:00:46 GMT</pubDate><guid>{EC80C7C5-0917-446B-AC31-7783DE617455}</guid><description><![CDATA[<P><STRONG>Onderzoekers van de Plant Sciences Group van Wageningen UR hebben hun unieke genenbank van de verwoestende gele roest-schimmel, <EM>Puccinia striiformis</EM> f.sp. <EM>tritici</EM>, overgedragen aan het Global Rust Reference Centre bij de universiteit van Aarhus in Denemarken. <BR></STRONG><BR><EM>Foto: Gele roest in tarwe</EM><BR><BR>Tezamen met de schimmel-collectie, die in vloeibare stikstof opgeslagen wordt, zodat de schimmelsporen tientallen jaren bewaard kunnen worden, is ook de volledige database overgedragen waarin de duizenden isolaten beschreven staan. Door de overdracht aan het Global Rust Reference Centre, is de Wageningse collectie beter toegankelijk voor onderzoek naar gele roest, een van de wereldwijd belangrijkste ziektes in de tarweteelt.</P>
<P>
<TABLE class="" style="WIDTH: 100%; HEIGHT: 10px" cellSpacing="2" cellPadding="0" rules="all" border="0" frame="box">
<TBODY>
<TR>
<TD class="" vAlign="top" align="left"><A href="http://www.wewur.wur.nl/popups/vcard.aspx?id=KEMA001&lang=nl" target="_blank">Gert Kema</A> van Plant Research International van de Plant Sciences Group: “We zien het als onze verantwoordelijkheid om er voor te zorgen dat deze waardevolle gele roest-collectie, met onder andere hele oude fysio’s van de schimmel, optimaal gebruikt kan worden in het onderzoek. Het onlangs opgerichte Global Rust Reference Center is een prima plaats voor onze collectie. Vanuit dat centrum kan het onderzoek en de training van onderzoekers uitstekend gefaciliteerd worden”. <BR><BR><A href="http://www.agrsci.org/content/view/full/1564" target="_blank">Mogens Støvring Hovmøller</A>, directeur van het Global Rust Reference Centre: "De Wageningse collectie is een zeer belangrijke aanwinst voor de collectie van het reference centre. De isolaten van de Puccinia-schimmel die door Wageningen bewaard en gekarakteriseerd zijn, kunnen onze gebruikers nu en in de toekomst helpen om de problemen met de ziekte te verminderen" </TD>
<TD class="" vAlign="top" align="left"><IMG alt="" src="/NR/rdonlyres/EC80C7C5-0917-446B-AC31-7783DE617455/104411/2010_02_gele_roest_DSC00756225x300.jpg" border="0"><BR><EM>Gele roest op een blad van een tarwe-plant</EM></TD></TR></TBODY></TABLE></P>
<P>De Wageningse collectie van de gele roestschimmel bevat vele unieke ‘oude’ fysio’s van de schimmel. Deze stammen van de schimmel zijn afkomstig uit de tijd dat de schimmel bij zijn groei en verspreiding in Europa en vele ontwikkelingslanden nog niet of nauwelijks gehinderd werd door resistente tarwerassen. Vanwege deze oude fysio’s is de collectie uitstekend geschikt voor het doen van DNA-onderzoek naar de genetische verschillen tussen fysio’s en naar het ontstaan van fysio’s. Kema: “Dankzij de recente biologische en technologische ontwikkelingen in het DNA onderzoek, is het binnenkort haalbaar om het genoom van tientallen fysio’s volledig in kaart te brengen. Die kennis kan een enorme stimulans geven aan de ontwikkeling van tarwerassen met nieuwe resistenties die lastig door de schimmel te omzeilen zijn.”</P>
<P>
<TABLE class="" style="WIDTH: 100%; HEIGHT: 10px" cellSpacing="2" cellPadding="0" rules="all" border="0" frame="box">
<TBODY>
<TR>
<TD class="" vAlign="top" align="left"><IMG alt="" src="/NR/rdonlyres/EC80C7C5-0917-446B-AC31-7783DE617455/104413/2010_02_gele_roest_IMG0003300x225.jpg" border="0"><BR><EM>Door de mircoscoop is goed zichtbaar dat de gele roest-schimmel in het blad groeit.</EM></TD>
<TD class="" vAlign="top" align="left">Gele roest is wereldwijd een van de belangrijkste ziektes in tarwe en in minder mate ook in gerst. Plantenveredelaars ontwikkelen daarom rassen met resistentie tegen de schimmel die de ziekte veroorzaakt: <EM>Puccinia striiformis </EM>f.sp. <EM>tritici</EM>. De schimmel probeert op zijn beurt de resistentie te omzeilen. Dat is de belangrijkste reden waarom er over de hele wereld allerlei zogenoemde fysio’s ontstaan.  </TD></TR></TBODY></TABLE>Ieder fysio is in staat om een bepaald aantal tarwe-rassen aan te tasten. Wélke tarwe-rassen aangetast kunnen worden, is kenmerkend voor het fysio. Voor veredelingsonderzoekers is het daarom belangrijk om goed gekarakteriseerd schimmelmateriaal te kunnen gebruiken in hun onderzoek en hun veredelings- en selectieprogramma.</P>
<P>Het vroegere DLO-Instituut voor Plantenziektenkundig Onderzoek nam het initiatief voor de collectie naar aanleiding van het onderzoek van de gerenommeerde Wageningse hoogleraar Jan Carel Zadoks, die in 1961 promoveerde op onderzoek naar de epidemiologie van de schimmel. De collectie en het onderzoek aan de collectie kreeg wereldwijde bekendheid toen de Wageningse onderzoekers ir. Ron Stubbs (overleden) en dr. Cor van Silfhout en hun medewerkers samen met het internationale onderzoekinstituut CIMMYT in Mexico, duizenden schimmel-monsters van over de hele wereld verzamelden en karakteriseerden. De collectie is sindsdien intensief gebruikt voor onderzoek en voor het trainen van onderzoekers.<BR></P>
<P>Tegen het einde van de vorige eeuw nam het aantal Nederlandse tarwe-veredelinsgbedrijven sterk af. Mede als gevolg daarvan verminderde in Wageningen ook het onderzoek aan gele roest. Daarom besloot Plant Research International de collectie over te dragen aan het in 2008 opgerichte Global Rust Reference Center. Dat centrum is een gezamenlijk initiatief van de Universiteit van Aarhus, Denemarken, en de internationale onderzoekinstituten ICARDA in Syrië en CIMMYT in Mexico. <BR>
<TABLE class="" style="WIDTH: 40px; HEIGHT: 10px" cellSpacing="2" cellPadding="5" rules="all" border="0" frame="void">
<TBODY>
<TR>
<TD><IMG height="188" alt="" hspace="0" src="/NR/rdonlyres/EC80C7C5-0917-446B-AC31-7783DE617455/104414/2010_02_gele_roest_Stubbs_YR_coll_transfers_9300x2.jpg" width="250" border="0" longDesc=""></TD>
<TD><IMG height="188" alt="" hspace="0" src="/NR/rdonlyres/EC80C7C5-0917-446B-AC31-7783DE617455/104415/2010_02_gele_roest_Stubbs_YR_coll_transfers_17300x.jpg" width="250" border="0" longDesc=""></TD></TR>
<TR>
<TD class="" rE_3_="undefined"><EM>De Wageningse collectie is in een speciale container met vloeibare stikstof naar Denemarken vervoerd.</EM></TD>
<TD class="" rE_3_="undefined"><EM>De Wageningse collectie krijgt zijn definitieve plaats in de opslag van het Global Rust Reference Centre in Aarhus, Denemarken</EM></TD></TR></TBODY></TABLE>Het transport van de collectie van Wageningen naar Aarhus is verzorgd door de firma Linde Gas, die daarvoor de expertise en apparatuur heeft.<BR><BR>
<HR>

<P></P>]]></description><author>Persvoorlichting</author><category>news</category></item><item><title>Plant Sciences Group actief in Europees fytoplasma-onderzoek</title><link>http://www.wur.nl/NL/nieuwsagenda/nieuws/cost150310.htm</link><pubDate>Tue, 16 Mar 2010 07:11:01 GMT</pubDate><guid>{0AE2C2ED-BA4F-4BCD-BAE6-35386FEBF62F}</guid><description><![CDATA[<P><STRONG>Onderzoekers van de Plant Sciences Group van Wageningen UR vertegenwoordigen Nederland in de Europese COST action of Integrated Management of Phytoplasma Epidemics in Different Crop Systems. De EU geeft met dit COST programma het Europese fytoplasmaonderzoek een belangrijke stimulans.<BR></STRONG><BR><EM>Foto: Fytoplasma in aardbei<BR></EM><BR>COST stelt € 400.000 ter beschikking zodat Europese onderzoekers gedurende vier jaar beschikbare kennis met elkaar kunnen delen waardoor Europese onderlinge samenwerking wordt bevorderd.<BR>De fytoplasma COST actie moet strategieën opleveren die de verspreiding van ziekten door fytoplasma’s helpt voorkomen. Zo zoekt COST zoekt o.a. naar goede detectiemethoden om fytoplasma’s in een plant te kunnen herkennen.</P>
