Nieuws

Onderzoeksproject helpt boeren, inkopers en afnemers in Afrika om te gaan met klimaatverandering

Gepubliceerd op
15 maart 2021

Afrika heeft het meest te lijden onder de gevolgen van de klimaatverandering. Deze veranderingen hebben een grote impact op de productie en inkoop van landbouwproducten, zoals granen, katoen en groenten. Duurzaam bodembeheer en betere zaden zouden kunnen helpen, maar de uitdaging is om hiervoor het juiste beginpunt te bepalen. Dat is wat Wageningen University & Research en De Nederland Financierings-Maatschappij voor Ontwikkelingslanden (FMO), HEINEKEN International, de African Cotton Foundation (ACF) en Export Trading Group (ETG) willen ontdekken in een nieuw ambitieus onderzoeksproject: Klimaatbestendige inkoop van landbouwproducten in Afrika.

Dit publiek-private samenwerkingsproject staat onder leiding van een multidisciplinair team van WUR-onderzoekers bestaande uit economische, klimaat- en plantgroei-expertise. Zij werken samen om klimaatrisico's in kaart te brengen voor betere prioritering, om vervolgens in te zoomen op ‘hoog risico’-gebieden. Zij zullen diepgaand onderzoek uitvoeren over productieregio's met een hoog risico en de daaraan verwante pijlers. De onderzoekers zullen vervolgens haalbare technische en economische klimaatmitigatie- en aanpassingsstrategieën voor boeren en inkopers van landbouwproducten ontwikkelen.

Het WUR-onderzoeksteam zal een schaalbare oplossing ontwikkelen voor de klimaatbestendige inkoop van landbouwproducten ten behoeve van boeren en inkopers om voedselzekerheid te garanderen.

Doelstelling

Het doel is om inzichten te krijgen in de tastbare effecten van klimaatverandering in 20 landen en op 15 landbouwproducten verspreid over het hele continent en om haalbare en praktische verbeteringsmogelijkheden voor klimaatmitigatie en adaptatie te ontwikkelen.

Pieternel Boogaard, Global Head Agribusiness, Food & Water van FMO: 'Klimaatverandering heeft nu al gevolgen voor Afrikaanse boeren en andere bedrijven in de toeleveringsketens. We moeten dringend de mitigatie- en aanpassingsinspanningen versnellen en helpen veerkracht op te bouwen tegen de ernstigere klimaatveranderingen die op komst zijn. FMO ondersteunt dit initiatief van het WUR-onderzoeksteam omdat we op zoek zijn naar schaalbare inzichten en verbetermogelijkheden die ons en onze klanten niet alleen helpen om de veranderingen in de risicoprofielen te begrijpen, maar ook om te leren wat ze mogelijk kunnen doen om de effecten te verminderen. Dit is voor ons een perfecte manier om waarde te creëren voor onze huidige en potentiële nieuwe klanten. Ik kijk erg uit naar de eerste resultaten en onze samenwerking in de komende jaren met het WUR-onderzoeksteam, HEINEKEN International, ACF en onze klant ETG.'

Satelliet- en grondgegevens

De onderzoekers gebruiken een innovatieve aanpak door de verschillende niveaus en disciplines van Wageningen University & Research met elkaar te verbinden en op die manier zo efficiënt mogelijk gebruik te maken van satellietinformatie. Op lokaal niveau gebruiken ze de beschikbare gegevens over landbouwproductiegebieden en plantengroei. Ze gebruiken hiervoor gewasgroeimodellen, extrapolaties en voorspelling van verschuivingen in productieregio's, inclusief de gewasproductiviteit in verschillende klimaatveranderingsscenario's, zoals bijvoorbeeld koude uren, duur van natte seizoenen, plaagdruk, en hitte die van invloed zijn op de specifieke gewasgeschiktheid van de productieregio's. Het beoogde kader voor klimaatrisicobeoordeling is een algemene en stapsgewijze benadering van klimaatbestendige landbouw en inkoop, die leidt tot geavanceerde klimaatbestendige besluitvorming.

Willem Ruster, Programme Manager Sustainability Management in Agri & Food bij Wageningen Economic research: 'We ontwikkelen een schaalbaar instrument en proces die de snelheid van het opleveren van klimaatrisicoprofielen, prioriteitsregio's en aanpassingsmogelijkheden substantieel zullen verhogen. We weten allemaal dat we ons moeten aanpassen, en dat agri-waardeketens grotendeels zullen worden getroffen, maar we missen het overzicht van wat er gaat gebeuren en hoe we moeten handelen.'

Streven naar oplossingen op grote schaal

Dit nieuwe onderzoek is bedoeld om boerengemeenschappen te helpen bij het beschermen en verbeteren van hun levensonderhoud, het vergroten van de veerkracht en het stimuleren van inkopers van landbouwproducten om te investeren in klimaat gerelateerde aanpassingsstrategieën om het aanbod op lange termijn veilig te stellen.

Lopend onderzoek en ontwikkeling hebben voortgang geboekt op gebied van klimaat gerelateerde aanpassingen in de landbouw, maar hebben vaak geen toegang tot – en zijn daarom niet gebaseerd op – robuuste klimaatrisicodata.  Dit project vormt de essentiële basis voor het informeren en verbeteren van activiteiten die bedoeld zijn om de ecologische duurzaamheid en de weerbaarheid van de boerengemeenschap te verbeteren. 

De regio’s met het hoogste risico eerst

Het onderzoek loopt van 2021 tot en met 2024 en  maakt gebruik van een trechterbenadering. Het eerste jaar zal zich richten op het in kaart brengen van klimaatrisico's in 20 landen en 15 landbouwproducten, waarbij prioriteit wordt gegeven aan de regio's met het hoogste risico. In het daaropvolgende jaar zal het onderzoek worden toegespitst op de meest problematische gebieden en de prioriteit worden bepaald van haalbare aanpassingsstrategieën.  rHet onderzoeksteam zal kennis over gewassen combineren met lokale kennis van het regionale landschap, productiesystemen, de bodem en ontwikkelingen in lokale weersomstandigheden.

Deze factoren worden allemaal gebruikt om het effect van deze factoren op de teeltgebieden van de gewassen te berekenen. De teeltregio's met het hoogste risico staan op de shortlist op basis van hun gevoeligheid voor klimaatveranderingen, zoals toenemende periodes van droogte, hitte en intense regenval of zelfs plaagdruk. Op basis van deze gegevens zullen de onderzoekers manieren ontwikkelen om deze problemen aan te pakken, te beginnen met de meest risicovolle gewassen.

Ook lokale actoren zullen hierbij worden betrokken. Willem Ruster: 'De lokale boeren zijn een centraal onderdeel van de oplossingen, die soms altijd al aanwezig zijn. We willen graag een shortlist maken van oplossingen die aansluiten bij de drijfveren van zowel de boer als de inkoper, en we willen lokale overheden erbij betrekken. Zij zijn ook een belangrijke partner op het gebied van informatie, ervaring en het ontwikkelen van oplossingen op schaal.'