Circulaire economie in de landbouw

Nieuws

Circulaire economie in de landbouw: op zoek naar nieuwe combinaties

Gepubliceerd op
7 juli 2015

In de literatuur over circulaire economie is meer aandacht voor de industrie dan voor de landbouw. En dat is jammer, want er valt veel te winnen in de landbouwsector, meent Marie-José Smits, onderzoeker bij LEI Wageningen UR. Samen met haar collega Vincent Linderhof onderzocht zij de mogelijkheden om reststromen te hergebruiken door in te zoomen op landbouwbedrijven die dit succesvol hebben opgepakt. De vraag is nog wel of de wetgeving meewerkt en hoe het zit met rendement.

Door: Tefke van Dijk

Met een kringloopsysteem in de veehouderij kun je bijvoorbeeld mest hergebruiken. Hierdoor heb je niet alleen weinig afval, je hebt ook minder nieuwe grondstoffen nodig. Smits: “Veehouders stappen soms noodgedwongen over op zo’n kringloopsysteem omdat ze tegen de grenzen van de milieuwetgeving oplopen. Circulaire landbouwprocessen zijn zeker nog niet vanzelfsprekend.” Wanneer in de literatuur over circulaire economie wordt gerefereerd aan de landbouw, dan gaat het vooral over het gebruik van biomassa als reststroom voor de productie van compost of energie. Terwijl er veel meer gebeurt. Smits keek verder en ging langs bij landbouwbedrijven met externe en interne kringlopen.

Veel efficiënter

Bij externe kringlopen gaan reststromen van het ene naar het andere bedrijf. In theorie kan dit ook met emissies als stikstof, CO2 en warmte, maar in de praktijk is dat vaak te duur. Oud papier kun je verzamelen en naar een ander bedrijf brengen, met stikstof is dat lastiger. Interne kringlopen zijn dan ook interessanter, aldus Smits. “Het gaat dan om de combinatie van dierlijke en plantaardige productie, zoals vroeger in het gemengd bedrijf. Nu is het echter veel efficiënter. Wil je nu circulair gaan werken, dan moet je kijken naar nieuwe combinaties.” Als voorbeeld van een externe kringloop noemt Smits GRO Holland, waar paddenstoelen groeien op koffiedik.

Aquaponics is een ander mooi voorbeeld van een interne kringloop. Smits: “De poep van vissen is hier voedingsstof voor plantjes. Je zou er ook nog runderen bij kunnen zetten. Die produceren warmte, dat is goed voor de vissen, en CO2, daar zijn de planten blij mee.” Een ander voorbeeld van een interne kringloop is Ecoferm, waarbij kalveren eendenkroos als veevoer krijgen. Op papier kun je daar ook het kweken van vissen aan toevoegen, aldus Smits. “In de praktijk wordt er alleen nog maar mee geëxperimenteerd”

Onzekere opbrengsten

Circulaire economie in de landbouw gaat verder dan energie en compost. De noodzaak is helder: emissies vormen een groot probleem, vooral in de veehouderij. Daar komt bij dat bedrijven nu veel grondstoffen uit het buitenland moeten halen. Bij een mooie combinatie is dit minder nodig. “In de internationale literatuur over circulaire economie komen landbouwkundigen minder aan het woord. We zullen meer onderzoek moeten doen om te kijken hoe we circulaire economie in de landbouw verder kunnen stimuleren.”

Nu overheerst vaak onzekerheid over de opbrengsten. Ecologisch gezien zijn landbouwkringlopen interessant en mooi, maar het economisch rendement is nog onduidelijk. “De RVO (Rijksdienst voor Ondernemend Nederland, red.) investeert wel, maar het is risicovol. Een nieuwe ontwikkeling kost nu eenmaal geld en tijd. Ook wetgeving vormt soms een probleem. De nieuwe combinaties passen niet altijd binnen de lijntjes van de huidige wetgeving. Met meer duidelijkheid over het rendement en meer flexibele wetgeving is er veel mogelijk met circulaire landbouw.”