Gezonde veehouderij

Gastheerpathogeen interactie

De bestrijding van dierziekten is complex. Een ziekteverwekker kan bij het ene dier tot milde of ernstige ziekte leiden, terwijl een ander dier helemaal geen ziekteverschijnselen vertoont. Dit komt door de wisselwerking (interactie) tussen gastheer (dier/mens) en pathogeen (ziekteverwekker). We doen onderzoek naar die wisselwerking waardoor een effectievere bestrijding van die ziekte mogelijk wordt.

Investeren in fundamenteel onderzoek

De interacties tussen gastheer en pathogeen leiden in het algemeen tot reacties in zowel de gastheer als in het pathogeen. De reactie van de gastheer op een ziekteverwekker is afhankelijk van zowel de erfelijke factoren van de ziekteverwekker als van de erfelijke factoren van de gastheer zelf.

De kennis van de interacties van de verschillende ziekteverwekkers (inclusief een groot aantal zoönosen) met hun gastheren is beperkt. Goed inzicht hierin, op basis van fundamenteel onderzoek, is van grote waarde voor bijvoorbeeld de ontwikkeling van effectieve vaccins en adequate diagnostiek. Het instituut investeert in dit onderzoek, met name op het gebied van vaccinontwikkeling, transmissieonderzoek, verschil in gevoeligheid en de invloed van managementsystemen.

Nieuwe vaccins ontwikkelen

Bedrijfsgebonden endemische dierziekten brengen grote schade toe aan de dierhouderij. Bij het CVI wordt wetenschappelijk onderzoek uitgevoerd om bijvoorbeeld nieuwe vaccins te ontwikkelen tegen bacteriële en virale infecties in het varken, kip en rund. Daarvoor worden nieuwe technologieën ingezet waarbij de interactie tussen pathogeen en gastheer tot in detail wordt bestudeerd. Een beter inzicht in de (wederzijdse) reactie is van groot belang voor het ontwikkeling van effectieve vaccins.

Epidemie voorspellen en voorkomen

Ook om een epidemie te kunnen voorspellen en om die te kunnen voorkomen is kennis nodig van de interactie tussen gastheer en pathogeen. Met deze kennis kan berekend worden wat de kans is op een epidemie en waar bijvoorbeeld met een noodvaccin gevaccineerd moet worden. Bij een uitbraak van vogelgriep kan voorspeld worden welke kippen en personen een antiviraal middel toegediend moeten krijgen. Binnen het CVI wordt onderzoek gedaan naar vogelgriep en ziekteoverdracht om tot betere vaccinatiestrategieën te komen. Ook wordt onderzoek gedaan naar de relatie tussen de immunologische achtergrond van kippen en de mogelijkheid om Eimeria (een parasiet) over te brengen naar andere kippen.

Verschil in ziektegevoeligheid

Het instituut doet veel onderzoek naar o.a. salmonella en campylobacter in kippen en varkens om te achterhalen wat de oorzaak is van het verschil in ziektegevoeligheid. Ook loopt er een onderzoek naar het verschil in gevoeligheid voor aviare influenza tussen kippen en eenden. Uit ons onderzoek is gebleken dat de mate van stress, de voeding en de leeftijd van een dier, maar ook die van de moederdieren, ook invloed hebben op de vatbaarheid voor infectieziekten. Het instituut onderzoekt de achtergronden voor verschillen in reactievermogen van de gastheer. De resultaten leiden mogelijk tot adviezen voor veranderingen in voedingspatronen en of huisvestingcondities.