Project

Emissiereductie bioaërosolen

In een aantal regio's in Nederland is sprake van, voor Europese begrippen, erg hoge vee-dichtheden en toenemende schaalvergroting van de intensieve veehouderij. De uitbraak van grootschalige veeziektes, structurele problemen t.a.v. ruimtelijke ordening en overlast voor omwonenden, hebben geleid tot de invoering van de Reconstructiewet voor concentratiegebieden.

Doelstelling

Het doel van dit project is 1) om in kaart te brengen welke diersoorten een belangrijke factor zijn bij de uitstoot van in stalstof opgenomen bioaërosolen (mogelijk besmet met  ziektekiemen) door middel van bronmetingen aan stalgebouwen. 2) het ontwikkelen van emissiereducerende technieken en maatregelen die de uitstoot van en aërogene verspreiding van bioaërosolen en ziektekiemen uit stalgebouwen tegengaan.

Beoogd resultaat

Het resultaat van dit project is wetenschappelijk onderbouwde informatie over de omvang van de uitstoot van bioaërosolen uit stalgebouwen voor belangrijke diersoorten. Daarnaast wordt kennis ontwikkeld ten aanzien van technische maatregelen die de uitstoot van schadelijke bioaërosolen terugdringen of de ziektekiemen in de ventilatielucht elimineren. Deze kennis vergroot het inzicht in de risico's van de nabijheid van stalgebouwen voor de volksgezondheid en doeltreffendheid van technische maatregelen voor emissiereductie. Doorwerking van deze resultaten ondersteunt beleid ten aanzien van de verantwoorde balans tussen de ontwikkeling van intensieve veehouderij enerzijds en de beperking van risico's voor de volksgezondheid anderzijds.

Werkwijze

Het "Plan van aanpak voor reductie emissie ziektekiemen uit stalgebouwen" dat in het najaar van 2011 is afgerond zal worden geïmplementeerd. De bronmetingen aan stalgebouwen worden uitgevoerd aan de hand van het meetprotocol dat is opgesteld vanuit onderzoek in 2010 en 2011 naar de uitstoot van bioaërosolen uit geitenstallen. De ontwikkeling van technische maatregelen is vooral gericht op stofreductie. De effecten van reductiemaatregelen zullen modelmatig worden onderzocht.


Publicaties