Project

Effect op de foetus

Uit recente wetenschappelijke studies komt naar voren dat het slachten van hoogdrachte dieren vaker voorkomt dan tot nu toe werdt gedacht.  Daarnaast is er geen eenduidige opvatting  over de effecten op de foetus tijdens  het verdoven  en doden van het moederdier   noch over   de daarbij behorende risicos en ongerief of hoe snel de dood intreedt bij de ongeboren vrucht.  Echter, als we er van uit gaan dat de foetus in het laatste derde deel van de dracht wel degelijk een perceptie van pijn heeft en ongerief kan ervaren, is het duidelijk dat  het welzijn van deze groep in het geding is.

Recente onderzoeksgegevens geven aan dat ook ongeboren dieren, in het laatste (derde) deel van de dracht, pijn en dus ongerief kunnen ervaren. Mede daardoor ontstaat hiervoor ook internationaal belangstelling.  Het is onbekend hoeveel drachtige dieren in Nederland worden gedood (voor slacht, of om andere redenen) en wat de reden is voor het doden van deze drachtige dieren. Ook is het is niet bekend  of er verschil is tussen verschillende methoden van doden van het moederdier op het ervaren ongerief van de foetus, of hoe snel de dood intreedt bij de ongeboren vrucht, tijdens het dodingsproces van de moeder.

In deze studie wordt geinventariseerd hoe drachtige dieren in Nederland worden gedood, hoeveel (hoog-)drachtige dieren er in Nederland worden gedood en hoe er wordt omgegaan met de foetus / ongeboren vrucht.

Publicaties