vis scrubben

Project

Monitoring contaminanten in Nederlandse vis en visserijproducten

Om een goede inschatting te kunnen maken van de voedselveiligheid van vis en visserijproducten is de monitoring van contaminanten belangrijk. Met de resultaten kan de doelgroep snel en flexibel van advies worden voorzien. Er wordt onderzoek gedaan aan aal en wolhandkrab, maar ook zeevis. De gegevens zijn ook van belang voor de export van vis en visproducten.

Doelstelling

Doelstelling van dit project is de monitoring van de voedselveiligheid van vis en visserijproducten ten aanzien van milieucontaminanten als (zware) metalen, bestrijdingsmiddelen, dioxines, dioxineachtige (dl-) en niet-dioxineachtige PCB’s, gebromeerde vlamvertragers (BFR’s) en perfluoralkyl stoffen (PFAS’s). Een tweede doel is het uitvoeren van Europese verordeningen die betrekking hebben op de controleprogramma’s voor voedselveiligheid en export.

Werkwijze

Het project is onderverdeeld in monitoringsprojecten, surveys en een adviseringsproject: 1) Rode aal; 2) Wolhandkrab; 3) Nederlandse vis en visserijproducten; 4) Monitoring kabeljauwlever en 5) Advisering aan beleidsmakers; 6) Speciatie van arseen; 7) Nieuwe vlamvertragers in vis en wolhandkrab

  1. Op een aantal locaties wordt (rode) aal gevangenen en geanalyseerd op dioxines, PCB’s en zware metalen. Trends in gehalten worden vastgesteld aan de hand van data van voorgaande jaren.
  2. Wolhandkrab wordt bemonsterd op enkele locaties. Deze monsters worden biologisch gekarakteriseerd en vetgehalte, dioxines, dl-PCB’s en ndl-PCB’s worden bepaald.
  3. Voor de monitoring visserijproducten worden circa 25 monsters van verschillende (kweek)vis en schaal- en schelpdiersoorten onderzocht. Deze zijn met name bemonsterd uit de Nederlandse zoute wateren. De monsters worden geanalyseerd op anorganische en organische micro-contaminanten. Daarnaast worden monsters gescreend met bioassays om aanwijzingen te krijgen van andere contaminanten.
  4. Kabeljauwlever wordt bemonsterd in de Noordzee op drie locaties. Elke 5 jaar worden alle verzamelde monsters onderzocht en wordt gekeken naar mogelijke trends.
  5. Vanuit dit project wordt geadviseerd van verschillende partijen over aan voedselveiligheid en export gerelateerde zaken ten aanzien van chemische contaminanten in vis en visserijproducten.
  6. Naast genoemde contaminanten wordt ook gekeken naar nieuwere stofgroepen die nog niet gereguleerd zijn, zoals vlamvertragers en perfluorverbindingen, maar ook de verschillende verschijningsvormen van bepaalde metalen. Zo kent arseen diverse toxische en niet-toxische vormen. Speciatie helpt het onderscheid te maken tussen beide.

Projectresultaat

De rapportage vindt plaats in de vorm van rapporten en databases. Rapporten bevatten informatie over de monstername, de herkomst van de monsters, de biologische karakterisering van de monsters, de uitgevoerde analyses en de verkregen resultaten, mede in vergelijking met eerdere resultaten. Tevens wordt een discussie toegevoegd om de resultaten in de (internationale) context te plaatsen. Meetgegevens worden ook aangeleverd aan nationale contaminant databases (o.a. KAP en t.b.v. kaderrichtlijn water en marien) en via KAP naar de EFSA gestuurd die deze data van de lidstaten gebruikt voor risicobeoordelingen.

Publicaties