Project

Add Q4 Emissiemetingen stallen voor biologisch gehouden leghennen

Uitvoeren van metingen aan stallen voor biologische leghennen wat betreft de emissie van ammoniak (NH3), geur en fijnstof (PM10)

Naar aanleiding van de resultaten van het onderzoek Veehouderij en Gezondheid Omwonenden (VGO) is de vraag ontstaan in hoeverre de emissies (vooral van fijnstof) van op biologisch gehouden pluimvee afwijken van die van regulier gehouden dieren, en zo ja hoe emissiefactoren kunnen worden vastgesteld voor de biologische sector door reeds gerapporteerde metingen, afleiden van de reguliere sector of door nog uit te voeren metingen. In het WLR rapport Vaststellen emissies biologische pluimveehouderij wordt op bovenstaande vragen ingegaan. 

Conclusie van de studie is dat (aanvullende) metingen nodig zijn. Dit projectvoorstel voorziet in de uitvoering van deze metingen. Het uiteindelijke doel van dit project is aanvullende meetresultaten aan te leveren voor het vaststellen van emissiefactoren van ammoniak, geur en fijnstof voor biologisch gehouden leghennen.

Metingen worden uitgevoerd op 2 locaties. Samen met de resultaten van de metingen uitgevoerd door Dekker et al. (2011) is er dan qua aantal metingen voldoende basis om een emissiefactor vast te stellen voor biologische leghennen in volièrehuisvesting. Daarbij is dan geen onderscheid gemaakt naar verhouding strooisel/rooster zoals nu bij de volièresystemen in bijlage 1 van de Rav.

Uitgangspunt bij het opstellen van het meetplan is dat de overdekte uitloop onderdeel is van het leefoppervlak van de dieren, dus meetelt bij het bepalen van het totaal aantal dieren dat in de stal mag worden gehouden.

De metingen worden uitgevoerd volgens de huidige geldende meetprotocollen.

Publicaties