Project

Leefgebieden en ecosysteemdiensten

Dit project evalueert de effectiviteit van beleid voor actieve bescherming van soorten volgens de Leefgebiedenbenadering (LGB).

Op basis van rapportages van afgeronde leefgebiedprojecten worden hiervoor de volgende vragen beantwoord:

  • welke inspanningen zijn tot nu toe verricht? Welke (groepen van) soorten betrof dat? Welke daarvan waren soorten van de Vogelrichtlijn, Habitatrichtlijn en Conventie van Bern?
  • Wat hebben deze inspanningen opgeleverd?
  • Welke factoren zijn afzonderlijk of in combinatie succesvol gebleken?

Met de ondertekening van de Conventie van Bern in 1979 en het Biodiversiteitsverdrag in 1992 heeft Nederland zich gecommitteerd aan een adequate bescherming van alle bedreigde soorten op haar grondgebied en het verbeteren en behouden van hun gunstige staat van instandhouding. De Ecologische Hoofdstructuur en het Natura 2000-netwerk zijn belangrijke ingredi├źnten van het natuurbeleid voor een duurzame bescherming van de biodiversiteit. In aanvulling hierop is een beleid voor actieve bescherming van soorten ontwikkeld. Sinds 2007 is gekozen voor een ge├»ntegreerde aanpak: de LGB. Kern hiervan is:

  •  een overstap van individuele soorten van planten en dieren naar leefgebieden met groepen van soorten
  •  een gebiedsgerichte aanpak en integratie van soortenbeleid in ander beleid, instrumenten en maatregelen
  •  een verbreding van verantwoordelijkheden: naast het Rijk werken ook provincies, natuurbeherende organisaties gemeentes, waterschappen, particulieren en het bedrijfsleven mee aan de bescherming van soorten

Aanpak en tijdspad

Het onderzoek kent meerdere fasen:
  • het bijeenbrengen en ordenen van basismateriaal
  • een analyse van feitelijke inspanningen
  • een analyse van het effect op (groepen van) soorten
  • het opstellen van criteria voor de beoordeling van gerealiseerde functiecombinaties (ecosysteemdiensten) en juridische ruimte
  • een analyse van het effect op ecosysteemdiensten
  • een analyse van het effect op juridische ruimte voor economische ontwikkeling
  • synthese: een analyse en discussie van factoren die hebben bijgedragen aan het succes van leefgebiedprojecten (aantalsontwikkeling en landelijke staat van instandhouding Vogelrichtlijn- en Habitatrichtlijnsoorten, ecosysteemdiensten, juridische ruimte)

Alterra van Wageningen UR voert het project uit. GAN (Gegevensautoriteit Natuur) en CBS (NEM) worden benaderd voor het aanleveren van aanvullende soortgegevens.

Resultaten

Tijdens het bijeenbrengen van het basismateriaal (fase 1) kwam naar voren dat er twee categorieen LGB-projecten zijn geweest: a) rechtstreeks door EZ gefinancieerde projecten (periode 2007-2009; 80-projecten) en b) met ILG-gelden gefinancieerde projecten (periode 2010-2011; naar schatting 60 projecten). Van de laatste categorie van projecten was bij EZ geen projectdocumentatie voorhanden, waardoor de geplande vervolgfasen van het project grotendeels niet konden worden uitgevoerd.

Met de opdrachtgever is afgesproken dat eerst in overleg met de provincies getracht zal worden het daar aanwezige basismateriaal boven water te krijgen, alvorens vervolgfasen van het project uit te voeren. Een evaluatie van de Leefgebiedenbenadering op basis van alleen de EZ-projecten werd ook door de opdrachtgever als weinig zinvol beschouwd. Het project zal in 2013 worden voortgezet, zodra de medewerking van de 12 provincies bij de dataverzameling is verkregen en de benodigde financiering is geregeld.

Overigens is voor de 80 EZ-projecten al een begin gemaakt met de dataverzameling en analyses en is de te volgen methodiek voor de evaluatie verder uitgewerkt (zie verder onder Aanpak en tijdspad).