Project

Welzijn gezelschapsdieren

Vanuit het Europese hof van justitie is in 2008 de eis gekomen dat het aanwijzen van dieren die wel of niet als huisdier gehouden mogen worden, moet gebeuren op basis van objectieve, voor de houder niet discriminerende criteria.

Om hieraan te kunnen voldoen is in opdracht van het ministerie van EL&I een systematiek ontwikkeld voor het opstellen van een positieflijst (lijst met dieren die wel gehouden mogen worden). Deze lijst moet getoetst worden voor zoogdieren en eventueel aangepast worden. Ook voor andere diercategorieën zullen positieflijsten ontwikkeld moeten worden. Binnen dit project is het ook van belang dat er een onderhouds- en communicatie traject wordt vastgesteld.

Aanpak en tijdspad

In 2010 en 2011 is al een begin gemaakt aan dit project. Een inventarisatie van de gedragsbehoeftes van een groot aantal zoogdieren in hun natuurlijke omgeving is daarom al beschikbaar. In 2011 werd een enquête gehouden onder particulieren waarin gevraagd werd naar onderwerpen als huisvesting, voeding, gedrag en gezondheid. Dierenartsen zullen deze informatie aanvullen met informatie over gezondheidsproblemen bij gehouden diersoorten. Op basis van deze informatie zal een brede groep deskundigen per diersoort vaststellen wat het welzijnsrisico is wanneer deze gehouden gewordt en een advies uitbrengen of dit dier op de positieflijst hoort of niet. Na 2012 zal dit herhaald worden voor andere (niet zoog)diersoorten.

Resultaten

Het belangrijkste resultaat van dit project is de positieflijst voor zoogdieren. Daarnaast zijn de update van de systematiek om te beoordelen of een diersoort op de positieflijst mag, een rapport met resultaten van de enquête naar gehouden diersoorten en afspraken over toekomstig beheer en onderhoud van de database ook resultaten van dit project.