Het beste medicijn voor Afrika

Project

Het beste medicijn voor Afrika

Veel kennis over de nuttige plantensoorten van tropisch Afrika dreigt verloren te gaan. Deze planten kunnen een cruciale rol spelen in voedselzekerheid en inkomensverbetering. Zo’n 3.500 soorten hebben medicinale werking maar hun gebruik in de gezondheidszorg kan veel beter.

Jan Siemonsma over PROTA: ‘Ons informatiesysteem over meer dan 7.000 nuttige Afrikaanse plantensoorten is vangroot belang voor onderwijs, onderzoek, voorlichting en industrie. Geen enkel land in Afrika heeft een goed overzicht van zijn plantaardige hulpbronnen. PROTA4U geeft die informatie en biedt nieuwe kansen in land-, bos- en tuinbouw.

Neem de spiderplant, een bladgroente die in vergetelheid was geraakt in Kenia. Nadat PROTA het als kansrijk gewas heeft geidentificeerd, wordt het nu weer geteeld door honderden boeren waardoor de bevolking toegang krijgt tot meer gevarieerde en betaalbare voeding.’

‘In de komende jaren willen we meer medicinale planten in kaart brengen. Daarvan hebben we nu 800 soorten gedaan.'

Er is een enorme behoefte aan betrouwbare informatie bij de Afrikaanse gebruiker.’ Miljoenen Afrikanen, in sommige landen tot 80% van de bevolking, zijn van traditionele medicinale planten en kruidendokters afhankelijk. ‘Het economisch potentieel van deze planten voor het Afrikaanse platteland is gigantisch.’

PROTA zal eraan bijdragen dat 1,2 miljard Afrikanen optimaal gebruik maken van hun nuttige planten. Over de financiële middelen is Siemonsma bezorgd. ‘Het geld dat nodig is voor de komende jaren ligt nog niet op tafel. Terwijl er heel veel mogelijkheden zijn om bij te dragen. Zo heeft de Bill en Melinda Gates Foundation geld gedoneerd voor het bouwen

van de interactieve database. Dit project is uniek in de wereld, Wageningen UR heeft hierin al 20 jaar een traditie.’

Ook met het oog op het behoud van biodiversiteit is dit een waardevol project. ‘Veel van deze planten zijn bedreigd. Het moet toch mogelijk zijn om dit gefinancierd te krijgen,’ zegt Siemonsma optimistisch.

Dr. Ir. Jan Siemonsma, senior onderzoeker PROTA
Dr. Ir. Jan Siemonsma, senior onderzoeker PROTA

Projectomschrijving

Om ons doel te bereiken ontwikkelt PROTA een gebruiksvriendelijke database met kennis over alle 7000 nuttige Afrikaanse plantensoorten en zorgt ervoor dat deze kennis zo wijd mogelijk verspreid en gebruikt wordt. Dat doen we in 3 stappen: We gaan eerst alle kennis die er is verzamelen, evalueren en beschikbaar maken, zowel door publicatie in de webdatabase PROTA4U als in handboeken en CD’s. De webdatabase wordt inmiddels al 13.000 keer per maand bezocht en 12.000 handboeken en 5000 CD’s zijn afgenomen door Afrikaanse bibliotheken en instituten. Een tweede stap is het trekken van conclusies; we analyseren de informatie en geven bijvoorbeeld aan wat de veelbelovende soorten zijn. De derde stap is dat we die veelbelovende soorten in kleine projecten in lokale gemeenschappen in Afrika uitproberen. Want kennis is zinloos als die niet wordt gebruikt om het bestaan van mensen te verbeteren en plantaardige hulpbronnen duurzaam te beheren.

Een voorbeeld is kleurstof-sorghum uit Benin. Die wordt gebruikt om kleding te verven, maar bijvoorbeeld ook om kaas een rode kleur te geven. Daar is een heel interessante pilot uit voortgekomen, op basis waarvan één van de donoren heeft besloten om te gaan onderzoeken of deze sorghum kan worden ontwikkeld tot een commercieel gewas.

Kleurstof uit sorghum; Nieuw commercieel product met internationale potentie voor voedingsmiddelen en cosmetica
Kleurstof uit sorghum; Nieuw commercieel product met internationale potentie voor voedingsmiddelen en cosmetica

Resultaat

Kennis over nuttige planten is de basis van de ‘bio-based economy’, een economie die van natuurlijke en hernieuwbare bronnen uitgaat. De kennis van PROTA helpt boeren op het Afrikaanse platteland om duurzaam en winstgevend landbouw te bedrijven.
Ik kan dat mooi illustreren met het voorbeeld van de ‘spiderplant’. Deze traditionele Afrikaanse bladgroente was in vergetelheid geraakt in Kenia. We hebben de spiderplant geherintroduceerd en dat sloeg aan bij de boeren. Twee jaar na het einde van het project hebben we het gebied opnieuw bezocht. Het werd inmiddels geteeld door enkele honderden boeren. Het aanbod is als eerste uitverkocht op de lokale markt en slaat aan in de stedelijke supermarkten. Het levert de boeren een nieuw, gezond product en meer inkomenszekerheid. We verwachten nu dat lokale organisaties dat verder uitbouwen.

