proefdieren en faciliteiten

Dierfaciliteiten

Het onderzoek aan en met dieren ten behoeve van de dier- en volksgezondheid wordt uitgevoerd in de afdeling Dierverzorging & Biotechniek (DB). Deze afdeling is verantwoordelijk voor:
• Uitvoering van dierexperimenteel onderzoek;
• Aankoop en/of productie van proefdieren;
• Beheer van de dierproef-accommodaties.

Vanwege de verschillende inperkingsniveau ’s en quarantaine-regiems zijn er proefdierfaciliteiten met bescherming van buitenaf en met bescherming van de buitenwereld.

  • Faciliteiten die afgeschermd zijn voor invloeden van buitenaf, zoals voor (experimentele) chirurgie, CD/CD en SPF dieren (en eieren) en proefdierkamers t/m BSL1. Het zijn faciliteiten voor de productie van gekwalificeerde proefdieren en niet infectieus onderzoek. In totaal is er 2100 m2 netto dierruimte. 
  • Faciliteiten onder ‘high containment’, van waaruit geen micro-organismen naar buiten mogen.Dit is een complex met laboratoria en proefdierverblijven onder het hoogste inperkingsniveau, vanaf BSl 2 tot hBSL3 en vBSL 4. Binnen het vBSL 4 inperkingsniveau kunnen we de maximale bescherming bieden waarmee uitsleep van infectieus materiaal naar de omgeving (het milieu) wordt voorkomen. Met het hBSL3 inperkingsniveau wordt naast de bescherming van het milieu  optimale bescherming geboden aan de medewerkers die werken met humaan infectieuze agentia.

Voor het werken met genetisch gemodificeerde micro-organismen beschikken we over faciliteiten en procedures tot en met DMIII niveau.

Met de combinatie van brede onderzoek-expertise en hoogwaardige onderzoeksfaciliteiten bieden we met de nationale faciliteit voor zoönose-onderzoek de beste faciliteiten voor onderzoek voor volks- en diergezondheid. Wij beschikken daarbij over een breed scala aan technieken en modellen bij de meest voorkomende doel- (of bron-) dieren.

Bepaalde dieren zijn beschikbaar in SPF kwaliteit. Daarnaast beschikt de afdeling DB over uitgebreide ervaring in de productie van CD/CD proefdieren. FAPP operatiekamers en – dierverblijven en jarenlange ervaring staan borg voor de productie van gekwalificeerde en gestandaardiseerde proefdieren. In combinatie met geklimatiseerde proefdierverblijven en goed getrainde medewerkers kan hiermee hoogwaardig dierexperimenteel onderzoek worden uitgevoerd met een minimum aan proefdieren, optimaal dierwelzijn en met betrouwbare en reproduceerbare proefdata als resultaat.

Daarbij is het uitgangspunt dat wij verantwoordelijk zijn voor de uitvoering van de totale in-life fase van een experiment en dat de proefdata digitaal worden verzameld en verwerkt in een rapportage aan de opdrachtgever. 

Van muis tot rund, conventioneel tot kiemvrij
We beschikken ook over state-of-the-art faciliteiten voor onderzoek aan grote en kleine landbouwhuisdieren (rund, pluimvee, varken, schaap, geit, paard) en vissen. In de faciliteiten is het mogelijk dieren te huisvesten onder een specifieke gezondheidsstatus, uiteenlopend van conventioneel tot SPF en kiemvrij. Deels worden deze dieren zelf geproduceerd. Alle onderzoeksdisciplines kunnen hier terecht, waarbij deze dieren zowel als doeldier als modeldier kunnen worden ingezet. Wij gaan uiterst zorgvuldig om met het gebruik van proefdieren voor onderzoek en doet dat alleen als er geen alternatieve onderzoeksmethoden (zoals laboratoriumonderzoek) voorhanden zijn. Het instituut kiest voor onderzoeksmethoden waarbij het ongemak voor dieren minimaal is. Een onafhankelijke DierExperimentenCommissie (DEC) ziet daarop toe.

Infectie- en transmissieproeven en registratiestudies
Voor Nederland hebben wij unieke faciliteiten en jarenlange expertise in het uitvoeren van infectie- en transmissieproeven. Naast dierexperimenteel onderzoek op het gebied van infectieziekten voeren we experimenten uit voor onderzoek naar voeding en metabolisme, stress/welzijn, gedrag, biomedische vragen en nieuwe dierexperimentele tools. Ook stelt de unit dierexperimentele expertise ter beschikking ten behoeve van (wetenschappelijke) vragen over onder meer nieuwe therapieën en interventies voor farmaceutische en biologische producten. Ook kunnen er registratiestudies worden uitgevoerd.

Nationale faciliteit zoönose-onderzoek  
Bescherming van de gezondheid van dier en mens
Sinds 1970 wordt in Lelystad een High Containment Unit (HCU) ingezet. In deze unit zijn de laboratoriumfaciliteiten op veterinair BioSafetyLevel (BSL)4-niveau aanwezig waar veilig gewerkt kan worden met hoogpathogene dierziektevirussen. Begin 2015 is de HCU uitgebreid met een nieuwe dierfaciliteit voor onderzoek ter preventie en bestrijding van infectieziekten bij mens en dier. De nieuwe faciliteit maakt onderzoek mogelijk met landbouwhuisdieren naar zoönotische infectieziekten zoals Q-koorts, vogelgriep en Rift Valley Fever (tot en met het humane BSL3).

De nieuwe faciliteit is dusdanig technisch beveiligd dat niet alleen de buitenwereld optimaal beschermd is tegen het ontsnappen van micro-organismen, maar ook zodanig dat de Wageningen Bioveterinary Research-medewerkers, die werken met deze virussen en bacteriën, optimaal beschermd zijn tegen ziekteverwekkers waarmee gewerkt wordt.

Nederland is nog steeds de tweede exporteur van agrarische producten ter wereld. Het vroegtijdig kunnen ingrijpen op potentiële risico’s van een uitbraak van dierziekten is daarom ook van groot economisch en sociaal belang. De uitbreiding van de bestaande HCU met de speciale faciliteit geeft invulling aan het beleid van de overheid om zoönotische infectieziekten bij mens en dier te voorkomen en te bestrijden.