Bodemsamenstelling en bodemstructuur

Direct na de mosselzaadvisserij verandert op sommige locaties de bodemsamenstelling, op andere niet. De bodem vertoont tijdelijk een significante afname van structuur als gevolg van de visserij.

De bodemsamenstelling is weergegeven aan de hand van korrelgrootte en slibfractie. Dit is bemonsterd met de box core en gebleken is dat er grote variaties bestaan tussen de locaties en in de tijd. In de wat zandiger gebieden is een significant verschil gevonden in de slibfractie van open en gesloten vakken direct na de visserij. Daar zijn in de gesloten vakken de slibgehaltes iets hoger omdat de aanwezige mosselen het slib uit het water filteren en op de bodem afzetten.

De bodemstructuur is in kaart gebracht met behulp van side scan sonar opnamen en een bewerkingsprogramma voor ruimtelijke patronen. Er is een positief verband tussen de gebruikte parameter (Moran’s I) en de mosselbiomassa. Uit een statistische toetsing blijkt dat er een significante afname in structuur is als gevolg van en direct na de visserij. Dit verschil is na 1 en 2 jaar niet meer te zien.

Klik hier voor rapportage over de effecten op de bodemsamenstelling, en hier voor de rapportage over de effecten op de habitatstructuur.