Verspreiding vogelgriep, aviaire influenza (AI)

Hoog pathogene vogelgriep (vogelpest) of aviaire influenza (HPAI) is een ziekte die opspeelt in veel delen van de wereld met desastreuze gevolgen voor de pluimveehouderij en die een bedreiging vormt voor de volksgezondheid vanwege het risico van een nieuwe pandemie.

Transmissie (verspreiding) van het virus

Terwijl vroeger werd aangenomen dat besmet pluimvee alleen door tussenkomst van het varken kon leiden tot infecties bij de mens, is sinds de epizoötie bij pluimvee in Hongkong in 1997 duidelijk geworden dat direct contact met besmet pluimvee kan leiden tot ernstig verlopende infecties bij mensen. Infecties van mensen met HPAI H5N1-virus in Azië in 1997, 2003 en vanaf 2004 en van een HPAI H7N7 in Nederland in 2003 gingen zelfs gepaard met sterfte. Tevens bestaat het gevaar dat de overstap van HPAI-virus via besmet pluimvee naar de mens kan leiden tot een nieuwe influenzapandemie als het vogelvirus zich aanpast aan zijn nieuwe gastheer zoals waarschijnlijk in 1918 is gebeurd of als vogelvirus-genoomsegmenten gemengd worden met genoomsegmenten van een humaan influenzavirus wat de oorzaak is van de pandemieën in 1957 en 1968 dit koste toen miljoenen mensenlevens. Door de ontwikkelingen in Azië en recent ook in het Nabije Oosten en Afrika wordt er serieus rekening mee gehouden dat het moment van een nieuwe pandemie nabij is. Dit wordt versterkt door de verdere verspreiding in Europa.

Voor Nederland blijft het optreden van infecties met LPAI en HPAI een voortdurende en onvoorspelbare bedreiging. Bij de introductie van AI vormt vooral pluimvee dat buiten wordt gehouden een belangrijk risico omdat deze dieren in direct of indirect contact kunnen komen met mogelijk besmette wilde (water)vogels. Aangezien steeds meer pluimvee buiten wordt gehouden, zal het risico op een introductie van AI in Nederland toenemen. Daarnaast vormt de (illegale) import van siervogels een belangrijk risico. Omdat import van pluimvee, broedeieren en onbehandelde pluimveeproducten in Europa verboden is lijkt de introductie via deze route vermoedelijk klein. Echter onbekende factor in deze is de illegale handel in deze producten.

Primaire introductie in pluimvee H5N1

Voor de H5N1 epidemie brachten de volgende routes infectierisico’s met zich mee:

  • Migrerende vogels

Door de hoge infectiedruk van H5N1 in vele regio’s in het Verre en Nabije Oosten, Rusland, Oekraïne, etc. is het risico op een introductie in Europa en dus ook in Nederland door illegale import van levende exotische vogels en pluimvee toegenomen. Ook pluimveeproducten afkomstig van pluimvee gehouden in de getroffen gebieden kunnen een risico vormen. Dit risico ontstaat vooral indien dergelijke producten tegen de geldende regels in door pluimveevoer worden gemengd.

Secundaire verspreiding

  • Transport van levende vogels
  • Transportmiddelen
  • Via lucht

Verloop van de verspreiding (voorbeeld 2003 NL)

De virusinfectie begint bij een eerste dier op een eerste bedrijf (indexbedrijf). Voordat het duidelijk is dat er sprake is van een besmetting door het optreden van massale sterfte (incubatie varieert van 10 dagen tot wel 3 weken en is afhankelijk van dier, soort en omstandigheden), scheiden deze dieren wel het virus uit. Er is dus al geruime tijd onopgemerkt een besmettingsbron aanwezig. Dit bedrijf infecteert vervolgens de eerste ‘contactbedrijven’, de zogenaamde eerste generatie bedrijven.

Op het moment dat het indexbedrijf wordt gevonden, wordt een begin gemaakt met bestrijdingsmaatregelen waaronder een totale 'stand still'. Deze eerste generatie bedrijven kan mogelijk al andere bedrijven hebben besmet. Deze tweede generatie bedrijven vormt dan de tweede golf. Een derde golf kan bij een strakke aanpak van de uitbraken mogelijk worden voorkomen, met name ook omdat de grootste kans op besmetting ligt in contacten die zijn beperkt door het vervoersverbod.