Project

Akkerbouw bouwplan onder klimaatverandering en eiwittransitie

Bij de optredende klimaatverandering moet een bodem meer weerbaar zijn tegen droogte, wateroverlast en verandering in optredende bodempathogenen. Ook de wens voor meer vlinderbloemigen in het bouwplan (eiwittransitie en verminderde aanvoer N kunstmest), kan consequenties hebben voor de bodemgezondheid.

Welke teeltfrequenties van bijvoorbeeld uien, aardappelen, peen en vlinderbloemigen zijn onder de gegeven omstandigheden in de toekomst nog haalbaar? Welke rustgewassen moeten worden ingebouwd? Wat is het risico van een hoger aandeel vlinderbloemigen voor de bodemgezondheid en voor de huidige cash crops als uien aardappels en peen en vlinderbloemige conservengroenten als doperwt en stamslaboon?

Doel van het project

Doel van dit project is om de risico's (opbrengst en kwaliteit) van huidige en alternatieve rotaties (o.a. met hoger aandeel vlinderbloemigen) te verkennen en in kaart te brengen.

Hiervoor worden in nauwe afstemming met praktijk en advies een aantal bouwplannen/vruchtwisselingen en scenario's uitgewerkt voor de centrale zeeklei (akkerbouw), zuidoostelijk zandgebied (akkerbouw en veehouderij) en noordoostelijk zandgebied (akkerbouw veenkoloniƫn en veehouderij).

Deze scenario's worden doorgerekend op gewasopbrengsten en economische kosten en baten en resulterende bodemkwaliteit/bodemgezondheid. Risico's op extreme omstandigheden (droogte en water overlast), veranderingen in bodemkwaliteit (ondergrondverdichting, bodempathogenen) en daarmee risico's op opbrengstderving worden ingeschat op basis van literatuur en recent ontwikkelde kennis en toegepast op de verschillende vruchtwisselingen.

Het resultaat is: inzicht in risico's, kosten en baten van huidige en alternatieve bouwplannen in de context van klimaatverandering en eiwittransitie.

Publicaties