Project

Bijdr. nat. projecten aan de belevings- en natuurwaarde van het Ned.landschap

Het rijk streeft naar synergie in het natuurbeleid en kijkt daarbij nadrukkelijk naar maatschappelijke actoren. In de Rijksnatuurvisie (Ministerie van EZ, 2014) komen concepten naar voren die samenhang zoeken met andere functies, namelijk toekomstbestendige natuur, natuurinclusief en natuurcombinaties.

Deze strategie betekent dat controle over eigen projecten wordt ingewisseld voor invloed op beleidsuitwerkingen van een aanpalend departement: van controle naar invloed dus. Het bereiken van doelen via het beleid van derden vraagt om een zeer fundamentele reflectie op de relatie die overheidsinvesteringen hebben met het domein van natuur. Het vraagt ook om het delen van verantwoordelijkheden en dat is een duidelijke breuk met het verleden. Als die wordt gedeeld, ontstaan nieuwe kansen voor synergie. Er ontstaan zo wederzijdse interdependenties. Het roept de vraag op met welke strategieën is gewerkt aan natuurinclusief plannen en hoe deze evolueren onder invloed van wederzijdse afhankelijkheden en onzekerheden.

Het doel van dit project is te achterhalen op welke wijze sturingsstrategieën van het rijk hebben bijgedragen aan het al dan niet realiseren van synergie met natuur bij nationale ruimtelijke projecten.

De centrale vraag bij dit project is:

Met welke strategieën geeft het rijk de synergie tussen de Rijksnatuurvisie en de nationale projecten in de planningspraktijken vorm? Hoe ontwikkelen zich de onderlinge interdependenties in de planningspraktijken en zijn hier strategische succes- en faalfactoren in te onderkennen?

De volgende drie typen nationale projecten worden in 2015  bestudeerd:

Energie: wind op land en wind op zee; Erfgoed: Waddenzee en Hollandse Waterlinie en Landbouw: megastallen. In 2016 worden wederom verschillende typen nationale projecten bestudeerd, namelijk: Water: Deltaprogramma en Wegen:MIRT.

Publicaties