Vogelmijt / bloedluis

Over de vogelmijt

De parasitaire vogelmijt/bloedluis komt over de hele wereld voor. Favoriete gastheer van de vogelmijt is gevogelte en dan met name de kip. Maar ook zoogdieren, inclusief de mens, kunnen er last van krijgen. De last bestaat vooral uit jeuk en slapeloosheid. Wat weten we van de vogelmijt? Hoe ziet haar levenscyclus eruit?

Wat is een vogelmijt/bloedluis?

Vogelmijt is een parasiet. De vogelmijt kun je met het blote oog zien. Een volwassen vrouwtje zonder bloed is 0,6-0,8 mm lang, 0,4 mm breed en heeft acht lange poten. De kleur varieert van grijs/wit tot zwart. Volgezogen met bloed is ze zo’n 1 mm of meer lang en licht- tot donkerrood. Het mannetje is iets kleiner dan het vrouwtje. Nimfen kunnen voor de eerste bloedmaaltijd doorschijnend zijn. Na een bloedopname kunnen ze net als de volwassen vogelmijt in kleur variëren van lichtrood naar donkerrood. Larven zijn doorschijnend wit en kleiner dan de volwassen vogelmijten. De larve heeft, anders dan de andere stadia, zes poten.

De vogelmijt heeft geen echte mond maar monddelen waarmee ze het bloed tot zich kunnen nemen. Deze monddelen schuiven naar buiten en zijn scherp om de huid van de gastheer (bijvoorbeeld de kip) te doorboren. Het voorste paar poten van de mijt bevat sensoren voor o.a. CO2, temperatuur, en geur. Hiermee zijn ze in staat om vogels/kippen op te sporen voor een bloedmaaltijd. Ook bij de voortplanting spelen de sensoren een belangrijke rol om een partner te vinden (via feromonen). Voor de zuurstofopname bezit de vogelmijt twee openingen op de buik die onderdeel zijn van het luchtwegstelsel. Vanuit dit stelsel kan zuurstof het lichaam in diffunderen.

01a mijt_microscoop2.jpg

Hoe ziet de levenscyclus eruit?

Vogelmijteitjes ontwikkelen zich in 2-3 dagen tot een zespotige larve. Deze ontwikkelt zich zonder voeding na 1-2 dagen in een achtpotige protonimf. De protonimf heeft een bloedmaaltijd nodig om in 1-2 dagen te vervellen tot een deutonimf. Na nog een bloedmaaltijd vervelt de deutonimf na 1-2 dagen en wordt een volwassen vogelmijt. Hierna paart het volwassen vrouwtje met een volwassen mannetje. Binnen 12-24 uur na een bloedmaaltijd begint het leggen van de eitjes. De mijt legt 1-9 eitjes per dag.

Bij 25 °C leeft ze circa 20 dagen waarbij ze ongeveer 50 eitjes legt. Deze zijn ovaalvormig en parelwit (0,4-0,25 mm). Onder optimale condities (25-35 °C en hoge luchtvochtigheid) komen de eitjes na 7 dagen uit en begint de cyclus opnieuw. Gemiddeld leven vogelmijten 20 dagen, maar bij afwezigheid van bloed kunnen vogelmijten zeker 9 maanden overleven. Hoewel vogelmijten kunnen overleven met zoogdierenbloed, hebben ze vogelbloed nodig voor hun voortplanting.

01a vogelmijt_cyclus-NL.JPG

Hongerige vogelmijten vinden de gastheer door het waarnemen van:

  • Veranderingen in temperatuur
  • Het proeven van huidlipiden van de gastheer
  • Kairomonen (feromoonachtige stoffen)
  • Koolstofdioxide
01a Vogelmijt-Europa_NL.JPG

Optimale ontwikkelingsomstandigheden

De omstandigheden in de legpluimveestal zijn ideaal voor een snelle toename van de populatie. Ook tijdens de winter blijven de vogelmijten zich vermeerderen, alhoewel het volbrengen van de cyclus langzamer gaat dan in de zomer.

Het aantal vogelmijten kan snel toenemen bij:

  • Temperaturen tussen 25°C en 35°C;
  • Hoge luchtvochtigheid (70-90%) (echter in de praktijk kan hoge luchtvochtigheid leiden tot schimmelvorming wat de mijten kan doden);
  • Beschikbaarheid van bloed van gastheer (bij voorkeur van een vogel);
  • Beschikbaarheid van schuilplaatsen in de buurt van de nachtelijke rustplaats van de hen;
  • Afwezigheid van of een klein aantal natuurlijke vijanden.

Temperaturen hoger dan 45°C en lager dan -20°C overleven de vogelmijten niet.

Bovenstaande biedt automatisch aanknopingspunten voor het beheersen van een vogelmijtenplaag.