Toegang tot kennis is de meest fundamentele vorm van armoedebestrijding die je kunt bedenken. Er is nog nooit een samenhangend informatiesysteem gemaakt van alle nuttige planten van een heel continent, daarin is PROTA absoluut uniek.

Wat kan dit project maatschappelijk betekenen?

Onze uiteindelijke focus ligt op de eindgebruiker, de Afrikaanse boer. Een voorbeeld van een concreet effect van het werk van PROTA is dat in samenwerking met overheden en NGO’s meer dan 500 boeren getraind zijn in productie en marketing van inheemse groentes in Kenia en ruim 300 boeren en verwerkers zijn betrokken bij een project met natuurlijke kleurstoffen uit sorghum in Benin. Wij zijn een beetje terughoudend om te zeggen dat wij rechtstreeks effect hebben op de kleine boer. De gebruikers van de database en boeken zijn vooral te vinden bij de Afrikaanse voorlichtingsdiensten, het onderzoeksapparaat, de hulporganisaties, de universiteiten, de overheid en de industrie. Die voorzien wij van informatie en zij maken de stap maken naar de eindgebruiker. De besluiten die zij nemen beïnvloeden boeren die afhankelijk zijn van plantaardige hulpbronnen. Uiteindelijk profiteren miljoenen Afrikaanse boeren, waaronder veel vrouwen, en consumenten. De doorlooptijd van PROTA is misschien wat langer dan gemiddeld, maar de uiteindelijke impact is structureel.

Spider plant bladgroente; her-introductie van vergeten inheemse groenten
Spider plant bladgroente; her-introductie van vergeten inheemse groenten

Achtergrond en historie

Wat ging er aan dit project vooraf?

Plant Resources of Tropical Africa (PROTA) is gestart in 2000. Daarvoor hebben we ook een soortgelijk programma voor Zuid-Oost Azië met succes afgerond (PROSEA). In de eerste jaren van PROTA hebben we het netwerk opgezet, zijn prototypes voor database en boeken gemaakt en is de basislijst van 7000 planten aangelegd. Inmiddels hebben we de kennis over ongeveer 2500 soorten gepubliceerd. Op basis daarvan hebben we trainingen en projecten opgezet op tientallen instituten en in dorpsgemeenschappen. Eind 2010 zijn 7 van de 16 gewasgroepen volledig in kaart gebracht. Inmiddels publiceren we alles in de interactieve webdatabase PROTA4U. Nu kunnen we samen met gebruikers kennis continu updaten en ervaringen uitwisselen.

PROTA is gestart met een subsidie van de Europese Unie, geld van Wageningen UR en de Nederlandse overheid en is daarna gesteund door DGIS, LNV, VROM, NWO, de International Tropical Timber Organization (ITTO) en de COFRA Foundation. De Bill and Melinda Gates Foundation besloot in 2008 het project te steunen met een bedrag van US$ 3 miljoen. Met deze bijdragen heeft het project de financiering tot eind 2010 rond.

Anderen over PROTA

‘A project like PROTA is unique and only comes along every fifty years’
Dennis Garrity, Director General World Agroforestry Centre

‘The tangible result of PROTA is my reconversion to agriculture’
Obama Etoundi, political economist, Cameroon

‘We use PROTA in vegetable growing and the results are impeccable’
René Mbassi, technician of the Water and Forest Service, Cameroon

‘PROTA information helped me to convince farmers that they can grow for the market and not only for home-use’
Philip Randall, consultant, South Africa

‘The PROTA books helped us to get support from the ADB for our agricultural training programme in 5 States in Nigeria’
Anonymous lecturer, Plateau State, Nigeria

‘…… indispensable resource ….’
‘…… impressive and invaluable ……’
Economic Botany

Inheemse groenten voor een gezondere voeding
Inheemse groenten voor een gezondere voeding

Wie is Jan Siemonsma?