<P>In Europa veroorzaken fytoplasmas vooral in de druiventeelt grote schade. Ook in Nederland veroorzaken fytoplasmas schade. <A href="http://www.wewur.wur.nl/popups/vcard.aspx?id=VERBE009&lang=nl" target="_blank">Martin Verbeek</A> en <A href="http://www.wewur.wur.nl/popups/vcard.aspx?id=DULLE001&lang=nl" target="_blank">Annette Dullemans</A> (PRI) werken daarom inmiddels ruim twee jaar aan fytoplasmas in respectievelijk de fruit- (<A href="http://documents.plant.wur.nl/psg/downloads/b0-06-005-001-14.pdf" target="_blank">appelheksenbezem</A>) en aardbeiteelt. <A href="http://www.wewur.wur.nl/popups/vcard.aspx?id=KOCK001&lang=nl" target="_blank">Maarten de Kock</A> en <A href="http://www.wewur.wur.nl/popups/vcard.aspx?id=PHAM002&lang=nl" target="_blank">Khan Pham</A> (PPO) werken aan fytoplasma’s in bolgewassen, peer en perzik.</P>
<P>Fytoplasma’s zijn bacterie-achtige plantparasieten die zich in een plant nestelen. Fytoplasma’s kunnen zich goed verstoppen in een plant waardoor hun aanwezigheid moeilijk is aan te tonen. Veel fytoplasma’s zijn zogenaamde quarantaineorganismen: zeer schadelijke organismen die niet of in beperkte mate mogen voorkomen in Europese landen omdat ze grote economische schade kunnen veroorzaken.</P>
<P>De fytoplasma COST-actie wordt geleid door Prof. Dr. Assunta Bertaccini van de Universiteit van Bologna and Dr. Mogens Nicolaisen van de Universiteit van Aarhus. Beiden zijn trekker van het fytoplasma werkpakket in het Europese QBOL-project waarvan <A href="http://www.wewur.wur.nl/popups/vcard.aspx?id=BONAN001&lang=nl" target="_blank">Peter Bonants</A> (PRI) projectleider is. <A href="http://www.qbol.org/UK/" target="_blank">QBOL</A> brengt DNA-barcodes in kaart van bestaande collecties quarantaine-organismen, waaronder ook fytoplasmas.</P>
<P>Meer informatie over de fytoplasma COST-actie: <A href="http://www.costphytoplasma.eu/" target="_blank">www.costphytoplasma.eu</A> <BR><BR>
<HR>
<BR>
<P></P>]]></description><author>Persvoorlichting</author><category>news</category></item><item><title>PHEROBANK ontwikkelt dispenser tegen pistache-mot in Iran</title><link>http://www.wur.nl/NL/nieuwsagenda/nieuws/pherobank150310.htm</link><pubDate>Tue, 16 Mar 2010 07:10:23 GMT</pubDate><guid>{982FC586-3765-4E3D-BA95-6700F67A7FB7}</guid><description><![CDATA[<P><STRONG>De pistacheboorder <EM>Kermania pistaciella </EM>is één van de belangrijkste plagen in pistacheplantages. De mot veroorzaakt in Iran en Turkije dan ook aanzienlijke schade in de pistacheteelt.</STRONG><BR><BR><EM>PHERO</EM>BANK van Plant Research International, onderdeel van Wageningen UR heeft het feromoon van de pistacheboorder gesynthetiseerd. Het feromoonmolecuul bestaat uit twee spiegelbeeldvormen. Uit testen in Iran is gebleken dat slechts één van beide aantrekkelijk is voor de pistacheboorder. De andere vorm blijkt de werking te verminderen. In de dispenser moet de lokstof daarom in de natuurlijk zuivere vorm gebruikt worden die helaas een stuk duurder is dan het veel goedkopere (racemische) mengsel dat beide spiegelbeeldvormen van het molecuul bevat.<BR><BR>Het Iraanse bedrijf dat de lokstof heeft getest, is enthousiast en heeft inmiddels een grote order bij <EM>PHERO</EM>BANK geplaatst. De verwachting is dat ook bedrijven in Turkije geïnteresseerd zullen zijn.<BR><BR>Met het gebruik van het pistacheboorderferomoon kan een aanzienlijke reductie op het gebruik van chemische bestrijdingsmiddelen worden gerealiseerd.<BR><BR>Meer informatie over beschikbaarheid en prijzen: <A href="http://www.pherobank.com">www.pherobank.com</A><BR><BR>
<HR>

<P></P>]]></description><author>Persvoorlichting</author><category>news</category></item><item><title>Wageningen UR ontwikkelt geldbesparende techniek voor zaadonderzoek</title><link>http://www.wur.nl/NL/nieuwsagenda/nieuws/zaadondz110310.htm</link><pubDate>Tue, 16 Mar 2010 07:08:55 GMT</pubDate><guid>{393C9AD1-BE29-4915-A0B9-6D950976600A}</guid><description><![CDATA[<P><STRONG>Onderzoekers van de Plant Sciences Group van Wageningen UR hebben een system ontwikkeld waarmee grote hoeveelheden zaadmonsters geautomatiseerd beoordeeld kunnen worden op hun kiemkracht. Het automatische beoordelingssysteem, Germinator geheten, is gepubliceerd in het wetenschappelijke tijdschrift The Plant Journal.</STRONG> <BR><BR><EM>Foto: De kieming van een zaadje van de zandraket, sterk uitvergroot</EM><BR><BR>Germinator maakt onder andere gebruik van beeldanalyse-methoden en is met name ontwikkeld voor het onderzoek van zaden van de zandraket. Het systeem is kosteloos beschikbaar voor laboratoria waar veel onderzoek wordt gedaan naar plantenzaden, zoals bij keuringsdiensten, universiteiten, onderzoekinstituten en zaadbedrijven. Het systeem kan deze organisaties veel tijd, en daarmee geld besparen.</P>
<P>Ronny Joosen, onderzoeker bij de leerstoelgroep Plantenfysiologie binnen de Plant Sciences Group, is een van de ontwikkelaars van het Germinator-systeem en is eerste auteur van het artikel in The Plant Journal. Joosen: “Germinator is een slimme combinatie van drie onderdelen. Ten eerste wordt de proefopzet ontworpen en de administratie aangemaakt die nodig is voor een bepaald onderzoek, zodat de monsters in voldoende herhalingen en ‘gerandomiseerd’ onderzocht worden. Ten tweede gebruikt Germinator beeldanalyse om op een snelle en betrouwbare manier het aantal niet gekiemde zaden te bepalen. Daarvoor hoeven de zaden niet precies gepositioneerd te worden. Vooral daarin onderscheidt Germinator zich van andere systemen. Door deze grote flexibiliteit is het systeem effectief in te zetten bij grootschalige experimenten. <BR>Ten derde berekent het systeem snel en eenvoudig honderden kiemcurves, waardoor de kiemeigenschappen van vele zaadmonsters met elkaar vergeleken kunnen worden.” </P>
<P>Kiemkracht is een heel belangrijke eigenschap van plantenzaden. Zaden die niet goed kiemen, zorgen bijvoorbeeld voor een minder goede start van het gewas. Dat zorgt uiteindelijk voor een lagere opbrengst of een lagere kwaliteit van de opbrengst.  Het kiempercentage van zaden is zelfs zo belangrijk, dat zaadpartijen er op kunnen worden afgekeurd. Zaadpartijen die door worden afgekeurd, zijn onverkoopbaar en daarmee een enorme verliespost voor zaadbedrijven.</P>
<P>De onderzoekgroep die Germinator ontwikkeld heeft, doet onder andere onderzoek naar de genetische achtergrond van zaadkwaliteit met behulp van de zandraket (Arabidopsis thaliana). Zandraket is een modelplant die veel wordt gebruikt voor biologisch onderzoek. De zaden van de zandraket zijn erg klein en het handmatig tellen van de kieming verhinderde tot nu toe grootschalige experimenten. Met de ontwikkeling van Germinator behoort dit tijdrovende en geestdodend proces tot het verleden. Veel zaad-laboratria zijn nu al aan het overgaan tot het gebruik van Germinator.</P>
<P>Naast zandraket is Germinator inmiddels ook gebruikt voor het meten van koolzaad, maar de verwachting is dat de Germinator voor veel meer plantensoorten geschikt is. Het berekenen van de kiemcurves is een losse module en werkt daardoor voor alle plantensoorten.</P>
<P>De onderzoekers hebben Germinator ook al gebruikt in hun eigen onderzoek. Zo hebben ze het systeem met succes toegepast in het onderzoek naar de natuurlijke variatie voor zout-tolerantie bij de zaadkieming van zandraket. Joosen: “We hebben daarbij  laten zien dat één enkele persoon met het nieuwe systeem per dag gemakkelijk duizend kiemtesten kan beoordelen. We kunnen ons nu eindelijk ook richten op zeer grootschalige experimenten” </P>
<UL>
<LI>Het gehele pakket inclusief instructie is kostenloos beschikbaar via:<BR><A href="http://www.wageningenseedlab.nl/germinator">www.wageningenseedlab.nl/germinator</A></LI>
