Derde jaar van de bachelor Internationale Ontwikkelingsstudies

In het derde jaar (60 studiepunten) van de opleiding ga je verder met de major van je keuze: Sociology of Development, Economics of Development of Communication, Technology and Policy. Elk van deze majors speelt een sleutelrol in de analyse van ontwikkelingsvraagstukken.

Opbouw derde jaar

Het eerste verplichte majorvak heb je in het tweede jaar al gevolgd. In het derde jaar volg je de overige verplichte vakken die bij de door jou gekozen major horen, je schrijft een Bachelorscriptie en je vult je vrije keuze ruimte in. Onder het kopje Studenten vertellen lees je over de ervaring van studenten met het schrijven van de bachelorscriptie en met het invullen van de vrije keuze ruimte.

Vrije keuze ruimte

In overleg met je studieadviseur zou je deze vrije keuze ruimte kunnen vullen door een paar maanden in het buitenland te studeren, vakken te volgen op andere Nederlandse universiteiten of door een van de Wageningse minors te volgen. Een minor is een samenhangend cluster van vakken op een bepaalde thematiek of vakgebied. Je kan de vrije keuze ruimte ook invullen door een combinatie van bovengenoemde mogelijkheden.

Majors

In het onderstaande overzicht zie je de verschillende majors waarvoor je kiest in je tweede jaar en waar je volledig op focust in je derde jaar.

Sociology of Development (Major A)

Sociologie bestudeert sociale aspecten van veranderingsprocessen zoals bijvoorbeeld de lokale gevolgen van globalisering en hoe mensen een bestaan verwerven in onzekere omstandigheden. Antropologische en sociologische theorieën en methodologie worden gebruikt om te analyseren hoe verschillende mensen reageren op veranderingen en ontwikkelingen in hun natuurlijke en sociale omgeving.

Belangrijke leerstoelgroepen bij deze major:

Majorvak tweede jaar

Policy, People and Resources in Comparative Perspective

Dit vak leert je meer over politieke sociologie en antropologie. Op een vergelijkende manier worden sleutel concepten (bijvoorbeeld ‘macht’) toegepast op de analyse van verschillende politieke structuren en beleidsvorming. Belangrijke thema’s die naar voren komen zijn politieke organisatie en bestuur; conflict en solidariteit; poststructuralisme; machtsrelaties tussen mensen mét en zonder macht; gender; en de relatie tussen het mobiliseren van hulpbronnen en goederen, lokale politiek en strategieën van levensonderhoud in de Derde Wereld (‘poor peoples politics’).

Majorvakken derde jaar

Globalization and Sustainability of Food Production and Consumption

Wat is het effect van globalisering en regionalisering op de handel in en beschikbaarheid van voedsel? Bij dit vak leer je hoe mondialisering consumptiepatronen beïnvloedt en welke nieuwe waarden aan consumptie gegeven worden. Er wordt gekeken naar het milieubelastende aspect van voedsel, naar voedselveiligheidsrisico’s, naar consumentenvertrouwen, naar internationale regulering van handel en naar het certificeren en labellen van voedsel. Naast colleges en discussies ga je ook een halve dag op excursie naar biologische boerderijen die regionaal produceren, om de rol van alternatieve aanvoerkanalen te begrijpen.

Sociological and Anthropological Perspectives on Development

Bij dit vak krijg je meer inzicht in relevante sociologische en antropologische theorieën die gebruikt worden bij de analyse van sociale transformatieprocessen. Aan de hand van voorbeelden uit de praktijk worden sociologische theorieën en concepten kritisch besproken en toegepast. Je leert begrippen als transformatie, ontwikkeling, instituties, sociaal- en symbolisch kapitaal, identiteit en participatie te interpreteren en toe te passen. Er wordt besproken bij welke sociale, culturele, economische en politieke veranderingen veel mensen in rurale (niet stedelijke) betrokken zijn, welke instituties relevant zijn en hoe ze interacteren met de verschillende niveaus in de samenleving.

