Gedrag van humaan pathogene bacteriën in groenteteelt

Project

KV 1406-105 Gedrag van humaan pathogene bacteriën in groenteteelt onder veldomstandigheden

Recente uitbraken van humaan pathogenen (met name E. coli O157 en O104 EHEC-, Salmonella, Listeria en Campylobacter) in vers-geconsumeerde groenteproducten (blad en spruitgroenten en vruchten) duiden op contaminaties op kritieke punten in primaire groenteproductieketens. Controle op uitgangsmaterialen (zaad) op aanwezigheid van humaan pathogenen, met name EHEC, wordt dus belangrijk.

Het doel van dit initiatief is om basis-leggende kennis te vergaren waarmee procedures kunnen worden ontwikkeld/ verbeterd om zaadpartijen betrouwbaar te toetsen op afwezigheid van humaan pathogenen, met name EHEC. In de aanpak van het onderzoek zullen antwoorden worden gezocht op vragen over: (i) hoe humaan pathogenen in zaad terecht kunnen komen, (ii) op welke locaties ze kunnen voorkomen in het zaad en (iii) welke meetmethoden het meest betrouwbaar zijn om ze te kunnen detecteren. Antwoorden op deze vragen zijn nodig om goede procedures te kunnen ontwikkelen om humaan pathogenen in zaden te deactiveren, d.m.v. afdoden of zodanig te verzwakken dat ze niet meer tot infectie instaat zijn.

Kennis over microbiële contaminaties in de primaire productie omgeving is nog onvoldoende aanwezig om ziekte uitbraken ten gevolge van consumptie van verse producten volledig te kunnen beheersen. Daarvoor is nog onvoldoende bekend over de belangrijkste transmissie routes van humaan pathogenen naar verse producten. Belangrijke routes van humaan pathogenen naar planten zoals mest, water  en menselijke handelingen zijn weliswaar bekend, maar er zijn mogelijk ook nog onbekende besmettingsroutes en één daarvan is zaad (uitgangsmateriaal).

Dit onderzoek richt zich op het vóorkomen van humaan pathogenen, na besmetting, in planten en de mogelijkheid tot besmetting van zaad. Het doel is het opstellen van een kennisconcept over het vóorkomen van humaan pathogenen in planten, met betrekking tot locatie in de plant, dynamiek en mogelijkheid tot internalisatie. De doelstelling van de huidige PPS226 willen wij uitbreiden met een veldstudie met kunstmatig geïnfecteerde planten. Omstandigheden in open velden zijn zodanig variabel dat één op één vertaling van gegevens verkregen uit gecontroleerde omgevingen in de kas en klimaatcel (wordt nu onderzocht in de huidige PPS226)) naar realistische veldomstandigheden (voorgesteld in aanvullend onderzoek) niet te maken zijn.  Met deze fundamentele kennis verwachten wij een verhoging van het kennisniveau van de betrokken bedrijven te bereiken.

Op basis van dit kennisconcept kan er adequater worden gereageerd  tijdens uitbraken, kunnen detectietechnieken beter worden ingezet om productieketens te borgen, via tracking en tracing, en kunnen er gerichtere agronomische maatregelen genomen worden om besmettingen met humaan pathogenen in vers-consumeerbare producten te voorkomen.  Dit zal uiteindelijk moeten leiden tot 1) een verhoogde perceptie van veiligheid bij consumenten en dus blijvend vertrouwen in verse producten, 2) minder ziekte uitbraken ten gevolge van besmetting van verse producten, en 3) verbeterd kennismodel op het gebied van ecologie en aanpassing van humaan pathogenen aan de primaire productie omgeving.

Publicaties