<LI>Publicatie:"<A href="http://www3.interscience.wiley.com/journal/123224386/abstract" target="_blank">germinator: a software package for high-throughput scoring and curve fitting of Arabidopsis seed</A>" </LI></UL>
<P>
<HR>
</P>]]></description><author>Persvoorlichting</author><category>news</category></item><item><title>1,2 miljoen voor onderzoeksproject biomassapellets uit de Oekraine</title><link>http://www.wur.nl/NL/nieuwsagenda/nieuws/Biomassapellets_uit_de_Oekraine.htm</link><pubDate>Fri, 12 Mar 2010 10:56:10 GMT</pubDate><guid>{57897870-2C96-4B32-B0DD-2D5EC76DC84E}</guid><description><![CDATA[<P class="MsoNormal" style="MARGIN: 0cm 0cm 0pt"><SPAN lang="NL" style="FONT-FAMILY: Arial; mso-ansi-language: NL">“Pellets for Power” ontwikkelt duurzame biomassa voor import naar Nederland<BR><BR></P>
<P class="MsoNormal" style="MARGIN: 0cm 0cm 0pt"><SPAN lang="NL" style="FONT-FAMILY: Arial; mso-ansi-language: NL"><STRONG>Een consortium van Nederlandse, Oekraïense en Belgische onderzoeksinstituten en bedrijven onder leiding van Wageningen UR Food & Biobased Research ontwerpen een businessmodel voor de productie van gecertificeerd duurzame biomassapellets in de Oekraïne voor export naar Nederland en lokale brandstofvoorziening. Het project “Pellets for Power” speelt in op de groeiende vraag naar duurzame biomassa en ontsluit de nog grotendeels onontsloten mogelijkheden in de Oekraïne.<?xml:namespace prefix = "o" ns = "urn:schemas-microsoft-com:office:office" /><o:p></o:p></STRONG></SPAN></P>
<P class="MsoNormal" style="MARGIN: 0cm 0cm 0pt"><SPAN lang="NL" style="FONT-FAMILY: Arial; mso-ansi-language: NL"><o:p> </o:p></SPAN></P>
<P class="MsoNormal" style="MARGIN: 0cm 0cm 0pt"><SPAN lang="NL" style="FONT-SIZE: 10pt; FONT-FAMILY: Arial; mso-ansi-language: NL"><STRONG>Biomassaketens<o:p></o:p></STRONG></SPAN></P>
<P class="MsoNormal" style="MARGIN: 0cm 0cm 0pt"><SPAN lang="NL" style="FONT-SIZE: 10pt; FONT-FAMILY: Arial; mso-ansi-language: NL">De grotendeels onderbenutte bijproducten stro en riet worden onderzocht. Daarnaast wordt het potentieel voor biomassaproductie met de gewassen Switchgrass en Miscanthus onderzocht. Deze planten leveren bij lage kosten en inputs toch hoge opbrengsten. De ketens worden beoordeeld op economische haalbaarheid en op duurzaamheid met nieuwe biomassastandaarden, zoals de NTA-8080. <o:p></o:p></SPAN></P>
<P class="MsoNormal" style="MARGIN: 0cm 0cm 0pt"><SPAN lang="NL" style="FONT-FAMILY: Arial; mso-ansi-language: NL"><o:p> </o:p></SPAN></P>
<P class="MsoNormal" style="MARGIN: 0cm 0cm 0pt"><SPAN lang="NL" style="FONT-SIZE: 10pt; FONT-FAMILY: Arial; mso-ansi-language: NL"><STRONG>Mogelijkheden in de Oekraïne<o:p></o:p></STRONG></SPAN></P>
<P class="MsoNormal" style="MARGIN: 0cm 0cm 0pt"><SPAN lang="NL" style="FONT-SIZE: 10pt; FONT-FAMILY: Arial; mso-ansi-language: NL">In de Oekraïne wordt op dit moment 1 tot 5 miljoen hectare land on- of onderbenut. Voor dit land worden met de gewassen, Switchgrass en Miscanthus, veldexperimenten uitgevoerd op verscheidene grondsoorten, en onder verschillende managementsystemen. Door dit surplus land te gebruiken kan naar verwachting ongewenste concurrentie tussen voedselgewassen en energiegewassen vermeden worden.<o:p></o:p></SPAN></P>
<P class="MsoNormal" style="MARGIN: 0cm 0cm 0pt"><SPAN lang="NL" style="FONT-SIZE: 10pt; FONT-FAMILY: Arial; mso-ansi-language: NL">In de Oekraïne is er naar schatting zo’n 10 miljoen ton stro per jaar beschikbaar dat nu nog vaak op het veld verbrand wordt. Ook natuurlijke rietvelden worden vaak in brand gestoken. Het project zal duurzame oogstmethodedn ontwikkelen voor deze biomassa. Zo kan deze onderbenutte biomassa een bron worden voor productie van elektriciteit, warmte & tweede generatie biobrandstoffen en chemicaliën. <o:p></o:p></SPAN></P>
<P class="MsoNormal" style="MARGIN: 0cm 0cm 0pt"><SPAN lang="NL" style="FONT-FAMILY: Arial; mso-ansi-language: NL"><o:p> </o:p></SPAN></P>
<P class="MsoNormal" style="MARGIN: 0cm 0cm 0pt"><SPAN lang="NL" style="FONT-SIZE: 10pt; FONT-FAMILY: Arial; mso-ansi-language: NL"><STRONG>Duurzame biomassa import<o:p></o:p></STRONG></SPAN></P>
<P class="MsoNormal" style="MARGIN: 0cm 0cm 0pt"><SPAN lang="NL" style="FONT-SIZE: 10pt; FONT-FAMILY: Arial; mso-ansi-language: NL">Het project brengt de groeiende vraag naar groene energie uit biomassa in Nederland en Europa samen met een potentieel aanbod van biomassa in de Oekraïne die op dit moment niet gebruikt wordt. Dit biedt zo ook kansen voor de Oekraïne, een land geplaagd door economische depressie, landbodemdegradatie, ontvolking van het platteland en een groot gebrek aan betaalbare brandstoffen.<o:p></o:p></SPAN></P>
<P class="MsoNormal" style="MARGIN: 0cm 0cm 0pt"><SPAN lang="NL" style="FONT-SIZE: 10pt; FONT-FAMILY: Arial; mso-ansi-language: NL">Het gebruik van deze biomassa als energiebron zal de emissie van broeikasgassen Koolstofdioxine (CO2) en Lachgas (N20) terugdringen en bijdragen aan lokale werkgelegenheid en aan lokale energievoorziening.<o:p></o:p></SPAN></P>
<P class="MsoNormal" style="MARGIN: 0cm 0cm 0pt"><SPAN lang="NL" style="FONT-FAMILY: Arial; mso-ansi-language: NL"><o:p> </o:p></SPAN></P>
<P class="MsoNormal" style="MARGIN: 0cm 0cm 0pt"><SPAN lang="NL" style="FONT-SIZE: 10pt; FONT-FAMILY: Arial; mso-ansi-language: NL"><STRONG>Samenwerking<o:p></o:p></STRONG></SPAN></P>
<P class="MsoNormal" style="MARGIN: 0cm 0cm 0pt"><SPAN lang="NL" style="FONT-SIZE: 10pt; FONT-FAMILY: Arial; mso-ansi-language: NL">In dit project werken de onderzoeksinstituten Wageningen UR Food & Biobased Research, Alterra (ook onderdeel van Wageningen UR) en Poltava State Agrarian Academy samen met de bedrijven Tuzetka (Bel), Phytofuels (UA) en Control Union (NL). <o:p></o:p></SPAN></P>
<P class="MsoNormal" style="MARGIN: 0cm 0cm 0pt"><SPAN lang="NL" style="FONT-SIZE: 10pt; FONT-FAMILY: Arial; mso-ansi-language: NL">Op Donderdag 11 maart 2010 reikte de minister van Economische Zaken Maria van der Hoeven de subsidie uit aan de geselecteerde projecten in het Duurzame Biomassa Import programma. Het programma Duurzame Biomassa Import richt zich op het stimuleren, ondersteunen en faciliteren van de verduurzaming van de productie, de verwerking en de import van in het buitenland geproduceerde biomassa die leidt tot de toepassing van biomassa voor energie-, transport- of chemiedoeleinden in Nederland.</SPAN> 
<P class="MsoNormal" style="MARGIN: 0cm 0cm 0pt"><SPAN lang="NL" style="FONT-FAMILY: Arial; mso-ansi-language: NL"></SPAN></P><SPAN style="FONT-SIZE: 7.5pt; COLOR: black; FONT-FAMILY: Arial"></SPAN></SPAN>
<P><SPAN lang="NL" style="FONT-SIZE: 10pt; FONT-FAMILY: Arial; mso-ansi-language: NL">***************************************************<o:p></o:p></SPAN> </P>]]></description><author>Persvoorlichting</author><category>news</category></item><item><title>Signaaleiwit voor stamcellen in planten ontdekt</title><link>http://www.wur.nl/NL/nieuwsagenda/nieuws/RZ100311.htm</link><pubDate>Thu, 11 Mar 2010 12:52:57 GMT</pubDate><guid>{E4EED04D-A6AF-4A90-941D-86A8C153E16C}</guid><description><![CDATA[<P><STRONG>De Wageningse biochemicus Dolf Weijers heeft met Duitse collega’s ontdekt hoe stamcellen in het plantenembryo worden aangelegd. De cellen communiceren met elkaar via het transport van een eiwit. Dat meldt Weijers deze week in <EM>Nature</EM>. <BR><BR></STRONG>In tegenstelling tot dieren maken planten gedurende hun hele leven nieuwe organen - bladeren, wortels en bloemen. Hiervoor zorgen de meristemen, groeipunten waarin de stamcellen aanwezig zijn. Meristemen worden aangelegd in het jonge plantenembryo.</P>