The Sociology of Farming and Rural Life

Dit vak leert je meer over primaire productieprocessen op het platteland (niet uitsluitend landbouw). De nadruk ligt op heterogeniteit en diversiteit in ontwikkelingspatronen. Besproken wordt onder andere de trend richting multifunctionaliteit: ondernemers die veehouderij of akkerbouw combineren met een zorgboerderij of ‘kamperen bij de boer’. Je kijkt daarnaast ook naar de relatie tussen markt, technologie en bedrijfsstijl en je analyseert hoe de arbeid georganiseerd wordt. Je leert methoden om onderzoek te doen naar heterogeniteit en complexiteit in steeds veranderende omstandigheden, zodat je de relatie tussen beleid en praktijk kunt duiden en mogelijkheden kunt aanwijzen voor ontwikkelingen van binnenuit, die een centrale bijdrage kunnen leveren aan plattelandsontwikkeling.

Economics of Development (Major B)

Economie gaat over productie, verdeling en consumptie. Je kunt je richten op het gedrag van individuen, het functioneren van de overheid of de rol van internationale relaties. Economische theorieën en methodologie worden gebruikt om te analyseren wat de effecten van veranderingen (kunnen) zijn. Dit betreft veranderingen in bijvoorbeeld bepaalde condities, gebruiken en beleid op het gebied van armoedebestrijding , internationale handel en milieubeleid.

Belangrijke leerstoelgroepen bij deze major:

Majorvak tweede jaar

Microeconomics

Bij dit vak wordt je kennis verbreed en verdiept over de standaard neoklassieke micro-economische theorie. Onderwerpen die aan de orde komen zijn: consumenten theorie, producenten theorie, algemene en partiële evenwichtstheorie, welvaartstheorie en speltheorie. Je krijgt inzicht in begrippen en concepten, leert met bepaalde concepten te werken en waar mogelijk concepten op een grafische manier te verbeelden. Je leert vooral ook concepten toe te passen, bijvoorbeeld om te bepalen wie - consumenten of producenten - het grotere deel van een productbelasting betaalt en door welke parameter deze verdeling bepaald wordt.

Majorvakken derde jaar

Macroeconomics and International Trade

Bij dit vak verdiep je je verder in de macro-economische analyse van zowel een gesloten als een open economie. Je leert meer over bijvoorbeeld inflatie, werkloosheid, internationale schulden, koersontwikkelingen en de rol van economische beleidsinstrumenten. Bovendien wordt er aandacht besteed aan theorieën over internationale handel en aan verschillende (effecten van) protectiemechanismen als tarieven en quota’s. Naast de economische aspecten komen ook de politieke aspecten van (internationaal) handelsbeleid aan bod.

Spatial and Regional Economics

De locatie is een belangrijk aspect van economische activiteiten. Bij dit vak bestudeer je de twee aspecten van ruimtelijke en regionale economie: locatietheorie en regionale ontwikkeling. Locatietheorie gaat over de waarde van land en de locatie van bedrijven en consumenten. Regionale ontwikkeling gaat over verschillen en ongelijkheid in regionale ontwikkeling in zowel ontwikkelde als minder ontwikkelde landen. Speciale aandacht is er voor de manier waarop regionale verschillen en ongelijkheid gemeten worden.

Institutional Economics and Economic Organization Theory

Bij dit vak leer je meer over de totstandkoming, ontwikkeling en het functioneren (bijvoorbeeld over de transacties met leveranciers) van organisaties. Belangrijke onderwerpen zijn transactie theorie; de rol van informatie bij economische beslissingen; contract theorie;  eigendomsrechten; hoe formele instituties (bijvoorbeeld wetten) en informele instituties (bijvoorbeeld normen) economisch gedrag beïnvloeden; de rol van sociaal kaptaal en hoe vertrouwen transactiekosten kan verminderen. Je leert bij dit vak theorieën en mechanismen van de institutionele economie beter te begrijpen en het gedrag van organisaties te analyseren.

