Project

Regional partnerships

Regionale partnerships spelen al vanaf de start van het Nederlandse natuurbeleid een belangrijke rol bij de uitvoering van het beleid. In dit project staat de rol van deze partnerships centraal als cruciaal instrument voor beleidsimplementatie maar ook als vorm van zelforganisatie en bron voor beleidsvernieuwing.

De rol van regionale partnerships in het Nederlandse natuurbeleid is niet alleen heel duidelijk maar ook in verandering. Halverwege de jaren negentig ontstonden verschillen nieuwe vormen van gebiedsgericht beleid (ROM, WCL, reconstructie) waarin natuurbeleid veelal werd ingebed in bredere processen van plattelandsontwikkeling en interactieve beleidsvorming. Deze ontwikkelingen hangen sterk samen met nieuwe sturingsvormen als netwerkmanagement. Natuurbeleid, opgesteld vanuit een soort blauwdruk denken, werd zo in feite regionaal heronderhandeld, verbonden aan andere maatschapppelijke opgaven en ook implementeerbaar gemaakt.

New Public Management

Sinds de decentralisatie in 2010 (en ook al in de voorloper ILG) heeft de sturingsfilosofie echter meer elementen vanuit het New Public Mangement gekregen met de nadruk op contracten, prestatie-indicatoren en regionale partnerships die vooral zouden moeten dienen als uitvoeringsinstrument van overheidsbeleid. Denk bijvoorbeeld aan de agrarische collectieven (uit het agrarisch natuurbeheer) of de uitvoeringscontracten in Noord-Brabant (met bv Stichting Markdal, Ark of Brabants landschap) of de partnercontracten in Limburg.

Onderzoeksvragen

In dit project gaan we in op deze ontwikkeling en achterliggende vragen, zoals wat zijn de gevolgen van deze ontwikkelingen voor de regionale partnerships, voor de uitvoering van het natuurbeleid en de legitimiteit daarvan? En: Kunnen de regionale partnerships wel dienen als alleen uitvoerder van beleid of zijn ze achter de schermen veel meer dan dat?  

 

Publicaties