gras

Project

Onderzoeksagenda innovatieve verdienconcepten met bermgras

Het Rijk streeft naar een grotere bijdrage van biomassa aan duurzame energie en een biobased economy. De grootste kansen liggen bij organische stromen die nu nog overwegend afvalstoffen zijn, structureel niet geoogst worden of een zeer laagwaardige toepassing hebben. Bermgras is hier een voorbeeld van, evenals gras afkomstig van andere niet-landbouwtoepassingen zoals uit bepaalde natuurgebieden, openbaar groen en langs watergangen. Veel bermen worden beheerd door overheden (Rijk, provincies, gemeenten, waterschappen). Momenteel maken deze instanties hoge kosten voor de oogst en verwerking van het vrijkomende maaisel. Lang geleden werd het gras al nuttig gebruikt, maar sinds de oorlog is dit steeds moeilijker geworden. Nu wordt gras soms niet afgevoerd (klepelbeheer/gazonbeheer). De winning van biomassa uit natuurgebieden wordt beperkt door de hoge kosten.

Doelstelling

Een betere benutting van biomassa kan leiden tot kostenbesparing voor beheerders en op termijn inkomsten. Ook levert het een bijdrage aan het natuurbeheer.Het kan een voorbeeld zijn van ondernemen met natuur. Transitie naar biobased economy is een belangrijk keerpunt. Geproduceerde biomassa moet waar mogelijk hoogwaardig in een duurzame kringloop worden ingezet. Dit biedt kansen voor natuur- en bermgras en de producenten daarvan, maar ook voor innovatieve ondernemers die met de opwerking van deze grondstof hun brood willen verdienen.

Doel is het ontwikkelen van een onderzoeksagenda voor niet-landbouwmaaisel (natuurgras, bermgras en gras van openbaar groen met uitzondering van slootmaaisels).

Deze onderzoeksagenda wordt opgesteld samen met vertegenwoordigers van de sector, betrokken bij de ketens van verwerking.

Doel is voor de meest relevante ketens van verwerking na te gaan welke criteria deze verwerkingsroutes aan de maaisels stellen, wat daarover reeds bekend is en wat we nog niet weten.

Resultaten

  • De meest relevante verwerkingsroutes voor gras (natuurgras, bermgras en gras van openbaar groen m.u.v. slootmaaisels).
  • De criteria die deze verwerkingsroutes stellen aan gras.
Voor maximaal drie gekozen verwerkingsroutes bevat de rapportage:
  • Een overzicht van de relevante eigenschappen van het gras (waardegevende bestanddelen, lastige stoffen,  zoals zware metalen, zwerfvuil)
  • Een overzicht van wenselijke logistieke stappen in deze verwerkingsroutes.
  • In beeld brengen welke data nog ontbreekt voor relevante eigenschappen.
  • Een classificatie van maaisels.
  • Een gewenste onderzoeksagenda, gericht op de mogelijkheid van een 'green deal' .

Werkwijze

Het onderzoek bestaat uit twee fasen:

Fase 1: Vraagarticulatie

Is een relatief korte fase voor de vraagarticulatie, bestaande uit een kick-off bijeenkomst (fase 1a) en een overleg met de opdrachtgever (fase 1b).

Fase 1a: Kick-off bijeenkomst

Gestart wordt met een kick-off bijeenkomst (KOB) om een duidelijk focus van de onderzoeksvraag te krijgen. Bij de formulering van het onderzoeksvoorstel bleken er zeer verschillende beelden te leven over wat nodig is. Deze KOB kan de uitwerking in fase 2 duidelijk sturen. Voor de KOB wordt op uitnodiging een selecte groep deskundigen en stakeholders uitgenodigd. Doel van de KOB is een zo mogelijk breed gedragen advies aan de opdrachtgever.

Publicaties