Knuttensurveillance

Project

Knuttensurveillance

Bluetongue en Schmallenberg virus lijken in de afgelopen jaren beide in het grensgebied tussen Duitsland, Nederland en België te zijn geïntroduceerd. In beide gevallen is er geen introductieroute geïdentificeerd, maar het lijkt erop dat er door veranderingen in de omgeving, in de vectoren of door een systematische, onbekende introductieroute via personen of goederenverkeer omstandigheden zijn ontstaan die introductie van exotische arbovirussen mogelijk maken. Er is naar onze mening een gerede kans dat er in de toekomst nieuwe, emerging (dier)ziekten die veroorzaakt worden door arbovirussen, in dit zelfde gebied geïntroduceerd gaan worden. Daarnaast is er de ervaring dat arbovirussen zich na introductie in een naïeve populatie snel verspreiden zodat detectie, relatief snel kan plaatsvinden via peilstations van aanwezige vectorsurveillance (relatief ongeacht hun locatie).

Een belangrijke beleidsvraag die dan altijd gesteld zal worden is of er een vector te vinden is die geïnfecteerd is met het virus, en zo ja, of dit een competente vector is voor het virus. Het is van belang om een continue knuttensurveillance te vestigen in Nederland omdat je de vinger aan de pols wilt houden of er verschuivingen in de tijd plaats vinden m.b.t. de onderlinge verdeling van knuttensoorten. Deze informatie is onder meer van belang voor input voor b.v. het transmissiemodel van Afrikaanse paardenpest dat de afgelopen jaren ontwikkeld is.

Doelstelling: opzetten van knuttensurveillance op een rundvee-, schapen- en paardenhouderij in Nederland om (retrospectief) snel te kunnen inspelen op een introductie van een emerging vector-borne dierziekte, waarbij zowel virologische als entomologische vragen beantwoord kunnen worden.

Beoogde resultaten: bepalen van distributie(verschuivingen) in knuttenpopulaties op 3 verschillende landbouwhuisdierlocaties in verschillende jaren. Wanneer er introducties van een nieuwe, emerging dierziekte worden gemeld in de buurlanden, verhoogde surveillance uitvoeren en knutten (naar subspecies gedetermineerd) kunnen aanbieden voor laboratoriumdiagnostiek om het virus te kunnen aantonen in specifieke knuttensoorten.

Publicaties