Methaanoxidatie; 3 technieken reductie methaan bij externe mestopslagen

Project

SV Methaanoxidatie; drie verschillende technieken getoetst op reductie potentieel bij externe mestopslagen

De wereld kampt met klimaatverandering en een stijgende temperatuur. De grootste oorzaak hiervan is de toegenomen uitstoot van broeikasgassen, zoals C02, (kooldioxide), CH4 (methaan) en N20 (lachgas). Op massabasis heeft methaan heeft een 28x groter effect dan C02 op de klimaatverandering. Rundvee en opgeslagen mest zijn de belangrijkste bron in Nederland van methaan.

Opgeslagen mest wordt in het voorjaar en de zomer uitgereden over het land. Tijdens de opslag produceert de mest continu een hoeveelheid biogas, bestaand uit methaan (ca. 60 vol%), C02 (ca. 40 vol%) en een kleine concentraties vocht, H2S (waterstofdisulfide) en NH3 (ammoniak).

Oxideren van biogas

In de zomer wordt meer biogas geproduceerd dan in de winter. Een mogelijkheid om de methaanemissie van mestopslagen te verminderen, is door het te oxideren. Dit kan door het thermisch te oxideren (affakkelen of verbranden) of door biologische afbraak met behulp van methanotrofe bacteriën. In beide gevallen, zowel bij thermische oxidatie als bij biologische oxidatie, wordt CH4 omgezet in C02 Aangezien 1 kg CH. wordt omgezet in 2,75 kg C02, kan uitgerekend worden dat de broeikasgasimpact daardoor met een factor 10 wordt gereduceerd.

Minder methaan uit opslag drijfmest

Dit project richt zich op het terugdringen van de methaanemissie uit externe mestopslagen (dus mestopslagen buiten de stal) voor drijfmest. Hiertoe wordt onderzoek uitgevoerd op een aantal pilot­ locaties waarbij verschillende technieken worden onderzocht en gedemonstreerd.  

Drie technieken testen

De doelstelling van het onderzoek is om vast te stellen welke methaanemissiereductie kan behaald worden met behulp van drie methaanoxidatietechnieken: ondergronds biofilter (bodemfilter), bovengronds biofilter en thermische oxidatie. Tevens is het doel om ervaring op te doen met deze technieken wat betreft (optimalisatie van) ontwerp, procescontrole en robuustheid.

Daarnaast wordt de kosteneffectiviteit van deze technieken bepaald ( per ton vermeden emissie van CO2-eq.) en worden de praktische en maatschappelijke aspecten onderzocht die samenhangen met toepassing van deze technieken (maatschappelijke acceptatie, vergunningverlening, explosierisico's).

Stallucht valt buiten dit project

Het behandelen van stallucht, met een 1.000 tot 100.000 lagere concentratie methaan (5 · 100 mg/ m3) middels bovengenoemde technieken wordt vooralsnog niet haalbaar geacht (Dijk et  al., 2012, Meise  & Van der Werf, 2005) en is daarom in dit voorstel niet opgenomen.  

Partners in dit project

Het projectplan wordt in samenwerking tussen Wageningen Livestock Research (WLR), Schuttelaar en partners (S&P), Oonkay en LTO-projecten uitgevoerd.  

Publicaties