30 jaar monitoring van bodemdaling op Ameland

Nieuws

30 jaar monitoring van bodemdaling op Ameland

Gepubliceerd op
12 oktober 2017

Er is de laatste jaren steeds duidelijker sprake van bodemdaling met effecten op de natuur als gevolg van de gaswinning op Ameland. Dichtbij het centrum van de bodemdalingsschotel is sprake van vernatting van duinvalleien. Op bepaalde delen van de kwelders houdt de opslibbing de daling niet bij en verandert de vegetatie. Een en ander heeft ook geleid tot een verhoogde overspoelingskans van nesten van bodembroeders op de kwelders.

Na de start van de gaswinning in 1986 werd vanaf 1987 op aandringen van de beheerder van de oostzijde van Ameland, It Fryske Gea, een uitgebreid monitoringsprogramma gestart waarin wordt onderzocht wat de gevolgen zijn van de bodemdaling voor de morfologie van het eiland en voor de natuur. Bij dat monitoringsprogramma zijn diverse kennisinstellingen betrokken, waaronder Deltares, SOVON Vogelonderzoek Nederland, Natuurcentrum Ameland, Wageningen Marine Research en Wageningen Environmental Research (Alterra).

Bodemdalingsschotel

Door gaswinning is onder de oostpunt van Ameland in de loop van dertig jaar een bodemdalingsschotel ontstaan van ongeveer 12 km diameter doorsnee en in het centrum een diepte van 25-38 cm. Dat betekent dat de Noordzeekust, duinen, kwelders en het aangrenzende wad in het centrale deel van de schotel dertig jaar lang gedaald zijn. De ESG-onderzoekers van het eerste uur (Pieter Slim, Han van Dobben, Kees Dijkema) hebben de effecten op duinen, duinvalleien en kwelders op de voet gevolgd. Inmiddels is hun werk overgenomen door Alma de Groot, Kelly Elschot, Loek Kuiters en Daisy de Vries. “De conclusies van 30 jaar onderzoek zijn helder en wetenschappelijk goed onderbouwd,” zegt Loek Kuiters. “De duinvalleien zijn duidelijk natter geworden. En op delen van de kwelders is sprake van regressie, van verjonging van de kwelder, doordat de bodem netto daalt. De bodemdaling gaat de komende decennia nog door, al neemt het tempo waarmee geleidelijk af, doordat er steeds minder gas wordt gewonnen. Het monitoringsprogramma heeft vanwege zijn brede opzet en lange duur een schat aan gegevens opgeleverd. Bodemdaling kan worden gezien als een proxy voor relatieve zeespiegelstijging, waardoor de kennis die er is, en nog steeds wordt vergaard, buitengewoon relevant is voor de toekomstige ontwikkeling van het hele Waddengebied onder invloed van de verwachte (versnelde) stijging van de zeespiegel. Daarom is voortzetting van dit monitoringsprogramma ook essentieel.”

Iedere vijf jaar wordt het monitoringsprogramma geëvalueerd door een externe auditcommissie. Net als vijf jaar geleden is dat dit jaar gedaan door een commissie van de Waddenacademie. In december zal het rapport van de auditcommissie verschijnen met conclusies en aanbevelingen voor het vervolg van het monitoringsonderzoek.

Voor meer informatie over het monitoringsonderzoek van ESG, SOVON, Deltares en Natuurcentrum Ameland klik hier voor het rapport Samenvatting Monitoring effecten van bodemdaling op Ameland-Oost: evaluatie na 30 jaar gaswinning’. Alle achtergrondrapporten zijn te vinden op de site van de Waddenacademie.