Project

Hollandse aal fase 1; vermeerdering Europese aal

De Europese aalpopulatie is sinds de jaren 70 sterk afgenomen en aal staat tegenwoordig op de IUCN rode lijst als critically endangered. De huidige aalkwekerijen zijn nog altijd afhankelijk van in het wild gevangen jonge glasaal die wordt opgekweekt tot marktwaardige aal. Er is met de huidige aalverordening slechts een beperkte hoeveelheid glasaal beschikbaar voor de aquacultuur en bovendien bestaat er maatschappelijke zorg over het gebrek aan duurzaamheid.

Het uiteindelijke doel is om een succesvolle voortplanting van Europese aal te bewerkstelligen. Succesvolle vermeerdering kan de aquacultuur voorzien van pootgoed en loskoppelen van de visserij om zodoende zowel een duurzaam natuurlijk bestand als duurzame aquacultuur te creëren. Daarmee wordt bijgedragen aan een essentiële verduurzaming van de kweek van de belangrijkste vissoort voor de Nederlandse aquacultuur, waardoor de sector zijn groeimogelijkheden kan herwinnen en de waarde van de bedrijven kan stijgen. Bovendien levert het project kennis op waarmee doorbraken geforceerd kunnen worden voor andere, voor de Nederlandse aquacultuur belangrijke, maar lastig te reproduceren soorten als tong, tarbot en snoekbaars.

Binnen dit project is een eerste stap gezet in dit traject door feminisatie van glasaal voor het creëren van toekomstig uitgangsmateriaal; het conditioneren van ouderdieren door optimale voeding voor hoge ei-kwaliteit en gesimuleerde migratie, en het volledig tot rijping laten komen van ouderdieren  die vervolgens tot reproductie worden gebracht. Eventuele larven die hieruit volgen worden opgekweekt zodat systeemaspecten kunnen worden geoptimaliseerd en ontwikkelde diëten worden getest.

Publicaties