Project

Groene economie

Er moet inzicht komen in de economische sectoren die afhankelijk zijn van beschikbaar natuurlijk kapitaal en welke sectoren minder goed kunnen ontwikkelen wanneer dit natuurlijk kapitaal schaars wordt.

Doelstelling

In het kader van de groene groei-strategie van de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OECD) is er behoefte een actueel overzicht van de belangrijkste functies van natuurlijk kapitaal in relatie tot de Nederlandse economie. Hierin moet duidelijk worden welke economische sectoren afhankelijk zijn van het beschikbare natuurlijk kapitaal en voor welke sectoren de verdere ontwikkeling kwetsbaar wordt in geval van schaarste. De monitor Duurzaam Nederland 2011 signaleerde namelijk dat het natuurlijk kapitaal in Nederland er slechter voorstaat dan het menselijk, sociaal en economisch kapitaal. Bij de voorbereiding van deze door de ministeries van  EL&I en I&M gewenste  studie is vooral behoefte aan inzicht in de beschikbare kennis, inclusief gegevens. 

Dit project beoogt de vraag te beantwoorden welke economische sectoren met enige omvang op een bepaalde termijn kwetsbaar zijn als het gaat om de beschikbaarheid van natuurlijk kapitaal. Deelvragen zijn :

  • Welke functies van natuurlijk kapitaal (productiefactor, opslag- en welzijnsfuncties) zijn gekoppeld aan de ontwikkeling van de Nederlandse economie?
  • Hoe ligt de relatie in Nederland tussen natuurlijk kapitaal, economische activiteiten (consumptie, productie, internationale handel) en beleid?
  • Welke sectoren zijn de komende decennia kwetsbaar voor vanwege schaarste in het natuurlijk kapitaal?
  • Wat zijn de kennisvragen bij een strategie, gericht op een groene economie waarbij het streven naar welvaartsgroei niet ten koste gaat van de kwaliteit van de leefomgeving?
  • Wat is op dit moment bekend en wat zou nog uitgezocht moeten worden?

Beoogd resultaat

  • De resultaten van de studie worden in een rapport vastgelegd. Dit rapport wordt gepresenteerd in een workshop in een interdepartementale bijeenkomst, aangevuld met vertegenwoordigers uit onderzoek, planbureaus en CBS en in april afgerond.
  • De voorstudie dient als input voor een mogelijke opdracht aan de planbureaus.

Werkwijze

Een beknopte literatuurstudie wordt uitgevoerd, waarbij de nadruk ligt op de huidige stand van kennis en waar mogelijk wordt een kwantitatieve onderbouwing gegeven. Kennisvragen van onderzoek zijn:

  • Hoe kun je de kwetsbaarheid in de relatie tussen natuurlijk kapitaal en economie definiĆ«ren? Het natuurlijk kapitaal omvat land, natuur, klimaat, energie en kwaliteit van bodem, water en lucht. Een definitie van kwetsbaarheid kan op verschillende uitgangspunten worden gebaseerd. De belangrijkste definities en uitgangspunten zullen worden geformuleerd.
  • Wat zijn de belangrijkste activiteiten en handelsstromen in de Nederlandse economie en waar zitten kwetsbaarheden in het natuurlijk systeem voor Nederland? Hoe is onze economie en welzijn mede afhankelijk van natuurlijk kapitaal en hoe stabiel zijn de stromen? In eerste instantie is er vooral aandacht voor de grootste sectoren. Dit kan vanuit een sectorale invalshoek zijn of vanuit natuurlijk kapitaal.
  • Wat zijn belangrijke maatschappelijke en demografische trends die stromen in het natuurlijk kapitaal de komende decennia kunnen bepalen? Bij belangrijke maatschappelijke trends ondermeer aandacht voor behoefte aan rust als gevolg van vergrijzing, energiebehoefte.
  • Hoe sluiten eerdere langetermijnverkenningen zoals de studie Welvaart en Leefomgeving (WLO) (CPB, MNP, RPB) en het World Scan model (van CPB) aan bij deze inzichten? Sluiten deze langtermijnverkenningen (qua vraagstelling, aanpak en analyses) aan bij de inzichten uit de voorstudie. Daarbij aandacht voor vragen als 'wat gaat er de komende decennia gebeuren' naast vragen als 'hoe kan het beter'?

Naast een overzicht van relevante rapporten van de planbureaus (CPB, SCP, PBL), wordt ook met CBS overleg gevoerd over de beschikbare gegevens (onder andere uit een recent monitoringsrapport over duurzaamheid en Nederland). Een concept rapport van de voorstudie wordt in de eerste helft van maart 2012 in een bijeenkomst besproken. Eind maart wordt de voorstudie met de publicatie afgerond.