Als tropische plantenteler werk ik al jaren in onderzoeks- en ‘capacity building’ projecten in Azië en Afrika. Ik heb aan de wieg mogen staan van PROTA. Van alle projecten waar ik mee bezig ben geweest, is dit absoluut het meest nuttige. Hier heb ik dan ook mijn ziel en zaligheid in gelegd samen met een internationale groep toegewijde collega’s, en momenteel onder leiding van mijn collega Roel Lemmens.

Tropisch Afrika herbergt een schat aan inheemse nuttige plantensoorten met een groot potentieel. De kennis over deze planten is versnipperd en ontoegankelijk voor beleidsmakers. En dat terwijl deze planten een grote rol kunnen spelen in het vergroten van voedselzekerheid en een verbeterde inkomenspositie voor de Afrikaanse bevolking. De realiteit is dat veel van deze planten dreigen te verdwijnen. Dat is om economische redenen doodzonde, maar het is ook desastreus voor de biodiversiteit. In de hele biodiversiteit focus die er op dit moment is, zou ik geen beter documentatie programma kunnen noemen. Het geeft aanknopingspunten voor allerlei hele concrete vervolgprojecten.

De kracht van Wageningen UR

Eén van de redenen waarom dit in Wageningen moet gebeuren is dat je de best mogelijke bibliotheekfaciliteiten nodig hebt. En die hebben we hier. Met een druk op de knop heb je hier de hele wereldliteratuur op je bureau. We kunnen het natuurlijk niet alleen. Daar zijn partners voor nodig en het Wagenings netwerk in Afrika is groot. De voormalige koloniale grootmachten Frankrijk en Engeland hebben in hun instituten ook veel informatie, wij doen er heel veel moeite voor om die te krijgen via onze landenkantoortjes in Montpellier en Kew.

‘Bio-based economy’ is een speerpunt van Wageningen. Toch kunnen er geen eigen middelen van de universiteit naar PROTA, omdat het geen kerntaak van de universiteit is. PROTA is een documentatie project: wij gaan de wereldliteratuur langs, grijze literatuur verzamelen we in Afrika en Europa, dat brengen we bij elkaar en daar maken we een kennisoverzicht van. Hier krijgt de universiteit geen financiering meer voor, maar de universiteit onderstreept wel het grote belang van PROTA door het op te nemen in deze campagne.

Wie zijn de partners in dit project?

We werken samen met 10 onderzoeksinstituten, waarvan 7 in Afrika en 3 in Europa. Daarnaast krijgen we bijdragen van honderden wetenschappers uit meer dan 30 landen. Wageningen University heeft de leiding. Wetenschappers en studenten uit beide continenten hebben langdurig samengewerkt en partnerschappen opgebouwd. Ons doel is om op termijn het project helemaal vanuit Afrika te laten coördineren. Het Nieuwe Partnerschap voor de Ontwikkeling van Afrika (NEPAD) en het Forum voor Landbouwonderzoek in Afrika (FARA) van de Afrikaanse Unie erkennen ook dat PROTA een belangrijke sleutel is voor de ontwikkelingsagenda van Afrika en steunen het programma.

Consultatie van stakeholders
Consultatie van stakeholders

Uw bijdrage

Er zijn verschillende mogelijkheden om financieel bij te dragen aan het PROTA project. Voor vijftienhonderd euro kan één individuele plant worden gesponsord, maar je kunt ook een bijdrage geven voor de ontwikkeling van kennis over een gewasgroep. Er zijn ook andere manieren om te helpen. Door ondersteuning te leveren aan het PROTA kantoor in Nairobi, aan promotie en publiciteit, management ondersteuning of bijdragen aan de activiteiten van één van de 40 steunpunten in Afrika. Of je kunt PROTA goodwill ambassadeur te worden, en handboeken doneren aan bibliotheken en instellingen in Afrika. Of helpen met het opzetten van projecten en het gebruik van de kennis door de eindgebruiker te stimuleren.

Wat bieden we gevers?

We betrekken onze donateurs intensief bij PROTA. We houden hen ieder kwartaal op de hoogte over de voortgang en maken een jaarverslag. Maar donateurs kunnen ook PROTA activiteiten bezoeken, er zijn mogelijkheden om eigen relaties en/of medewerkers te betrekken bij het project. Als een donateur daar prijs op stelt kunnen we zijn of haar naam en/of bedrijf vermelden op de website van PROTA.

Waar is geld voor nodig?

We willen in de komende vijf jaar de medicinale planten helemaal in kaart brengen. We hebben er zo’n 800 gedaan, dat is ongeveer een kwart. We hebben voor vijf jaar minimaal drie miljoen euro nodig, hiervan ligt nog maar weinig op tafel.

Op verzoek zenden wij u een gedetailleerde begroting.



Terug naar alle projecten over wereldvoedselvraagstukken