Soortenrijkdom bodemdieren

Het verband tussen biodiversiteit en het voorkomen van mosselen is positief: mosselvoorkomens zijn “hot spots” voor biodiversiteit in de westelijke Waddenzee. Er worden significant meer bodemdiersoorten aangetroffen op plekken met mosselen.

Uit de Waddenzee brede survey blijkt dat monsters waarin mosselen werden aangetroffen een tweemaal hogere soortenrijkdom en biomassa (exclusief mosselen) hebben dan monsters zonder mosselen. Uit de vergelijking van wilde banken open voor mosselzaadvisserij met mosselkweekpercelen blijkt dat er op de kweekpercelen in totaal meer soorten (102) zijn aangetroffen dan op wilde banken (84). Per m2 zijn de (ingegraven) soorten van het zachte substraat meer talrijk op de wilde banken, en is het aantal hard substraat soorten ongeveer gelijk.

Het voorkomen van kenmerkende soorten voor het sublitorale habitattype blijkt ook te verschillen. Op de percelen zijn mosselen, zagers, krabben en zeesterren talrijker dan op de wilde banken. Strandgaper en nonnetje worden vaker aangetroffen op wilde banken.

De percelen liggen over het algemeen in gebieden met een hoger zoutgehalte dan de wilde banken. Wanneer percelen en wilde banken die in elkaars nabijheid liggen worden vergeleken, blijkt dat er wat meer soorten voorkomen op de wilde banken. De conclusie is dat wilde banken en mosselkweekpercelen duidelijke verschillen vertonen in soortensamenstelling, en dat beide een habitat vormen voor een soortenrijke bodemdiergemeenschap.  

Klik hier voor de rapportage over de vergelijking tussen wilde banken en percelen, en hier voor de rapportage over geassocieerde soorten.