Blogpost

De wil van de kapitein is wet

Gepubliceerd op
2 september 2009

De Stad Amsterdam is vertrokken. Meerdere malen zelfs: eerst uit Delfzijl, daarna uit Oosteinde en vervolgens uit Plymouth.

stadamsterdam3156x300.jpg

Men had daar echter te kampen met zware wind tegen en minister Plasterk was aan boord. Eerst volgende haven Tenerife, maar zolang kan de minister natuurlijk niet gemist worden, dus maakte het schip een tussenstop in Falmouth. Dat eerste stukje zeilen viel nog niet mee en velen aan boord weten nu hoe Darwin zich meestal op zee voelde: hondsberoerd. ยป Zie het beagle-blog.

Darwin zelf had ook niet bepaald een vliegende start. In december 1831 had men te kampen met een serie zware zuidwester stormen en de Beagle heeft een maand lang op de rede van Plymouth liggen wachten voordat men kon vertrekken. Twee keer ging het schip anker-op, en twee maal werd men weer teruggeworpen. Het werd kerst en de bemanning mocht even van boord en dook massaal de kroeg in. Uiteraard ging de wind toen prompt liggen en dus moest iedereen weer aan boord en dat ging niet bepaald zonder slag of stoot. Om zijn gezag aan boord definitief te vestigen gaf kapitein FitzRoy daags na vertrek (geen weg meer terug) bevel om de grootste dronkenlappen aan dek te geselen. Zo ging dat toen en daarmee was de kous af.

Ook in de 20e eeuw is de wil van de kapitein wet aan boord. Er zijn op de verschillende delen van de lange tocht echter twee verschillende kapiteins in het spel, die elkaar afwisselen. Met kapitein A was in Le Havre doorgesproken waar de kijkhut voor de vogelwaarnemingen zou moeten komen en hoe het het ongeveer uit zou gaan zien.

Tijd voor het maken van een bouwtekening was er niet, dus naar beste vermogen werd een constructie bedacht die precies pas op dek te plaatsen en vast te sjorren zou zijn, voorzien van binnenwerkse opklap-schrijftafeltjes, goede zitplaatsen, zijsteunen tussen de zitplaatsen zodat je niet heen en weer en bij elkaar op schoot zou schuiven, en een spoiler die de wind over de waarnemers heen zou voeren. Toen het fysieke resultaat echter aan boord werd gebracht in Delfzijl, zwaaide kapitein B de scepter en hij vond het niets. Te groot, te zwaar en niet snel genoeg te demonteren bij zware zeegang, en daarmee onveilig.  

Bovendien bleek, in tegenstelling tot eerdere berichten, de nieuwe rubberboot groter dan de vorige, waardoor de box niet op de geplande plaats paste. Daar viel nog wel een mouw aan te passen, maar met veiligheid wordt niet gemarchandeerd. Terecht natuurlijk, al zullen we nooit de proef op de som kunnen nemen. Het eind van het liedje was dat het bouwpakket vijf minuten voor vertrek uit Delfzijl weer aan de wal werd gezet, en daar sta je dan...

Problemen zijn er op opgelost te worden. Afgezien van helemaal opnieuw beginnen, om dan een nieuw design per luchtvracht op te sturen naar Zuid-Amerika, was de vraag of we binnen een dag de bestaande box zouden kunnen aanpassen en dan afleveren in Oosteinde, tijdens de tussenstop. Er volgde koortsachtig overleg met de directie van de Stad Amsterdam en met de constructeurs. De originele box bood plaats aan vier personen en zou midden op het voordek worden geplaatst, zodat je met twee waarnemers ofwel aan bakboord, ofwel aan stuurboord zou kunnen zitten. Daardoor zou de box niet verplaatst hoeven te worden, iedere keer als het schip overstag gaat en dat leek een solide, veilige optie. Kapitein B zag dit dus duidelijk anders. De oplossing was natuurlijk simpel: zijkant eraf, box doormidden zagen en zijkant er weer op en nu hebben we een halve, tweepersoonsbox, nog steeds met alle eerder aangebrachte snufjes. Deze versie werd acceptabel gevonden, en per koerier ging een halve box naar Oosteinde...


Mardik Leopold


Foto: De originele, vierpersoonsbox met daarin de constructeurs: Joost Overmaat (l.) en Theo Rutten (r.), als show-modellen.