Project

NVWA Nationaal Plan Diervoeders

Jaarlijks wordt het Nationaal Plan Diervoeders opgesteld voor het onderzoek op ongewenste stoffen, oftewel contaminanten, en toevoegingsmiddelen in diervoeders.

De Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) stelt het plan op, dat de aard en de frequentie van de controles omschrijft. Het plan is zo veel mogelijk gericht op risico-gebaseerde monitoring. De NVWA neemt op basis daarvan monsters diervoeders en diervoedergrondstoffen. Vervolgens worden deze monsters onderzocht door onderzoekers van het RIKILT Wageningen University & Research. Het RIKILT geeft de analyseresultaten door aan de NVWA. Ook verzamelen en ordenen de onderzoekers de monitoringsresultaten zodanig dat ze klaar zijn om in te voeren in de databank van het Kwaliteitsprogramma Agrarische Producten (KAP). Bovendien is er controle op de gegevens die de databank verstrekt aan de European Food Safety Authority (EFSA).

Aanpak

In het najaar stelt de NVWA, in samenspraak met RIKILT, het Nationaal Plan Diervoeders voor het volgend jaar op met hierin onder andere weergegeven de aantallen monsters per diervoeder(grondstof), de locatie waar deze producten moeten worden bemonsterd en de contaminant(en) en/of additieven waarop deze producten moeten worden onderzocht. Vervolgens worden er afspraken gemaakt over onder andere de rapportagetermijnen van de monsters.

Resultaten

  • Analyseresultaten, welke elektronisch aan de NVWA worden gerapporteerd. Op verzoek van de NVWA kan ook met een analyserapport gerapporteerd worden. Bij normoverschrijdingen die betrekking hebben op diervoederveiligheid wordt direct gerapporteerd (per e-mail).
  • Maandelijks wordt een overzicht van de aangetroffen norm-overschrijdingen en interessante bevindingen aan de NVWA gerapporteerd.
  • De binnen dit project verzamelde data worden digitaal en in het juiste format aan KAP en EFSA aangeleverd

Publicaties