Genetische modificatie - DuRPh

Om haar doelstellingen te bereiken werkt DuRPh met genetische modificatie. DuRPh rust namelijk aardappelrassen uit met extra resistentiegenen die afkomstig zijn uit andere aardappelplanten, zoals wilde verwanten. In principe zou je die genen ook via kruisingen in aardappelrassen kunnen krijgen.

Bij kruisingen met wilde varianten komen echter naast de gewenste eigenschap ook veel ongewenste 'wilde' eigenschappen mee, zoals knoestige knolletjes of bittere smaakstoffen. Het kost de veredelaar dan tientallen jaren om het plantmateriaal via terugkruisingen met de cultuuraardappel weer te 'fatsoeneren' tot een bruikbaar ras. Bij genetische modificatie bestaat dat probleem niet, aangezien daarbij alleen het gewenste gen wordt overgebracht. Dit is een belangrijk argument voor het gebruik van genetische modificatie in dit project.

Cisgenese merkervrij aardappels

Het inbouwen van genen uit verwante, kruisbare soorten - in dit geval dus genen uit de wilde aardappelplant - heet cisgene genetische modificatie of cisgenese. Dit in tegenstelling tot transgene genetische modificatie, waarbij de aardappelplant soortvreemde genen meekrijgt, bijvoorbeeld van een tomatenplant. In het DuRPh project werken we met cisgenese. De nieuwe resistente aardappels krijgen uiteindelijk ook geen genetische merkers mee. Het bewijs dat de modificatie is gelukt, kan ook zonder merkers in het laboratorium geleverd worden.

Informatie

Meer informatie over cisgenese: www.cisgenesis.com