Nieuws

Bijenvolk positief getest op ziekte Amerikaans Vuilbroed

Gepubliceerd op
31 mei 2021

Het Nationaal Referentie Laboratorium (NRL) voor bijenziekten heeft een broedmonster van een imker uit de provincie Groningen via een kweekmethode positief getest op de besmettelijke bijenziekte Amerikaans Vuilbroed. Het bijenvolk wordt geruimd. Een besmetting met Amerikaans Vuilbroed is zeldzaam in Nederland.

Amerikaans Vuilbroed (afgekort AVB) is een bacteriële broedziekte van de honingbij en een van de vier aangifteplichtige dierziekten bij bijen. Bijenhouders die een verdenking constateren van de ziekte zijn verplicht melding te maken via het meldpunt dierziekten. Amerikaans Vuilbroed treft alleen de larven in de bijenkast. Volwassen bijen raken door de sporen van deze bacterie niet geïnfecteerd. Bij een besmetting met deze ziekte vertonen de broedramen onregelmatig verspreide, verzegelde broedcellen met gedeeltelijk ingevallen celdeksels. De inhoud van de cellen zijn gevuld met vuilwitte tot bruingele slijmdraden en verspreiden een lijmgeur.

Bestrijding Amerikaans Vuilbroed

De bestrijding van een uitbraak wordt uitgevoerd door de bijenhouders zelf in samenwerking met bijengezondheidscoördinatoren. De NVWA houdt hier toezicht op. Om de imkers bij de bestrijding te ondersteunen heeft het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit een verplaatsingsverbod voor bijenvolkeren binnen een straal van 3 kilometer rondom de besmette locatie ingesteld. Dit verbod duurt tenminste 30 dagen.

Nationaal referentielaboratorium voor bijenziekten

Het Nationaal Referentie Laboratorium voor bijenziekten is een wettelijke onderzoekstaak die door bijenexperts van Wageningen Plant Research (WPR, bijen@wur) en veterinaire onderzoekers van Wageningen Bioveterinary Research (WBVR) gezamenlijk wordt uitgevoerd.

Op jaarbasis is er in Nederland minder dan één uitbraak met Amerikaans Vuilbroed. De ziekte wordt veroorzaakt door de bacterie Paenibacillus larvae die massaal sporen vormt bij een uitbraak. Deze sporen kunnen op verschillende manieren verspreid raken, onder andere door uitwisseling van besmet kastmateriaal en vervlieging en roverij van bijen. Bovendien zijn de sporen erg persistent en kunnen ze lange tijd latent aanwezig zijn in een bijenvolk. Sinds 1990 zijn er 73 uitbraken geweest van Amerikaans Vuilbroed.