<P>Weijers onderzocht de aanleg van het wortelmeristeem in het embryo van de modelplant Arabidopsis thaliana. Dat begint met het programmeren van één cel als ‘hypofyse’, die de stamcellen in de wortel reguleert. Bekend was al dat de aanleg van de hypofyse wordt gestuurd door de genschakelaar Monopteros. Tot op heden was niet bekend hoe deze schakelaar vanuit naburige cellen de hypofyse-aanleg kan regelen.<BR><BR><STRONG>Hypofyse<BR></STRONG>Weijers isoleerde in het jonge embryo van <EM>Arabidopsis</EM> de genen die door Monopteros worden aangeschakeld, de zogenaamde Target Of Monopteros (TMO) genen. Zo vond hij het gen TMO7, dat codeert voor een klein eiwit dat naar de toekomstige hypofyse wordt getransporteerd. Het signaal dat door de omliggende cellen wordt uitgezonden om de hypofyse vast te leggen, is dus een eiwit. Eerder had zijn onderzoeksgroep al laten zien dat het plantenhormoon auxine, dat de schakelaar Monopteros activeert, ook naar de toekomstige hypofyse wordt getransporteerd. Er worden dus tenminste twee signalen naar de naburige cel gestuurd om deze als hypofyse te definiëren.</P>
<P>‘De meristemen zijn de sleutel tot de plantengroei’, zegt Weijers. ‘Als je die sleutel begrijpt, dan opent dat mogelijkheden tot onderzoek om planten beter te laten groeien. Hoe weten plantencellen in het jonge embryo wat ze moeten worden? We weten nu: de buurcellen vertellen het hen door het sturen van een genschakelaar. We hebben nu direct bewijs van de communicatie tijdens de embryogenese, de vorming van het embryo na de bevruchting.’ Deze communicatie zorgt ervoor dat de meristemen op de juiste plek zitten, zodat de stamcellen op deze plek wortels kunnen aanmaken.<BR><BR><STRONG>VIDI-beurs<BR></STRONG>De Nature publicatie is het resultaat van onderzoek dat Weijers startte aan de universiteit van het Duitse Tübingen en dat hij grotendeels in Wageningen  uitvoerde. Eerste auteur is zijn Duitse promovenda Alexandra Schlereth, tweede auteur de Wageningse promovenda Barbara Möller. Weijers ontving voor dit onderzoek in 2006 een VIDI-beurs van NWO en is sinds kort lid van de Jonge Akademie van de KNAW. | Albert Sikkema<BR><FONT size="1"><BR>Bovenstaand bericht is geproduceerd door de redactie van Resource, het blad voor Wageningen UR (University & Research centre). Meer informatie bij Pers- en wetenschapsvoorlichting van Wageningen UR, e-mail: </FONT><A href="mailto:pers.communicatie@wur"><FONT color="#0000ff" size="1">pers.communicatie@wur</FONT></A><FONT size="1"> of bij de redactie van Resource, e-mail: </FONT><A href="mailto:resource@wur.nl"><FONT color="#0000ff" size="1">resource@wur.nl</FONT></A> <FONT size="1">Zie ook </FONT><A href="http://www.resource.wur.nl/"><FONT size="1">www.resource.wur.nl</FONT></A></P>]]></description><author>Persvoorlichting</author><category>news</category></item><item><title>Kip houdt actieve genen bij elkaar</title><link>http://www.wur.nl/NL/nieuwsagenda/nieuws/Rc100311.htm</link><pubDate>Thu, 11 Mar 2010 12:25:53 GMT</pubDate><guid>{D28E87EB-28B0-4B48-9BD9-8FBD4E0C9E6E}</guid><description><![CDATA[<P><STRONG>Het genoom van de kip kent een hogere orde. Genen die veel tot expressie komen zitten dicht bij elkaar op de chromosomen. Dat geldt ook voor de genen die nauwelijks tot expressie komen. Deze clustering van actieve genen is efficiënt en biedt daarmee een evolutionair voordeel bij selectiedruk, denkt Martien Groenen, hoogleraar Fokkerij en Genetica aan Wageningen Univerity, onderdeel van Wageningen UR.<BR></STRONG><BR>Bij mensen en muizen hebben andere onderzoekers ook een vergelijkbare organisatie van het genoom gevonden met pakketjes genen die hoog tot expressie komen. Een hoge expressie betekent dat deze genen veel kopieën RNA aanmaken die coderen met een bepaalde eigenschap. Het genoom van mensen, kippen en muizen lijkt sterk op elkaar. ‘We willen de principes van het genoom begrijpen’, zegt Groenen.</P>
<P>Zijn promovendus Haisheng Nie bestudeerde diverse embryo’s en organen van kippen en ging na welke genen op welk moment tot expressie kwamen. ‘We konden met micro-arrays nagaan: staan de genen aan of staan ze uit? En wanneer komen de genen tot expressie?’, vraagt copromotor Richard Crooijmans zich af. Tijdens die zoektocht vonden Nie en Crooijmans dat de actieve genen op het chromosoom vaak dicht bij elkaar liggen.</P>
<P><STRONG>Ordening<BR></STRONG>‘De genen zitten niet zomaar achter elkaar, maar hebben een bepaalde ordening’, zegt Groenen. Hij vermoedt dat het samen clusteren van genen die hoog tot expressie komende de toegankelijkheid van deze genen verhoogt en daardoor efficiënt is voor de cel.</P>
<P>De inzichten leiden niet direct tot praktische voordelen bij het fokken van kippen. ‘Maar met meer kennis van het genoom kunnen we wel gerichter selecteren en keuzes maken of we genen met zowel positieve als negatieve eigenschappen in het fokkerijproces willen meenemen’, zegt Crooijmans.<BR>Haisheng Nie promoveerde op 8 maart bij prof. Groenen. | Albert Sikkema </P>
<P><FONT size="1">Bovenstaand bericht is geproduceerd door de redactie van Resource, het blad voor Wageningen UR (University & Research centre). Meer informatie bij Pers- en wetenschapsvoorlichting van Wageningen UR, e-mail: </FONT><A href="mailto:pers.communicatie@wur"><FONT color="#0000ff" size="1">pers.communicatie@wur</FONT></A><FONT size="1"> of bij de redactie van Resource, e-mail: </FONT><A href="mailto:resource@wur.nl"><FONT color="#0000ff" size="1">resource@wur.nl</FONT></A><FONT size="1">. Zie ook </FONT><A href="http://www.resource.wur.nl"><FONT size="1">www.resource.wur.nl</FONT></A><FONT size="1">.</FONT></P>]]></description><author>Persvoorlichting</author><category>news</category></item><item><title>Planten gericht veredelen voor goedkope energie</title><link>http://www.wur.nl/NL/nieuwsagenda/nieuws/Rb100311.htm</link><pubDate>Thu, 11 Mar 2010 12:25:38 GMT</pubDate><guid>{CA3CF454-CEC6-43B3-ADDF-69BD5339EC68}</guid><description><![CDATA[<P><STRONG>Plantenveredeling kan een grote rol spelen in de overgang naar een biobased economy, denkt promovendus Andres Torres Salvador van Wageningen University, onderdeel van Wagenignen UR. Hij wil planten zodanig aanpassen dat er efficiënter en goedkoper energie uit valt te winnen.</STRONG> </P>
<P>Torres Salvador, verbonden aan het Laboratorium voor Plantenveredeling, presenteerde zijn onderzoek dinsdag tijdens het symposium A world in Transition, ter gelegenheid van de 92e dies van Wageningen University. Torres Salvador bestudeert hoe je de niet eetbare delen van maïs geschikt maakt voor energiewinning. Hij richt zich vooral op de celwanden van de plant. ‘Die bestaan voor een groot deel uit cellulose dat je via vergisting kunt omzetten in alcohol’, licht hij toe. ‘Cellulose is het meest voorkomende biologische materiaal op aarde; het potentieel is daarom enorm.’ </P>
<P><STRONG>Peulenschil</STRONG><BR>De kosten om celwanden in alcohol om te zetten zijn momenteel nog te hoog. De bottleneck is de eerste stap van dit proces: het ontsluiten en afbreken van de cellulose in de celwanden. Cellulose is een lange, stevige keten van suikermoleculen, die je met dure enzymen van elkaar los kunt maken. De rest van het proces is dan een peulenschil: de losse suikermoleculen zijn eenvoudig te vergisten tot bio-alcohol, een geschikte brandstof. Torres Salvador zoekt daarom naar methoden om maïsplanten zodanig aan te passen aan de wensen van de industrie dat de afbraak van cellulose efficiënter verloopt. ‘Ik richt me op eigenschappen van de celwand die van invloed zijn op het afbraak- en vergistingsproces’, legt de promovendus uit. ‘Daarnaast is het heel belangrijk dat we de genen in kaart brengen die de celwandeigenschappen bepalen.’ Met deze aanpak hoopt hij de maïsplant zodanig te veranderen dat uiteindelijk bio-alcohol kan concurreren met fossiele brandstoffen. </P>
