Winterwonder op Griend

Blog

Winterwonder op Griend

Sinds 2013 komen de onderzoekers van Wageningen Marine Research midden in de winter op het eilandje Griend, waar ze een aantal dagen in de hut van Natuurmonumenten kunnen bivakkeren. Hier kunnen ze de grijze zeehonden volgen die daar hun jong krijgen. In 2013 waren het er 33, nu staat de teller voorlopig al op 65 jongen.

Is Cactus er weer?

Midden in de winter, als het buiten guur en koud is, en als alles stil lijkt te staan, begint de drukte voor de grijze zeehond. In december is namelijk hun geboorteseizoen. Hun belangrijkste geboorteplek is tussen de Waddeneilanden Vlieland en Terschelling, met de Richel als grootste ligplaats. Sinds een aantal jaren worden ook op Griend jongen geboren. Dankzij de hut van waaruit je kunt werken, is Griend voor onderzoekers Sophie Brasseur, Jenny Cremer, André Meijboom en Geert Aarts de ideale plek om onderzoek te doen naar deze grote roofdieren.

Er worden vooral veel foto’s gemaakt van de zeehonden. Elk dier heeft namelijk een uniek vlekkenpatroon, en dat is als het ware een vingerafdruk waarmee je dieren individueel kunt herkennen. Door middel van een speciaal ontwikkeld patroonherkenning-software kan bepaald worden of het dier eerder is waargenomen.

Grijze zeehonden zijn heel trouw aan hun broedplek. Zo was zeehond ‘Cactus’ al 4 jaar achter elkaar gezien. Ieder jaar had ze een pup gezoogd en grootgebracht. Deze zeehond heeft een klein cactus-figuurtje op haar rechter zijde. Ondertussen is ze al zo’n beroemdheid dat ze de nationale kranten heeft bereikt. Het was dan ook spannend om te zien of ze dit jaar er weer was.

Velduilen

Op weg naar de zeehonden lopen Jenny en Sophie door het hoge gras. Opeens vliegt daar een uil op, het is een velduil! Een bijzondere vogel voor Nederland, met naar schatting maar een honderdtal broedparen in Nederland. Kort daarna vliegen er nog zes andere velduilen op, prachtig!

Een zeldzame velduil
Een zeldzame velduil

Deze bruine uil is een van de weinige soorten die je overdag kan zien, met name tijdens de schemering. Hij jaagt op vogels, maar vooral ook op muizen. Op Griend is dat de bosmuis. Bosmuizen zijn tijdens de aanleg van de dijk meegekomen en zijn nu vaste bewoners van Griend. Wel bijzonder voor een eiland waar een bos ver te zoeken is! De velduilen op Griend eten niet alleen muizen. Uit braakballen blijkt dat ze hier ook allerlei wadvogels eten.

Drinken en spelen

Bij mensen kan de zoogtijd wel jaren duren, al is dit om culturele redenen soms veel korter. Grijze zeehonden doen het in iets minder dan 3 weken. In die tijd groeien de pups uit van zo’n 15 kilo net na de geboorte, tot wel meer dan 30 kilo. Gemiddeld komt er dus elke dag een kilootje bij, de zeehondenpup drinkt flink door. Voor de moeder is dat een behoorlijke opgave.

Daarnaast moet ze ook nog alle mannetjes van haar afhouden. De pup daarentegen heeft wel tijd om te spelen of zijn eigen lichaam te ontdekken. Op een gegeven moment heeft Moeder grijze zeehond gedaan wat ze kan, en laat ze haar jong alleen achter. De pup blijft dan nog 2-3 weken liggen, en eet of drinkt helemaal niets gedurende deze periode. Het enige wat de pup nodig heeft is rust.

In deze vastenperiode verhaart ze, maar er wordt ook spierweefsel en longweefsel opgebouwd. Dit heeft de pup later hard nodig om enorme zwemtochten te maken over de Noordzee, en tot tientallen meters diepte te duiken om daar op vis te jagen bij de bodem.

Menselijk bot gevonden

Bij het ‘aflopen’ van de zeehonden in het noorden van het eiland ziet onderzoekster Sophie ineens iets bijzonders bij de vloedlijn liggen. Het is een bot van een zoogdier. Ze beseft al snel dat ze iets bijzonders in handen heeft. Na wat speurwerk blijkt het een deel van het bekken van een mens te zijn. Dat wordt door Arthur Oosterbaan van Ecomare bevestigd: Het is waarschijnlijk een ‘moderne’ mens, dus iemand die leefde rond de middeleeuwen of daarna.

Winterwonder op Griend

Griend kent een lange geschiedenis. Voor het begin van onze jaartellingen, zag het waddengebied er heel anders uit dan nu. De Waddenzee was een veenachtig kweldergebied doorklieft met kleine geultjes en prieltjes. In deze gebieden woonden ook mensen die een nomadisch bestaan leidden. Ze visten en lieten hun vee grazen.

Vele eeuwen later, ontstond er een meer permanente vestiging op Griend en zo rond de 13e eeuw was er zelfs een kloosterschool. Griend was toen veel groter, ongeveer zo groot als Texel, en lag ook op een andere plek, namelijk veel verder naar het noorden vlakbij Terschelling.

In de 19e eeuw, wordt het bij hevige stormen soms geheel overstroomd, met vervelende gevolgen voor de mensen en hun vee. Uiteindelijke verdwenen de mensen en werd het gebied teruggegeven aan de natuur. Spannend om nu te weten te komen hoe oud het bot is. En zouden het inderdaad ook oud-bewoners van Griend zijn?

Griend bedekt met sneeuw

De pups van grijze zeehonden worden ook wel ‘witjes’ genoemd. Ze hebben een prachtige witte bontjas als ze worden geboren. Grijze zeehonden worden in allerlei gebieden geboren, op afgelegen zandstranden, op rotskusten (bijvoorbeeld in Schotland), maar in het hoge noorden van de Baltische zee ook op het zee-ijs. Dat is waarschijnlijk een van de reden dat ze zo’n mooie witte vacht hebben. Zo blijven ze lekker warm en vallen ze niet op tussen het sneeuw en ijs, veilig voor roofdieren.

Terwijl er in heel Nederland code rood geldt, veel mensen in de file staan of gestrand zijn op vliegvelden en stations, is het code ‘wit’ op Griend. De onderzoekers op Griend gaan richting de hut, zonder enig gevaar om te stranden in een file: de dichtstbijzijnde auto is op meer dan 10 km afstand.

Zeehond 'Cactus' dit jaar weer gespot
Zeehond 'Cactus' dit jaar weer gespot

De volgende ochtend is de sneeuw helaas weer verdwenen en wordt het uiteindelijke een prachtige, zonnige dag. De sporadische buien trekken links en rechts langs Griend, maar daar blijft het droog. Na veel zeehonden langs te zijn gelopen, is ze daar dan toch uiteindelijk, Cactus!

Een andere vaste bewoner is ‘Neckless’ ('zonder nek'). Dit dier werd in 2014 voor het eerst gezien en had een wond als gevolg van een touw of net dat om haar nek zat. Onwaarschijnlijk dat dit dier het zou redden, was toen de gedachte. Toch werd ze het jaar erop gezien, het jaar daarop en ook dit jaar weer met dezelfde verwondingen. Elk jaar weet ze toch een jong groot te brengen.