Project

Genetische basis champignon

Eetbare paddenstoelen bevatten een reeks interessante secundaire metabolieten. Traditioneel zijn deze vooral onderzocht in ‘exoten’(niet in Nederland geteelde paddenstoelen). Recent onderzoek heeft aangetoond dat extracten uit de champignon (Agaricus bisporus) ook gezondheidseffecten heeft, zoals immuun modulatie, remming tumorgroei, verlaging van glucose- en cholesterolgehalten in rattenbloed.

Champignonrassen die over de hele wereld gegeten worden zijn vrijwel allemaal nauw verwant aan elkaar. De champignon die je op je bord krijgt in Argentinië smaakt hetzelfde als die geserveerd in Australië. Daar kan wat an gedaan worden. Diverse onderzoeksinstituten, waaronder Plant Breeding Wageningen UR, hebben een uitgebreide collectie champignonlijnen die op diverse plekken in de wereld uit de natuur verzameld zijn. Voor veel eigenschappen blijken deze lijnen flink te verschillend met de bestaande rassen (o.a. opbrengst, ziekteresistentie, houdbaarheid etc.). Voor inhoudsstoffen die te maken hebben met smaak en gezondheid effecten is dat nog niet of nauwelijks bekend. In dit project is de genetische verwantschap van alle beschikbare stammen in kaart gebracht . Daarna is een selectie gemaakt van stammen die de genetische variatie van de collectie weerspiegelt. Deze selectie is geteeld op kleine schaal en de paddenstoelen worden onderzocht op:

  • Componenten die met smaak te maken hebben (nucleiotiden, mono-natrium glutamaat)
  • Smaak getest met een smaakpanel
  • Onverzadigde vetzuren

De laatste componenten zijn interessant omdat aangetoond is (Chen et al., 2006) dat champignons aromatase remmen, een enzym dat betrokken is bij estrogeenremming. Het remmen van dit hormoon is een belangrijke behandeling gericht op de terugkeer van tumoren na behandeling van borstkanker.

De resultaten gaan gebruikt worden om nieuwe champignonvariëteiten te maken met meer smaak of variëteiten die gebruikt kunnen worden als gezonde voeding.

Publicaties