<P><STRONG>Oerbossen</STRONG><BR>Gentechnologie is volgens Torres Salvador een ander hulpmiddel om efficiënter energie uit maïs te winnen: ‘Het zou ideaal zijn als we een plant konden maken die enzymen produceert die de eigen celwand afbreken, maar dat zal niet gemakkelijk zijn.’ Ondanks de enorme mogelijkheden kleven er ook bezwaren aan het gebruik van landbouwgronden voor de productie van brandstof betoogden enkele toehoorders tijdens het symposium: de teelt van alcoholgewassen kan ten koste gaan van voedselproductie en een stimulans zijn voor de kap van oerbossen. Torres Salvador wil dit probleem onder meer ondervangen door planten geschikt te maken voor marginale gronden, waar weinig anders wil groeien. ‘Ondanks mogelijke problemen moeten we optimistisch zijn’, vindt hij. ‘Mijn belangrijkste boodschap is dat plantenverdeling een geweldige bijdrage kan leveren aan de overgang naar een duurzame, <EM>biobased economy</EM>.’ | Hans Wolkers</P>
<P><FONT size="1">Bovenstaand bericht is geproduceerd door de redactie van Resource, het blad voor Wageningen UR (University & Research centre). Meer informatie bij Pers- en wetenschapsvoorlichting van Wageningen UR, e-mail: </FONT><A href="mailto:pers.communicatie@wur"><FONT color="#0000ff" size="1">pers.communicatie@wur</FONT></A><FONT size="1"> of bij de redactie van Resource, e-mail: </FONT><A href="mailto:resource@wur.nl"><FONT color="#0000ff" size="1">resource@wur.nl</FONT></A>. <FONT size="1">Zie ook </FONT><A href="http://www.resource.wur.nl"><FONT size="1">www.resource.wur.nl</FONT></A><FONT size="1">.</FONT></P>]]></description><author>Persvoorlichting</author><category>news</category></item><item><title>Trans- en cisgene aardappel komt dichterbij</title><link>http://www.wur.nl/NL/nieuwsagenda/nieuws/R100311.htm</link><pubDate>Thu, 11 Mar 2010 12:24:57 GMT</pubDate><guid>{2814E8E5-932B-4246-B077-09D171FBA5A7}</guid><description><![CDATA[<P><STRONG>De Europese Commissie geeft de lidstaten toestemming om de genetisch gemodificeerde aardappel <EM>Amflora</EM> van chemieconcern BASF te verbouwen. Dat is een grote stap vooruit, vindt Anton Haverkort van Plant Research International, onderdeel van Wageningen UR.</STRONG> </P>
<P>De aardappel <EM>Amflora</EM> is niet geschikt voor menselijke consumptie, maar bedoeld voor de productie van zetmeel als grondstof van papier en veevoer. Daartoe maakt de aardappel extra veel van het zetmeel amylopectine.<BR> <BR>Haverkort denkt dat ook de gentechaardappel Modena van Avebé binnenkort wordt toegelaten. Ook die produceert amylopectine. ‘BASF heeft het extra gen ingebracht met een antibiotica-merker. Avebé heeft een modernere, merkervrije techniek gebruikt. Ik verwacht nog minder beperkingen voor de aardappel van Avebé.’ Akkerbouwers mogen de <EM>Amflora</EM> aardappelen alleen verbouwen als ze goed worden afgescheiden van gewone aardappels.</P>
<P><STRONG>Phytophthora</STRONG><BR>Zweden, Duitsland, Nederland en Tsjechië zouden interesse hebben de transgene aardappel te verbouwen. ‘Dit is de eerste toekenning van een transgeen gewas dat speciaal voor de Europese markt is ontwikkeld’, zegt Haverkort.<BR> <BR>Hij ziet meer hoopvolle ontwikkelingen. Deze zomer gaat de Europese Commissie bepalen welke genetische technieken nog onder het regime van genetische modificatie komen te vallen. Haverkort is benieuwd of het door Wageningse plantenwetenschappers bepleitte cisgenese – modificeren met soorteigen genen – wordt bestempeld als genetische modificatie.<BR> <BR>Zijn onderzoeksgroep is betrokken bij de ontwikkeling van een cisgene aardappel met resistentie tegen de ziekte phytophthora. In het onderzoeksprogramma Durph werkt PRI aan ziekteresistentie met drie á vier genen tegelijk. Het instituut sloot onlangs een overeenkomst met het internationale aardappelinstituut CIP in Peru en Cornell University in de VS om een cisgene aardappel in Afrika te maken. ‘De introductie van trans- en cisgene aardappels is een traag proces, maar er zit beweging in.’ |  Albert Sikkema<BR><BR><FONT size="1">Bovenstaand bericht is geproduceerd door de redactie van Resource, het blad voor Wageningen UR (University & Research centre). Meer informatie bij Pers- en wetenschapsvoorlichting van Wageningen UR, e-mail: </FONT><A href="mailto:pers.communicatie@wur"><FONT color="#0000ff" size="1">pers.communicatie@wur</FONT></A><FONT size="1"> of bij de redactie van Resource, e-mail: </FONT><A href="mailto:resource@wur.nl"><FONT color="#0000ff" size="1">resource@wur.nl</FONT></A><FONT size="1">. Zie ook </FONT><A href="http://www.resource.wur.nl"><FONT size="1">www.resource.wur.nl</FONT></A><FONT size="1"> </FONT></P>]]></description><author>Persvoorlichting</author><category>news</category></item><item><title>Sluipwesp weer in genade aangenomen</title><link>http://www.wur.nl/NL/nieuwsagenda/nieuws/Sluip100225.htm</link><pubDate>Thu, 11 Mar 2010 09:25:47 GMT</pubDate><guid>{5AADECA0-0297-46CE-811B-D2106C76E839}</guid><description><![CDATA[<P><STRONG>Tot vijftien jaar geleden was de sluipwesp <EM>Aphidius matricariae</EM> populair als bestrijder van bladluis in de glastuinbouw. Toen werd zij ingeruild voor haar Amerikaanse nichtje, <EM>Aphidius colemani.</EM> Na een vergelijkende test van Wageningen UR Glastuinbouw is zij echter weer in genade aangenomen door een bedrijf in de biologische bestrijding. </STRONG></P>
<P>De sluipwesp A<EM>. matricariae</EM> deed het altijd goed tegen rode luis en groene perzikluis in kassen met tomaat, aubergine en paprika. Maar met de katoenluis in komkommer-achtigen wist zij zich geen raad. In de jaren negentig kampten de telers met ernstige resistentieproblemen bij bladluizen. Als antwoord hierop werd <EM>A. colemani</EM> geïntroduceerd, die beide typen bladluizen parasiteert. <EM>A. matricariae</EM> werd in de ban gedaan.</P>
<P>'Inmiddels liggen de kaarten anders', zegt Pierre Ramakers van Wageningen UR Glastuinbouw. 'Uitsluitend biologische bestrijding van katoenluis in komkommer blijkt onvoldoende effectief. Komkommertelers kiezen voor nieuwe, selectieve insecticiden.'</P>
<P>Een vergelijkend warenonderzoek van zijn collega Gerben Messelink brengt nu aan het licht dat <EM>A. matricariae</EM> toch echt de beste luisbestrijder is in <EM>Solanaceae</EM> gewassen als paprika en tomaat. Messelink vergeleek een stuk of zes soorten sluipwespen die in verschillende delen van de wereld worden ingezet tegen bladluis op tuinbouwgewassen. Op paprika en tomaat presteerde A. matricariae duidelijk het beste.</P>
<P>Koppert, marktleider in biologische bedstrijding, brengt de ouwe getrouwe sluipwesp (en mogelijk nog andere soorten) terug op de markt, om het verloren terrein bij de natuurlijke plaagbestrijding terug te winnen. | Albert Sikkema</P>
