Zoönosen - overdraagbare dierziekten

Zoönosen

Dit onderzoek is gericht op controle van ziekten en infecties die overgedragen kunnen worden tussen dieren en mensen.

Wat zijn zoönosen?

Mensen en dieren leven niet in gescheiden werelden, maar samen. Ze hebben zich in de loop van de evolutie samen ontwikkeld net als hun ziekteverwekkers. Daarom kunnen mensen ziek worden door ziekteverwekkers die afkomstig zijn van dieren. Deze infectieziekten worden zoönosen genoemd. Aan de andere kant zijn er zoönosen, waarbij de mens de primaire gastheer is en dieren door mensen kunnen worden besmet, de zogenaamde anthropozoönosen. Een voorbeeld hiervan is humane tuberculose veroorzaakt door Mycobacterium tuberculosis, waarvoor ook o.a. honden, katten, olifanten en lama’s gevoelig zijn. Runderen zijn niet gevoelig voor humane tuberculose. Zij zijn de primaire gastheer van rundertuberculose veroorzaakt door Mycobacterium bovis, een bacterie die ziekte kan veroorzaken bij alle zoogdieren inclusief de mens en ook wel wordt aangeduid als de verwekker van “zoönotische tuberculose”.

- Helaas, uw cookie-instellingen zijn zodanig dat de Video niet getoond kan worden - pas uw permissie voor cookies aan

Verantwoordelijkheid

Wij voeren wettelijke onderzoekstaken uit op het gebied van aangifteplichtige ziekten bij dieren voor de Nederlandse overheid. Hieronder vallen alle ziekten van dieren waarop nationale en/of internationale regelgeving van toepassing is. Een aantal van deze ziekten is een zoönose. Als referentielaboratorium voor dierziekten in Nederland zijn wij verantwoordelijk voor de uitvoering van diagnostiek en advies bij verdenkingen van besmettelijke aangifteplichtige dierziekten. Naast deze wettelijke taken voert het instituut in opdracht van overheid en bedrijfsleven toegepaste onderzoeksprojecten uit, ook op het gebied van zoönotische infecties bij huisdieren en wilde fauna.

Hiermee draagt het instituut bij aan de volgende doelstellingen:

  • Vrijwaring van belangrijke epidemische ziekten bij dieren die al dan niet een risico voor de mens inhouden. Veelal worden deze ziekten bestreden in het kader van regelgeving van de nationale overheid, de EU of de OIE (Wereldgezondheidsorganisatie voor Dieren). Controle op de ziektevrije status van dieren in het handelsverkeer is hierin een belangrijk element. Belangrijke dierziekten in dit kader zijn tuberculose, brucellose, BSE en vogelpest. Belangrijk in dit kader zijn de nauwe samenwerkingsverbanden met vijf zusterinstituten in Europa.
  • Preventie, vroege opsporing, en bestrijding van dierziekten die risico’s voor de mens inhouden. Dit kunnen ziekten zijn bij dieren die gehouden worden om economische redenen, bij hobbydieren of bij de wilde fauna. Hiermee leveren we direct een bijdrage aan de volksgezondheid. Het werkt daartoe nauw samen met het RIVM, het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu. Beide instituten stemmen hun activiteiten op elkaar af en vullen elkaars expertise aan.
  • Handhaving en bevordering van de kwaliteit en veiligheid van dierlijke producten met het oog op de positie van de Nederlandse veehouderij in het economisch verkeer.

Signaleringsoverleg Zoonosen

Het instituut is een van de deelnemers aan het Signaleringsoverleg Zoönosen (SO-Z). Maandelijks vindt er in dit SO-Z overleg plaats door infectieziektedeskundigen van het RIVM, GGD en dierziektedeskundigen van ons instituut, de faculteit Diergeneeskunde, dierenartsen van het NVWA/Veterinair Incidenten- en Crisiscentrum (VIC) en de Gezondheidsdienst voor Dieren (CD). Hierbij worden nieuwe zoönotische signalen vanuit humane en dierlijke reservoirs besproken en de relevantie ervan beoordeeld.  

De Q-koortsepidemie in Nederland van 2007-2009 liet zien dat afstemming en samenwerking van humane en veterinaire specialisten nodig was, waarna het SO-Z werd opgestart. In het SO-Z komen humane en veterinaire experts samen om signalen van zoönotische ziekte in een zo vroeg mogelijk stadium te bespreken. In het SOZ delen de experts laagdrempelig vertrouwelijke signalen met elkaar en maken gezamenlijk afwegingen of er naar aanleiding van die signalen acties nodig zijn. Acties kunnen variëren van het inwinnen van extra informatie, het bijeenroepen van een deskundigengroep en het informeren van belanghebbenden.

Wij voeren diagnostiek en onderzoek uit aan een reeks zoönosen als q-koorts, psittacose, rundertuberculose, tularemie, influenza, rabiës, hepatitis E en Rift Valley Fever en is daarmee een belangrijke deelnemer aan het SOZ.

Veel van onze activiteiten op het terrein van zoönosen zijn terug te vinden elders op onze website bij de verschillende dierziekten.

Nieuws Zoönosen