Communication, Technology and Policy (Major C)

Deze major analyseert hoe technologische en organisatorische vernieuwingen tot stand komen in een samenspel tussen verschillende partijen (overheid, bedrijven en burgers) en de rol die  communicatie hierbij speelt. Communicatie, politicologische, rechts- en sociologische theorieën en methodologie worden gebruikt om te analyseren hoe en waarom verschillende typen beleid (bijvoorbeeld landrechten) verschillende mensen beïnvloeden; hoe zij zich opstellen in algehele processen van verandering; en hoe technologische ontwikkelingen de samenleving (en andersom) beïnvloeden.

Belangrijke leerstoelgroepen bij deze major:

Majorvak tweede jaar

Communication and Policy Making

Verschillende partijen - bijvoorbeeld overheidsinstanties, lokale actoren (met individuele of gegroepeerde belangen), sociale bewegingen, experts, media en het bredere publiek - zijn betrokken bij interacties die leiden tot beleidsvorming. Bij dit vak leer je meer over de vormen en het belang van interacties tussen deze partijen en hoe beleidsvormingsprocessen geaard zijn in de maatschappij. Dilemma’s waar beleidsmakers mee te maken krijgen worden behandeld aan de hand van theorie en praktijkgerichte voorbeelden. Je leert meer over de verschillende rollen en vormen van communicatie in beleidsvorming en hoe betere communicatie kan leiden tot beter beleid.

Majorvakken derde jaar

Social Justice, Technology and Development

Nieuwe technologieën zorgen regelmatig voor verhitte discussie; de zorgen binnen de samenleving over pesticiden en biotechnologie zijn hier voorbeelden van. Je leert bij dit vak meer over de interactie tussen de samenleving en technologische innovaties en hoe je deze interacties theoretisch kan analyseren. Het vak gaat in op het idee dat technologische ontwikkeling een resultaat is van sociale keuzes en niet van individuele keuzes of onafhankelijk wetenschappelijk werk. Je leert meer over hoe sociale organisatie technologische ontwikkeling en gebruik reguleert, maar ook omgekeerd, hoe institutionele verandering een respons kan zijn op nieuwe technologieën.

Law and Public Power 

Binnen ontwikkelingsstudies worden verschuivingen in staatsmacht, verantwoordelijkheden van de nationale staat naar andere organisaties en de relatie tussen staat en burger steeds belangrijker. Bij dit vak leer je meer over de legitimiteit van regeringsacties en de rol van recht hierin. Je leert ook meer over de druk vanuit internationale organisaties, multinationals en niet-gouvernementele organisaties om nationale wetten aan te passen aan internationale standaarden. Zo stelt het IMF (Internationaal Monetair Fonds) bijvoorbeeld voorwaarden aan ontwikkelingslanden om bureaucratieën te verminderen en sommige overheidsactiviteiten te privatiseren.

Innovation Management and Transdisciplinary Design

Wetenschappers en beleidsmakers vragen zich vaak af waarom hun technologieën en beleidsplannen niet grootschalig geaccepteerd worden. Bij dit vak leer je dat de succeskans van innovaties vergroot wordt bij een goede balans tussen de nieuwe technologieën en nieuwe vormen van sociale organisatie. Hiervoor is een creatief leer- en onderhandelingsproces nodig. Bij dit vak leer je inzichten uit recente innovatie theorieën te begrijpen en toe te passen. De nadruk ligt hierbij op het dialoog tussen het technologische- en het sociaalwetenschappelijke denken. Naast theorie presenteren gastdocenten hun ervaring met interdisciplinair ontwerpen. Uiteindelijk ga je zelf in een team van studenten van verschillende opleidingen een sociaal-technische analyse maken, en zet je de eerste stappen richting een innovatie traject.



Naar de vakken in het eerste jaar

Naar de vakken in het tweede jaar

Terug naar Opbouw studie