<P><FONT size="1">Bovenstaand bericht is geproduceerd door de redactie van Resource, het blad voor Wageningen UR (University & Research centre). Meer informatie bij Pers- en wetenschapsvoorlichting van Wageningen UR, e-mail: </FONT><A href="mailto:pers.communicatie@wur"><FONT color="#0000ff" size="1">pers.communicatie@wur</FONT></A><FONT size="1"> of bij de redactie van Resource, e-mail: </FONT><A href="mailto:resource@wur.nl"><FONT color="#0000ff" size="1">resource@wur.nl</FONT></A><FONT size="1">.</FONT></P>]]></description><author>Persvoorlichting</author><category>news</category></item><item><title>Twee winnaars voor WUF Persprijs 2010</title><link>http://www.wur.nl/NL/nieuwsagenda/nieuws/P100309.htm</link><pubDate>Wed, 10 Mar 2010 13:58:29 GMT</pubDate><guid>{F73EDAE8-AC11-4F91-B768-DCD649D8509F}</guid><description><![CDATA[<P><STRONG>Het bestuur van het Wageningen Universiteits Fonds heeft besloten de Persprijs 2010 toe te kennen aan zowel documentairemaker ir. Barend Hazeleger als aan journalist en redacteur ir. Arend Jan Voortman. Beide winnaars ontvingen een oorkonde, een geldbedrag van 2500 euro en een replica van het kunstwerk 'De Wageningse Boom' tijdens de viering van de 92e dies natalis van Wageningen University op 9 maart. <A href="/NR/rdonlyres/F73EDAE8-AC11-4F91-B768-DCD649D8509F/103874/016AwuPersprijsIMG_6423.JPG" target="_blank"><IMG height="200" alt="" hspace="5" src="/NR/rdonlyres/F73EDAE8-AC11-4F91-B768-DCD649D8509F/103874/016AwuPersprijsIMG_6424.JPG" width="300" align="left" vspace="5" border="0" longDesc="JK, Barend Hazeleger & Arend Jan Voortman"></A></STRONG></P>
<P>De jury is van oordeel dat beide inzenders ruimschoots voldoen aan de criteria die aan de inzendingen werden gesteld, zoals journalistieke kwaliteit, toegankelijkheid en verbinding met het wetenschappelijk onderzoek van Wageningen UR (University & Research centre).</P>
<P><STRONG>Barend Hazeleger</STRONG><BR>Met zijn zesdelige documentaire productie ”<EM>Stakeholders’ views on biological containment</EM>” heeft Barend Hazeleger op toegankelijke wijze de visies vastgelegd van zes relevante stakeholders, waaronder de wetenschapper, de activist en de lobbyist, op de problematiek van het uitkruisen van genetisch gemodificeerde gewassen met conventionele en biologische teelten. Hij maakt een moeilijk onderwerp als co-existentie en de rol van deze ‘biologische inperking’ voor een breder publiek duidelijk en belicht deze problematiek op integere wijze vanuit verschillende invalshoeken. De productie heeft geleid tot veel reacties en debat en heeft daarmee de maatschappelijke discussie over dit onderwerp verbreed.</P>
<P>Ir. Barend Hazeleger (1956) studeerde in 1983 af aan Wageningen University in de Cultuurtechniek. Daarna werkte hij elf jaar als journalist en opleidingscoördinator voor internationale ontwikkelingsorganisaties, zoals Novib/Oxfam. Vanaf 1994 is hij werkzaam als onafhankelijk communicatieadviseur, tekstschrijver en filmmaker. Barend Hazeleger runt een eigen bureau: Agrapen dat onder meer tekstproducties en documentaires produceert en regisseert. Tenslotte is hij editor voor Landschap, een wetenschappelijk tijdschrift voor landschapsecologie en omgevingswetenschappen.</P>
<P><STRONG>Arend Jan Voortman</STRONG><BR>Hoofdredacteur Arend Jan Voortman van het tijdschrift <EM>Spil</EM> verdient volgens de jury de Persprijs voor zijn bijzondere, jarenlange journalistieke activiteiten voor het kritische tijdschrift. Hij neemt als hoofd- en eindredacteur van Spil een stimulerende en constructieve houding aan ten aanzien van maatschappelijke kwesties. Enerzijds door zijn eigen, vaak kleurrijke visie op actualiteiten te geven, anderzijds door prominente en veelal gezaghebbende wetenschappers en auteurs aan het blad te binden. Spil stimuleert het maatschappelijk debat en biedt daarmee een platform voor het andere geluid. Dankzij de volhardende trekkersrol van Arend Jan Voortman is Spil uitgegroeid tot een medium, waarvan de invloed veel verder reikt dan de relatief bescheiden oplage doet vermoeden. </P>
<P>Arend Jan Voortman (1930) is in 1957 afgestudeerd aan Wageningen University in de Economie met accent op sociaal-economische geschiedenis. Hij was lang werkzaam bij de toenmalige Rijksdienst voor het Nationaal Plan. Meer dan tien jaar was hij parlementslid voor de PvdA en ondermeer woordvoerder voor landbouw en voor wetenschapsbeleid. Na zijn politieke carrière kwam hij weer in Wageningen terecht bij Recht- en Staatswetenschappen. Hierna is hij een zelfstandig bureau begonnen en gestart met het tijdschrift Spil. Hij is de jarenlange hoofdredacteur van het blad. Spil is al ruim dertig jaar een kritisch tijdschrift over productie van voedsel, grondstoffen en energie, voedselveiligheid, relaties tussen stad en land, landbouw- en plattelands-ontwikkeling en landschaps-, natuur- en milieubeheer.</P>
<P><STRONG>WUF</STRONG><BR>Het Wagenings Universiteits Fonds (WUF) looft de Persprijs uit sinds 1978 voor de beste populair-wetenschappelijke uiting die de kennisvelden van Wageningen UR toegankelijk maakt voor een breed publiek. De jury, bestaande uit vier vertegenwoordigers vanuit de wetenschap en journalistiek, beoordeelde het materiaal van dertien inzenders, waaronder veel producties van hoge kwaliteit.  </P>
<P>Winnaars uit voorgaande jaren zijn:<BR>2006: Peter de Jaeger, freelance journalist<BR>2002: Televisieprogramma “Noorderlicht” (VPRO) met de uitzending over ‘Genetisch Goud’<BR>1998: Peter Vermij, wetenschapsjournalist van Het Parool<BR>1994: Radioprogramma “Vroege vogels”, VARA<BR>1990: Legien Kromkamp, NCRV-programma “Op goede gronden”<BR>1986: Marion de Boo, freelancer Intermediair en bijlage Wetenschap & Onderwijs NRC/Handelsblad.<BR>1983: Dr. Jan Blom, voor bijlage Wetenschap en samenleving, de Volkskrant<BR>1980: Regisseur H.J. van der Kolk en redacteur G. Beukema van NOS tv-programma “Oogst in beeld”<BR>1978: Alfred van Dijk, “Aardappelzaden worden niet ziek” in 19NU.<BR><BR><EM>Foto:</EM> WUF-voorziitter ir. Jan Karel Mak (links) overhandigt de oorkondes aan de Persprijswinnaars Barend Hazeleger (midden) en Arend Jan Voortman (rechts). <FONT size="1">Foto: Bart de Gouw.</FONT></P>]]></description><author>Persvoorlichting</author><category>news</category></item><item><title>Summer School Meet the fascinating world of Green Genetics</title><link>http://www.wur.nl/NL/nieuwsagenda/agenda/Summer_School_Green_Genetics.htm</link><pubDate>Thu, 18 Mar 2010 15:33:22 GMT</pubDate><guid>{0E69C246-A475-4079-B2F3-9BC77349A821}</guid><description><![CDATA[<TABLE class="" style="WIDTH: 20px; HEIGHT: 10px" cellSpacing="2" cellPadding="0" rules="all" align="left" border="1" frame="void">
<TBODY>
<TR>
<TD><A href="/NR/rdonlyres/0E69C246-A475-4079-B2F3-9BC77349A821/104390/VOORKANTSummerSchool100316.jpg" target="_blank"><IMG style="WIDTH: 300px; HEIGHT: 400px" height="727" alt="" src="/NR/rdonlyres/0E69C246-A475-4079-B2F3-9BC77349A821/104390/VOORKANTSummerSchool100317.jpg" width="515" border="0"></A></TD></TR></TBODY></TABLE><SPAN><FONT size="2">The Dutch plant breeding and propagation industry is an innovative and knowledge intensive industrial branch which has a leading position in the world. Graduates with an education in plant sciences or breeding can start a blooming career in this sector, with many challenges to develop themselves professionally and personally.<BR><BR></FONT></SPAN><SPAN><FONT size="2">Are you a student? Is this a world you want to explore? <BR></FONT></SPAN><SPAN><FONT size="2">Then we invite you to participate in this Summer School.<BR><A href="http://www.wbs.wur.nl/NL/Projecten+en+netwerken/Plant+Breeding+Business+School/Summer+School+Green+Genetics/Introductie/">Read more</A></FONT></SPAN>]]></description><author>Persvoorlichting</author><category>agenda</category></item><item><title>Biomassa</title><link>http://www.wur.nl/NL/nieuwsagenda/agenda/Biomassa.htm</link><pubDate>Thu, 18 Mar 2010 15:32:58 GMT</pubDate><guid>{6022601A-13C6-4530-8C0D-F0E86FCFE544}</guid><description><![CDATA[<TABLE class="" style="WIDTH: 20px; HEIGHT: 10px" cellSpacing="2" cellPadding="0" rules="all" align="left" border="1" frame="void">
<TBODY>
<TR>
