Project

Pcycles

Nitrogen (N) and phosphorus (P) are essential elements for life, but inefficient use, associated with losses of N and P to the air (only N) and water (N and P), causes various environmental problems, including: (i) loss of biodiversity, due to eutrophication and acidification of terrestrial and aquatic ecosystems, (ii) negative impacts on human health, due to groundwater contamination by nitrate leaching and to secondary particles induced by ammonia emission and (iii) contribution to the global greenhouse effect through the emission of nitrous oxide. In addition, unused N and P in our food end up in the sewer via human excrements and disappear from the cycle via incineration of sewage sludge, at the cost of energy use for chemical N fixation and depleting the earth rock-phosphate pool. In a previous project, we made a first evaluation of different options to close the P-cycle with the related costs. In this project we aim to study the effectiveness of different options to close the N and P-cycle across farm and regional scale, while also accounting for the related effects on the C cycle and the emissions of greenhouse gases (GHG). Note in this context that the N cycle cannot be fully closed, due to inevitable losses by ammonia emission, denitrification and nitrate leaching. It would be better to say reducing N and P leakages up to an environmentally acceptable level, but for sake of convention we keep the wording closing the N and P cycle.

In dit project willen we de effectiviteit van verschillende opties bestuderen om de C, N en P-cyclus op boerderij- en regionale schaal te sluiten en nagaan wat de effecten van deze opties op de nationale N en P stromen zijn. De nadruk ligt op een evaluatie van kosteneffectieve opties voor het sluiten van de N- en P-cyclus door: (i) verhoogde N- en P-gebruiksefficiƫnties van grond naar gewas en van voedergewas naar dier en (ii) verbeterde recycling van P in slib om daarmee de P verspilling tegen te gaan, (iii) terugwinning van N en P uit mest en overige organische meststoffen (zoals compost en slib), inclusief export van N en P meststoffen die daarbij worden geproduceerd en (iv) veranderingen in dieet. De evaluatie zal worden gekoppeld aan de gerelateerde stromen van koolstof (C), beschikbaar in mest en slib, door de effecten van verschillende opties op de C-bodembalans te beoordelen. De evalutie vindt plaats door rekening te houden met de gewenste politiek om het organische koolstofgehalte in de bodem op peil te houden en bij voorkeur te laten toenemen met het oog op koolstofvastlegging (4 promiel initiatief). Naast C, N en P, zullen de verschillende maatregelen ook worden geƫvalueerd in termen van totale broeikasgasemissies (CO2, CH4 en N2O) vanuit stallen, mestopslagen en bodems in de Nederlandse landbouw. Emissies door mest verwerking, mest transport en machinegebruik worden niet meegenomen.

Publicaties