Project

GKC Interactie groen onderwijs en bedrijfsleven

In de meerjarenafspraak met de Groene Kennis Coöperatie (GKC) heeft het ministerie van EL&I afgesproken dat het onderwijs gericht samenwerkt met het bedrijfsleven. In de brief van het bedrijfsleven wordt de gouden driehoek als een voorbeeld gezien vanuit het groene domein voor de topsectoren in de samenwerking tussen beleid, bedrijfsleven en kennispartners.

In dit kader hebben GKC en EL&I (DKI) behoefte aan een state of the art van de interactie tussen bedrijfsleven en onderwijsinstellingen en van de wijze waarop scholen het onderwijs aanpassen aan de actualiteit vanuit het  bedrijfsleven  (door een wisselwerking van kennis en ervaring), zodat zij tijdig in kunnen spelen op de vragen vanuit de markt.

Dit project draagt mede door benchmarking, monitoring en analyse bij aan het inzichtelijk maken van de wijze waarop praktijkervaring en kennis vanuit het bedrijfsleven het groene onderwijs beïnvloeden ten opzichte van andere onderwijstakken.

Werkwijze

  • Desk research naar beschikbare informatiebronnen (o.a. jaarrapporten, roosters etc.). Betrokkenheid van het bedrijfsleven bij het onderwijs in het groene en niet-groene domein creëren (o.a.  onderwijsinspectie, ministeries EL&I en OC&W, NVAO, Aequor, Cinop, LPC, AOC Raad, etc.).
  • Methodiekontwikkeling benchmarking op basis van bestaande methodieken desk research, inclusief criteria, voor onderzoeksaanpak (zie 3 en 4).
  • Inventarisatie en benchmarking (kwantitatief en kwalitatief) interactie bedrijfsleven en onderwijs (groen en niet-groen). Hierbij is het van belang dat de cijfers gekoppeld worden aan de reële verwachte impact.
  • Interviews/groepsgesprek voor het toetsen van de inventarisatieresultaten op de 22 groene scholen.
  • Rapportage en presentatie bevindingen en aanbevelingen aan GKC en DKI.

Resultaten

  • Ongeveer de helft van de opleidingstijd in het MBO bestaat uit beroepspraktijkvorming (bpv). Deze omvang rechtvaardigt volgens Vrieze et al (2009) de conclusie dat het bedrijfsleven een wezenlijke bijdrage levert aan het beroepsonderwijs. In datzelfde onderzoek is onderscheid gemaakt tussen de sectoren Techniek, Economie, Zorg & welzijn en Groen. Er zijn geen significante verschillen gevonden in het percentage bpv op basis van de studieduur, tussen de sectoren;
  • Geconcludeerd is dat er onvoldoende (generieke) informatie ten tijde van het onderzoek beschikbaar was om de onderzoekshypothese voor het HBO en WO te toetsen. Om dit wel te kunnen doen zal informatie moeten worden opgevraagd bij individuele scholen.