<TD><A href="/NR/rdonlyres/6022601A-13C6-4530-8C0D-F0E86FCFE544/104328/VOORKANTBiomassa100316.jpg" target="_blank"><IMG style="WIDTH: 291px; HEIGHT: 406px" height="595" alt="" src="/NR/rdonlyres/6022601A-13C6-4530-8C0D-F0E86FCFE544/104328/VOORKANTBiomassa100317.jpg" width="402" border="0"></A></TD></TR></TBODY></TABLE>Het gebruik van biomassa als grondstof voor energieproductie maar ook voor ander non-food doeleinden neemt snel toe. Net als de discussie daarover. <BR><SPAN>De 2-daagse cursus is een inleidende cursus die zich richt zich op het verkrijgen van een breed inzicht in de biomassaketen van bron tot verwerking naar energie (warmte, elektriciteit) transportbrandstoffen en chemicaliën en producten. Technische aspecten komen ruim aan bod om de deelnemers in staat te stellen gefundeerde besluiten te nemen. Deelnemers zullen na afloop van de cursus in staat zijn hun eigen kansen en mogelijkheden in de biomassamarkt in te schatten en in staat zijn om hierin een rol te spelen. <A href="http://www.wbs.wur.nl/NL/Cursussen+en+Opleidingen/Management+beleid+en+ondernemerschap/Biomassa/Introductie/">Lees verder<BR></A></SPAN>]]></description><author>Persvoorlichting</author><category>agenda</category></item><item><title>Executive Course on Sustainable Development Diplomacy</title><link>http://www.wur.nl/NL/nieuwsagenda/agenda/Executive_Course_on_Sustainable_Development_Diplomacy_060610.htm</link><pubDate>Thu, 18 Mar 2010 15:10:55 GMT</pubDate><guid>{9CC3F3F9-E092-4159-BF93-16EC82E6A443}</guid><description><![CDATA[<P align="left"><STRONG>6-20 June 2010<BR></STRONG><BR>For the second year in row, the Fletcher School of Law and Diplomacy of Tufts University in Boston, Wageningen UR (University & Research centre), and the Dutch Ministry of Agriculture, Nature and Food Quality (LNV), in cooperation with the Sustainability Challenge Foundation (SCF), organize in the Netherlands a two-week executive education course on Sustainable Development Diplomacy (SDD). With this two-week course participants gain high-quality knowledge and skills in both theory and practice of sustainable development diplomacy.<BR><BR>The purpose of the program is to provide (future) leaders in the public, private or non-profit sectors a combination of theory and practice of sustainable development diplomacy. The course aims at teaching experienced mid-career civil servants and diplomats as well as excellent MSc and PhD students. There will be a selection procedure for the student groups.</P>
<P align="center"><EM>“I especially value the opportunity to talk to like minded, inspiring persons with<BR>different backgrounds.”<BR>Heleen Klinkert – Wageningen University, 2009 participant</EM></P>
<P>The course is built on two blocks. The first week consists of lectures, taught by the best experts from the field, self-study hours by the participants, group assignments and case presentations on international politics and policy, law and diplomacy, and negotiation and management. In the second week, participants will join the existing International Programme on the Management of Sustainability (IPMS), which has been organized by SCF in the<BR>Netherlands for more than 16 years, and taught by Fletcher staff and other international faculty . This program consists of negotiation theory and tools, consensus building exercises, simulation games and actual case discussions.<BR><BR>The course takes place on location (Wageningen and Zeist, The Netherlands). Participants are expected to stay in all-inclusive accommodation for the entire two weeks. The venue will fulfill the highest standards in terms of surroundings and comfort. <BR><BR>The Estimated fee: 10,500 Euro for professionals. Accepted students will receive a grant (besides paying a contribution of 250 Euro). 
<HR>
» <A href="/NR/rdonlyres/9CC3F3F9-E092-4159-BF93-16EC82E6A443/104369/ProgrammeSDDwithlecturerinformation.pdf" target="_blank">Programme SDD with lecturer information</A>
<HR>
<BR></P>]]></description><author>Persvoorlichting</author><category>agenda</category></item><item><title>Bescherming &amp; Exploitatie van Intellectueel Eigendom</title><link>http://www.wur.nl/NL/nieuwsagenda/agenda/Intellectueel_Eigendom_210410.htm</link><pubDate>Tue, 16 Mar 2010 16:48:58 GMT</pubDate><guid>{EF61A8AC-57DD-4F78-94BF-68BB88CD0EFC}</guid><description><![CDATA[<STRONG>“De valkuilen op de weg van idee naar markt”</STRONG><BR>Woensdag 21 april a.s. organiseert de stichting Food Valley in samenwerking met het Nederlandsch Octrooibureau haar volgende themabijeenkomst getiteld “Bescherming & Exploitatie van Intellectueel Eigendom”. Deze middag hoort u van ondernemers in de agrifood sector welke obstakels zij tegenkomen in het complexe traject van idee tot markt en hoe ze die hebben overwonnen. Daarnaast vertellen professionals op het gebied van bescherming van intellectueel eigendom waar u allemaal aan moet denken om uw vinding veilig te stellen en deze te gelde te maken. <BR><BR>
<HR>
» Download <A title="uitnodiging themabijeenkomst: “De valkuilen op de weg van idee naar markt" href="/NR/rdonlyres/EF61A8AC-57DD-4F78-94BF-68BB88CD0EFC/104321/uitnodigingthemabijeenkomst21april.pdf" target="_blank">uitnodiging themabijeenkomst: “De valkuilen op de weg van idee naar markt</A>” 
<HR>
<BR>]]></description><author>Persvoorlichting</author><category>agenda</category></item><item><title>Scaling and Governance Conference 2010</title><link>http://www.wur.nl/NL/nieuwsagenda/agenda/Scaling_and_Governance_Conference_2010.htm</link><pubDate>Fri, 12 Mar 2010 10:04:04 GMT</pubDate><guid>{AB18119E-5B39-4CAC-BC25-689057EF6F52}</guid><description><![CDATA[10 nov 2010 - 12 nov 2010. <BR><STRONG>Policies have many impacts on environmental and human processes at different spatial and temporal scales. Climate change, biodiversity, energy consumption, water resource management, and food security are a few of the many examples illustrating the complex multi-scale interactions within and between environmental and human processes. This observation fits well within a long history of disappointments in policy and management related to our environment and indicates that scale sensitive governance approaches are required.<BR><BR></STRONG>Wageningen UR invites participants of the conference to discuss integrative concepts, methodologies, and case studies related to scaling and governance issues in complex systems. Anticipated outcomes of the conference include an international research agenda and recommendations for scale-sensitive governance approaches.<BR><BR><BR><STRONG>
<P align="center">10-12 November 2010, Wageningen<BR> "Towards a New Knowledge for Scale Sensitive Governance of Complex Systems"<BR></STRONG></STRONG><BR><BR></P>
<P>On Wednesday November 10, 2010 a pre-conference will be held for PhD students. </P>
<P>The conference is organized by Wageningen UR as part of the Scaling & Governance Investment Program. The Global Land Project and the Earth System Governance Project endorse the conference.</P>
<P><STRONG>Abstract submission:</STRONG><BR>Due date for abstract submission: May 31, 2010.</P>
<P><STRONG>>></STRONG> For more information please visit: <A href="http://www.scalinggovernance.wur.nl/UK/Conference" target="_blank"><FONT color="#810081">www.scalinggovernance.wur.nl/UK/Conference</FONT></A></P>
<P> <BR> <BR></P>]]></description><author>Persvoorlichting</author><category>agenda</category></item><item><title>INTERREG als kans</title><link>http://www.wur.nl/NL/nieuwsagenda/agenda/Interreg.htm</link><pubDate>Wed, 10 Mar 2010 16:45:28 GMT</pubDate><guid>{BB7F92F1-8F9F-40DD-B27F-82DDCA40F3D2}</guid><description><![CDATA[<TABLE class="" style="WIDTH: 20px; HEIGHT: 10px" cellSpacing="2" cellPadding="0" rules="all" align="left" border="1" frame="void">
<TBODY>
<TR>
<TD><A href="/NR/rdonlyres/BB7F92F1-8F9F-40DD-B27F-82DDCA40F3D2/103206/VOORKANTInterreg100302.jpg" target="_blank"><IMG style="WIDTH: 229px; HEIGHT: 321px" height="727" alt="" src="/NR/rdonlyres/BB7F92F1-8F9F-40DD-B27F-82DDCA40F3D2/103206/VOORKANTInterreg100303.jpg" width="514" border="0"></A></TD></TR></TBODY></TABLE><STRONG>INTERREG</STRONG> is een subsidieregeling die (semi-) overheden en instellingen zonder winstoogmerk de mogelijkheid biedt om Europese projecten op te zetten. Gemeenten, scholen, musea, Kamers van Koophandel, Universiteiten, Stichtingen uit geheel Europa e.a. kunnen met maximaal 75% INTERREG subsidie nieuwe kansen benutten of oplossingen ontwikkelen voor economische, sociale en omgevingsgerelateerde vraagstukken.<BR>In de training leert u om een goed INTERREG voorstel te maken, dat voldoet aan de eisen en een grotere kans van slagen heeft. U leert om te gaan met de INTERREG taal en regels en u krijgt praktische handreikingen over veel gemaakte fouten, inhoud, structuur, partners vinden, budgetten en goedkeuring. <A href="http://www.wbs.wur.nl/NL/Cursussen+en+Opleidingen/Milieu+ruimte+water+groen/Interreg/Introductie/">lees verder</A><BR>]]></description><author>Persvoorlichting</author><category>agenda</category></item><item><title>drs. J. (Joost) Visser: Down to earth. A historical-sociological analysis of the rise and fall of ‘industrial’ agriculture and of the prospects for the re-rooting of agriculture from the factory to the local farmer and ecology</title><link>http://www.wur.nl/NL/nieuwsagenda/agenda/Visser_13042010.htm</link><pubDate>Wed, 10 Mar 2010 11:50:40 GMT</pubDate><guid>{EF83A787-55C7-42F9-B40F-9C54D79174C1}</guid><description><![CDATA[]]></description><author>Persvoorlichting</author><category>agenda</category></item><item><title>Meeloopdag Plantenwetenschappen</title><link>http://www.wur.nl/NL/nieuwsagenda/agenda/Meeloopdag_Plantenwetenschappen_120510.htm</link><pubDate>Tue, 09 Mar 2010 12:15:07 GMT</pubDate><guid>{8EBC6706-E958-452B-A552-88DC509FD178}</guid><description><![CDATA[Ben je naar verschillende voorlichtingsdagen van universiteiten of hogescholen geweest en bijna zeker van je studiekeuze? Of twijfel je nog tussen twee studies? Dan is een meeloopdag een goede manier om een studie en het studentenleven te ervaren. Tijdens een meeloopdag bezoek je colleges en practica die studenten in hun eerste of tweede jaar ook volgen. Er is ruim de tijd om met studenten te praten en vragen te stellen. Zo kom je er achter of een studie echt wat voor je is. <BR><BR>
<HR>
<STRONG>» Meer informatie op </STRONG><A href="http://www.mijnwageningenuniversity.nl/" target="_blank"><STRONG>www.mijnwageningenuniversity.nl</STRONG></A><BR>
<HR>]]></description><author>Persvoorlichting</author><category>agenda</category></item><item><title>Meeloopdag Voeding en Gezondheid</title><link>http://www.wur.nl/NL/nieuwsagenda/agenda/Meeloopdag_Voeding_en_Gezondheid_120510.htm</link><pubDate>Tue, 09 Mar 2010 12:07:10 GMT</pubDate><guid>{5B575EBF-62C2-468D-BB95-43AF11CE5DE5}</guid><description><![CDATA[<P>Tijdens de meeloopdagen kun je een kijkje nemen bij de opleiding. Je kunt dan een dagje 'proefdraaien' als student. Je volgt colleges of practica en maakt kennis met het studentenleven. Een meeloopdag is dus een goede vervolgstap op een voorlichtingsdag als je serieus belangstelling hebt voor een Wageningse opleiding. </P>
<P>Kijk <A href="http://www.bvg.wur.nl/NL/Meer+informatie/" target="_blank">hier</A> voor meer informatie over deze dag! </P>
<P>Daarnaast kun je ook individueel of met z'n tweëen met een student een dagje meelopen. Als je je daarvoor opgeeft neemt een student van de opleiding contact met je op. Daarover lees je <A href="http://www.bvg.wur.nl/NL/Meer+informatie/meeloopdag+individueel/" target="_blank">hier</A> meer. <BR><STRONG>
<HR>
» Meer informatie op </STRONG><A href="http://www.mijnwageningenuniversity.nl/" target="_blank"><STRONG>www.mijnwageningenuniversity.nl</STRONG></A> 
<HR>

<P></P>]]></description><author>Persvoorlichting</author><category>agenda</category></item><item><title>Meeloopdag BSc Biotechnologie</title><link>http://www.wur.nl/NL/nieuwsagenda/agenda/Meeloopdag_Biotechnologie_110510.htm</link><pubDate>Tue, 09 Mar 2010 12:03:28 GMT</pubDate><guid>{198978CB-A9A9-4DF9-9192-2871D87BF8C3}</guid><description><![CDATA[Een meeloopdag een goede manier om een studie en het studentenleven te ervaren. Tijdens een meeloopdag biotechnologie nemen huidige BSc studenten biotechnologie je mee naar colleges, practica en studentenfaciliteiten. Er is ruim tijd om met studenten te praten en vragen te stellen. Zo kom je erachter of een studie biotechnologie echt wat voor je is.<BR><BR>
<HR>
<STRONG>» Meer informatie op <A href="http://www.mijnwageningenunversity.nl/" target="_blank"><STRONG>www.mijnwageningenunversity.nl</STRONG></A></STRONG>
<HR>]]></description><author>Persvoorlichting</author><category>agenda</category></item><item><title>Meeloopdag Agrotechnologie</title><link>http://www.wur.nl/NL/nieuwsagenda/agenda/Meeloopdag_Agrotechnologie_280410.htm</link><pubDate>Tue, 09 Mar 2010 12:00:34 GMT</pubDate><guid>{968938D5-A93C-4191-B727-01D6D2280271}</guid><description><![CDATA[Tijdens de meeloopdag kun je eens een kijkje nemen bij de opleiding Agrotechnologie. Je kunt dan een dagje 'proefdraaien' als student. Je volgt colleges of practica met onze studenten en maakt kennis met het studentenleven in Wageningen. Lunch en avondeten zijn uiteraard op onze kosten. <BR><BR>
<HR>
Meer informatie op <A href="http://www.mijnwageningenuniversity.nl/" target="_blank">www.mijnwageningenuniversity.nl</A>
<HR>]]></description><author>Persvoorlichting</author><category>agenda</category></item><item><title>Mw. C.M. (Cecilia) Onyango: Preharvest and Postharvest Factors Affecting Yield and Nutrient Contents of Vegetable Amaranth (Var. Amaranthus hypochondriacus)</title><link>http://www.wur.nl/NL/nieuwsagenda/agenda/Onyango_290410.htm</link><pubDate>Thu, 04 Mar 2010 13:23:54 GMT</pubDate><guid>{C60E4293-36C9-4423-A871-607F91246E66}</guid><description><![CDATA[]]></description><author>Persvoorlichting</author><category>agenda</category></item><item><title>T. (Thanawit) Kulrattanarak: Deterministic ratchets for suspension fractionation</title><link>http://www.wur.nl/NL/nieuwsagenda/agenda/Kulrattanarak_280410.htm</link><pubDate>Thu, 04 Mar 2010 13:13:51 GMT</pubDate><guid>{FAF098CD-DED5-4031-B610-2404AFF877E0}</guid><description><![CDATA[]]></description><author>Persvoorlichting</author><category>agenda</category></item><item><title>D.M.W. (Dennis) Ochieno: Endophytic control of Cosmopolites sordidus and Radopholus similis using Fusarium oxysporum V5w2 in tissue culture banana</title><link>http://www.wur.nl/NL/nieuwsagenda/agenda/Ochieno_270410.htm</link><pubDate>Thu, 04 Mar 2010 13:09:07 GMT</pubDate><guid>{E4D7E872-1722-44A9-A9A9-54E92DEF4831}</guid><description><![CDATA[]]></description><author>Persvoorlichting</author><category>agenda</category></item><item><title>Mw.ir. M.C. (Chantal) Kandhai: Detection, occurrence, growth and inactivation of Cronobacter spp. (Enterobacter sakazakii)</title><link>http://www.wur.nl/NL/nieuwsagenda/agenda/Kandhai_230410.htm</link><pubDate>Thu, 04 Mar 2010 13:04:46 GMT</pubDate><guid>{A36A7963-B12C-462A-A1C3-AF075681F8F4}</guid><description><![CDATA[]]></description><author>Persvoorlichting</author><category>agenda</category></item><item><title>Mw. Ir. M.A.E. (Annemarie) Wagemakers: Community Health Promotion: facilitating and evaluating coordinated action to create supportive social environments</title><link>http://www.wur.nl/NL/nieuwsagenda/agenda/Wagemakers_230410.htm</link><pubDate>Thu, 04 Mar 2010 12:54:44 GMT</pubDate><guid>{4A867B20-2A9C-4A3E-8D6D-C0CB3F1B5286}</guid><description><![CDATA[]]></description><author>Persvoorlichting</author><category>agenda</category></item></channel></rss>